Ruim 50 miljard euro. Zoveel geld gaat er jaarlijks vanuit de Europese Unie naar boeren. Nederlandse boeren krijgen daarvan jaarlijks ruim 700 miljoen euro.
Die subsidiepot voor boeren is ooit (in de jaren zestig) door Europa in het leven geroepen om boeren te verzekeren van een goed inkomen. Om dat voor elkaar te krijgen, moest de landbouwsector moderner worden. Het had als gevolg dat boeren steeds groter werden. De kleinere boeren die in dat proces niet mee konden verdwenen.
Van al het EU-geld gaat bijna een kwart naar de landbouwsector. Europese boeren krijgen een basissubsidie voor de hoeveelheid land die ze in gebruik hebben. Helemaal eerlijk wordt dat geld overigens niet verdeeld: 80 procent van de landbouwpot gaat naar zo'n 20 procent van de boeren in Europa.
Omdat verduurzaming de laatste jaren een steeds belangrijkere rol is gaan spelen, stelt de EU als eis dat boeren aan bepaalde groene voorwaarden voldoen om subsidie te krijgen. Daarnaast kunnen ze met aanvullende maatregelen extra geld krijgen.
Overigens is het wel zo dat veel van de groene maatregelen voor de landbouw lang niet zoveel effect hebben als de bedoeling was. De agrarische sector heeft van oudsher een flinke invloed in Europa. Maatregelen die Europa wil opleggen zijn door druk van de 'boerenlobby' vaak minder streng dan in eerste instantie de bedoeling was.
Dat was bijvoorbeeld ook te zien tijdens de boerenprotesten van afgelopen voorjaar. Boeren uit verschillende landen protesteerden in Brussel en de Europese Commissie reageerde daarop door regels voor boeren te versoepelen.
Dat gebeurde ook omdat de beleidsbepalers in Europa al met een schuin oog naar de naderende Europese verkiezingen keken. "Uit angst dat veel stemmen bij de komende verkiezingen naar populistisch rechtse partijen gaan, zijn centrumpartijen zich de afgelopen jaren al gaan gedragen als populistisch rechts", zegt Jeroen Candel, universitair hoofddocent voedsel- en landbouwbeleid aan Wageningen University & Research. "De afgelopen jaren zijn zij zich tegen de verduurzamingsmaatregelen gaan keren."
Dat heeft veel gevolgen gehad voor het beleid in de Europese Unie. "Verschillende onderdelen van de 'Green Deal' zijn al gesneuveld of heel sterk afgezwakt", zegt Candel.
De verwachting is dat er meer duurzaamheidsmaatregelen zullen sneuvelen als rechtse partijen groter worden bij de Europese verkiezingen. Die rechtse partijen krijgen nu al veel steun in veel Europese landen.
Niet alleen won de PVV veel zetels in Nederland, ook in Italië, Zweden en Finland behaalden radicaal-rechtse partijen verkiezingsoverwinningen. In België, Duitsland, Frankrijk, Portugal en Oostenrijk krijgen extreemrechtse partijen veel steun tijdens nationale verkiezingen en staan hoog in de peilingen.
De laatste peilingen voor de Europese verkiezingen voorspellen dat in 8 van de 27 lidstaten radicaal-rechtse partijen zullen winnen. Veel rechtse partijen in Europa zijn naar eigen zeggen 'voor de boer'.
LTO, de ondernemersorganisatie voor Nederlandse boeren en tuinders, vindt dat een fijn vooruitzicht. "Wat ons betreft heeft de huidige Commissie laten zien hoe het niet moet. Er was sprake van een permanente stapeling van regels. De inkt van de ene regel was nog niet droog of er kwamen meer verboden en beperkingen. Wij hebben daarom meer hoop dan vrees als het gaat over nieuw Europees bestuur."
Die hoop heeft ook de nieuwe coalitie. In het nieuwe hoofdlijnenakkoord staat dat de PVV, VVD, NSC en BBB willen dat boeren weer meer mest mogen uitrijden. En als het aan de partijen ligt, komt de gedwongen krimp van de veestapel er ook niet.
Nu is het nog de vraag of alles wat coalitie wil, ook mag van de Europese Unie (EU). Veel landbouwbeleid wordt namelijk niet in Den Haag gemaakt, maar in Brussel. Als Nederland zich niet wil houden aan het Europese landbouwbeleid, moet de overheid aan de EU vragen of er een uitzondering gemaakt kan worden voor ons land.
De huidige Europese beleidsmakers reageerden daar niet echt happig op. Nederland deed bijvoorbeeld meerdere pogingen om een uitzonderingspositie te krijgen en zo meer mest te mogen uitrijden. Maar tot nu toe lukte dat niet.
Als er inderdaad minder klimaatregels komen, dan zien sommige partijen dat als goed nieuws voor de boer. Maar Candel ziet dan anders. "We zien dat er vooral veel dingen worden uitgesteld. Dat is op de korte termijn prettig voor veel boeren: zij kunnen nog iets langer doorgaan op de manier waarop ze het nu doen."
Maar veel van die Europese wetten die nu worden weggezet als "Brusselse regeldruk" worden gemaakt om problemen op te lossen die er ook daadwerkelijk zijn. Die problemen worden urgenter en groter en hebben veel invloed op de agrarische sector, zoals de problemen die boeren en tuinders hebben door extreem weer. "Daarom is uitstelgedrag op de lange termijn zeker niet positief voor de boeren", zegt Candel.
Maar volgens de LTO is het geen kwestie van uitstellen. "Of het nieuwe Europese bestuur nou links of rechts wordt, het is belangrijk dat het beleid uitvoerbaar is. Boeren willen heus wel verduurzamen. En daar zijn ze ook mee bezig. Maar er is meer duidelijkheid nodig, de doelen vanuit Europa moeten haalbaar en realistisch zijn."
"We moeten niet gaan doen alsof woestijnachtige gebieden in Spanje gelijk zijn aan veengrond in Nederland", zegt de woordvoerder. "Dus in het Brusselse beleid moet ook oog zijn voor verschillende regio's. Daar is niet altijd één oplossing voor."
Ook Candel denkt dat het beleid effectiever kan. "Er gaat veel geld vanuit Brussel naar de landbouw. 80 procent van dat budget komt terecht bij 20 procent van de Europese boeren, vaak degenen die eigenlijk geen steun nodig hebben", zegt de onderzoeker. "Op de langere termijn biedt Europa de landbouw meer perspectief door dat geld te gebruiken om alle boeren écht te helpen om de klimaat- en milieudoelen te halen."
Source: Nu.nl economisch