Elastiekjes in de maag van ooievaars, verdwenen jonge zeearenden: steeds staat de mens in het beklaagdenbankje.
Voor Henk en Ingrid mag dan de zon gaan schijnen, Ruud en Wilma verkeren vooralsnog in diepe rouw. Het Parool berichtte deze week over de twee ooievaars uit Amsterdam-Noord, die de afgelopen drie jaar al hun kuikens voor hun ogen zagen sterven. De vermoedelijke oorzaak: elastiekjes. Van die brede, die de postbode achteloos op straat slingert wanneer hij of zij weer een stapel enveloppen uit de fietstas trekt.
Ooievaars eten van alles, van mollen en kikkers tot regenwormen. De elastiekjes zien ze aan voor wormen. Een fatale vergissing, maar neem het ze eens kwalijk. De volgende beelden kunnen als schokkend worden ervaren: een glazenwasser die het derde dode jong vond, zag de vermoedelijke doodsoorzaak. ‘Het jong zat helemaal vol met plastic elastiekjes’, zei de man tegen Het Parool. ‘Ze vielen zo uit zijn maag. De hoeveelheid was niet normaal. Die beestjes hebben geen schijn van kans gehad.’
In deze rubriek geeft Jean-Pierre Geelen, natuurredacteur van de Volkskrant, zijn persoonlijke commentaar op opmerkelijke confrontaties tussen mens en natuur.
Een medewerker van de Amsterdamse vogelopvang herkent het patroon: ‘In heel Nederland zie je dit.’ Klopt: in 2020 exposeerde het Natuurhistorisch Museum in Rotterdam de maaginhoud van een jong gestorven ooievaar: een halve kilo elastiek.
De postbode is overigens niet de enige verdachte: in onderzoeken wordt ook gedacht aan vuilnisbelten of kantoorterreinen waar de elastiekjes rondslingeren. In alle gevallen staat de mens in het beklaagdenbankje.
De politie vraagt dan ook uw aandacht voor het volgende: het mysterie van de verdwenen zeearend. Bij het Friese Koudum filmden vogelaars vorige week hoe een onbekende man met duidelijke ervaring in een boom klom waarin zeearenden drie jongen hadden. Een onderzoeker, dachten de vogelaars. Dat bleek niet zo te zijn. Wel is nu een van de drie jongen uit het nest spoorloos verdwenen – net als de man. De politie stelt een onderzoek in.
Het kan dat het jong uit het nest is gevallen of geduwd. Dan zou hij onder de boom moeten liggen, maar beheerders willen daar nu nog niet zoeken, om het broedgeval van de reusachtige roofvogel niet te verstoren.
Deskundigen herkennen ook hier een patroon: illegale handel. ‘In alle wilde dieren bestaat handel, van zangvogels tot aan grutto’s toe, dus vast ook in zeearenden’, klinkt het desgevraagd bij roofvogelwerkgroepen en Vogelbescherming. De verhalen zijn gruwelijk, ze gaan over lijmstokken en mistnetten, over kuikens die met de pootjes aan nesten worden vastgeplakt zodat ze niet kunnen uitvliegen – totdat rovers ze loshalen.
Dat zijn geen indianenverhalen: de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit (NVWA) nam in maart nog 281 vogels in beslag bij twee Noord-Brabantse handelaren. Er waren twijfels over de afkomst (wilde vogels vangen is verboden), 109 watervogels bleken geleewiekt, een eufemisme voor het amputeren van vleugelbeentjes, zodat ze niet kunnen vliegen.
Nu het broodnodige zonlicht: het gaat bepaald niet slecht met de vogelsoorten. Na herintroductie vertoont het aantal broedparen van ooievaars in Nederland sinds 1980 een opgaande lijn in de grafieken van onderzoeksorganisatie Sovon: in 2023 werden zo’n 1.750 broedparen geteld.
Hetzelfde geldt voor de zeearend. Sinds in 2006 – na eeuwen afwezigheid – het eerste broedpaar zich nestelde in de Oostvaardersplassen, klom het aantal gestaag op tot 36 broedparen in 2023.
Maar dat zijn statistieken, kille staafdiagrammen die geen oog hebben voor de achteloosheid van elastiekjesmorsers of de kwaadwillendheid van roofvogeldieven. In de wondere wereld van de wetenschap kunnen zelfs achter de zon van statistieken donkere wolken schuilen. Vandaar dat het zo regent, de laatste tijd.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant