Home

Hoge Raad verklaart ook ‘gerepareerde’ belasting op vermogen onwettig

Staatssecretaris Marnix van Rij van Fiscale Zaken heeft donderdag zijn nachtmerriescenario werkelijkheid zien worden. De Hoge Raad heeft in een nieuw arrest ook de tijdelijke belasting op vermogen, die momenteel als noodoplossing fungeert, afgekeurd.

De Belastingdienst zal nu miljoenen belastingaanslagen voor meerdere jaren individueel opnieuw moeten beoordelen om het werkelijke rendement vast te stellen. Dit betekent een enorme aanslag op de al zeer krappe mankracht van de dienst, en zal de overheid waarschijnlijk miljarden euro's aan ‘herstelbetalingen’ kosten. Dit is meteen ook weer een forse nieuwe financiële tegenvaller voor de nieuwe coalitie. Die kijkt al voor aanvang van de regeerperiode tegen een nieuw begrotingsgat aan.

De Hoge Raad heeft donderdagochtend een lang verwacht oordeel geveld in vijf rechtszaken die vermogende Nederlanders hebben aangespannen tegen de staatssecretaris van Financiën. Dit zijn mensen die over een aanzienlijke som ander vermogen dan spaargeld beschikken, zoals tweede huizen en beleggingsportefeuilles. Zij betalen in veel gevallen nog steeds te veel belasting, oordeelt de Hoge Raad.

Over de auteur
Yvonne Hofs is politiek verslaggever van de Volkskrant en schrijft over financiën, economische zaken en landbouw, natuur en visserij.

Volg alles over de kabinetsformatie hier.

Op 24 december 2021 verwees de Hoge Raad de vermogensrendementsheffing (belastingbox 3) naar de prullenbak, omdat de Belastingdienst spaarders en beleggers belasting liet betalen over een fictief rendement dat in veruit de meeste gevallen hoger was dan het werkelijke rendement dat de spaartegoeden en beleggingen van deze belastingplichtigen hadden opgebracht.

Volgens de Hoge Raad schendt de Nederlandse overheid hiermee het discriminatieverbod uit het Europees mensenrechtenverdrag en maakt zij ook inbreuk op het eigendomsrecht uit dat verdrag. De Hoge Raad veroordeelde het kabinet daarom tot ‘herstelbetalingen’. De Belastingdienst moest alle aanslagen opnieuw berekenen en de te veel geïnde belasting terugbetalen.

Staatssecretaris Van Rij moest samen met zijn ambtenaren snel een alternatief bedenken voor de afgekeurde Box 3-belasting. Het kabinet wil op termijn het werkelijke rendement op vermogen gaan belasten, maar die ‘ideale’ oplossing is erg ingewikkeld om te implementeren en kan pas in 2027 of 2028 worden ingevoerd.

Als tussenoplossing gaat de Belastingdienst nu uit van een laag fictief rendement voor spaartegoeden enerzijds en een hoger fictief rendement voor andere beleggingen. Deze Box 3-belasting had van kracht moeten blijven totdat de belasting op werkelijk rendement wordt ingevoerd.

De Hoge Raad veegt nu ook deze oplossing van tafel. Het huidige fictieve rendement op spaartegoeden is fair, vinden de rechters. Voor spaarders is de tussenoplossing dus adequaat. Maar omdat de rendementen op aandelen, obligaties en andere vermogenstitels enorm van elkaar verschillen, worden minder succesvolle beleggers (zij die bijvoorbeeld in een bepaald jaar verlies maken op hun beleggingen) onevenredig benadeeld. De tussenoplossing van Van Rij is voor deze groep dus nog steeds discriminerend, vindt de Hoge Raad.

De Hoge Raad legt de verantwoordelijkheid om aan te tonen dat het werkelijk rendement op hun beleggingen lager was dan het fictieve rendement waar de Belastingdienst de aanslag op baseerde, wel bij de belastingplichtige. Beleggers die zich benadeeld voelen, moeten dus zelf om herziening van hun aanslag vragen bij de Belastingdienst. Maar de Belastingdienst moet al die bezwaren vervolgens wel individueel bekijken en beoordelen, en dat kost waarschijnlijk ontzettend veel capaciteit. Van Rij heeft daar eerder in Kamerbrieven al voor gewaarschuwd. Hij voorspelde eerder dat een negatief oordeel van de Hoge Raad de schatkist tot wel 4 miljard euro kon kosten.

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next