Het Nederlandse asielbeleid wordt voor een groot deel bepaald door Europese regels en afspraken. Als je iets wil regelen, moet je in Brussel zijn.
Jarenlang zaten de onderhandelingen over een nieuw asielbeleid daar in een impasse. Maar de 27 lidstaten stemden afgelopen maand - na acht jaar ruziemaken - in met hervormingen. De nieuwe regels moeten in 2026 ingaan.
Wat zijn die nieuwe regels? Migranten worden direct aan de buitengrenzen, dus in onder meer Griekenland en Italië, gescreend. Vervolgens wordt daar onderscheid gemaakt tussen kansrijke en kansarme asielzoekers.
Vluchtelingen die hoogstwaarschijnlijk recht hebben op een verblijfsstatus mogen de normale asielprocedure in. Migranten die weinig kans op asiel maken, worden vastgezet in opvangcentra aan die grenzen. Ook gezinnen met kinderen. Het is de bedoeling dat ze snel terugkeren. Alleenreizende minderjarige vluchtelingen uit veilige landen worden niet vastgezet.
De migranten met weinig kans op asiel krijgen dus geen toegang tot het grondgebied van de EU en kunnen daardoor niet doorreizen naar bijvoorbeeld Nederland.
NSC en CDA kunnen zich goed vinden in deze afspraken. Voor VVD en BBB mag er nog een tandje bij. Die willen meer migranten kunnen vastzetten aan de buitengrenzen. Nu mag dat alleen als iemand maximaal 20 procent kans heeft op een verblijfsvergunning. VVD wil dit oprekken naar 40 procent en BBB naar een nog iets hoger percentage.
GL-PvdA, PvdD, Volt en in mindere mate D66 zijn kritisch op het nieuwe Europese beleid. De partijen zijn geen voorstander van het maandenlang vastzetten van mensen in centra aan de buitengrenzen. Ook willen ze kinderen uitzonderen.
Deze partijen uiten ook kritiek op het solidariteitsmechanisme dat de lidstaten hebben afgesproken. Asielzoekers die wel kans op asiel maken, gaan de normale procedure in en worden verdeeld over de EU. Maar landen hoeven hier niet aan mee te werken. Ze mogen de opvang ook afkopen voor 20.000 euro per asielzoeker.
Daarnaast zet de EU ook in op het sluiten van migratiedeals met herkomst- of doorreislanden. Een voorbeeld is de omstreden Tunesiëdeal. Het Noord-Afrikaanse land zou geld van Brussel krijgen voor het tegenhouden van mensen die daar op een bootje aan de gevaarlijke tocht over de Middellandse Zee beginnen. Tot nu toe is er nog weinig van terechtgekomen.
Er is veel kritiek op de deal met het ondemocratische land. De Tunesische president Kais Saied heeft dictatoriale trekken en zou mensenrechten niet hoog in het vaandel hebben. GL-PvdA, PvdD, Volt, SP en D66 willen daarom een streep door de afspraken halen.
GL-PvdA, D66 en SP zijn niet per definitie tegen migratiedeals met landen buiten de EU, maar stellen wel strikte voorwaarden.
VVD, NSC en BBB staan veel positiever tegenover zulke overeenkomsten. Als derde landen deze afspraken niet nakomen, willen de partijen ook druk uitoefenen. Bijvoorbeeld door sancties in te stellen of landingsrechten in te trekken. Landen die wél meewerken, kunnen juist beloond worden. Hetzelfde geldt voor herkomstlanden. Met die landen wil de EU afspraken maken over het terugnemen van afgewezen asielzoekers.
VVD, CDA, NSC en BBB willen overigens het liefst helemaal geen asielzoekers van buiten Europa meer opvangen in de EU. De partijen willen de procedure graag verplaatsen naar andere landen, zoals het Verenigd Koninkrijk op dit moment probeert met Rwanda. Ook de SP vindt dat dit zou moeten mogen.
Mocht het allemaal niet lukken, dan willen VVD, NSC en BBB nog proberen een uitzondering op de Europese regels te krijgen. Een zogenoemde opt-out kan je als lidstaat krijgen als de andere landen het je gunnen. Het is wel alleen mogelijk bij een verdragswijziging. Kortom: een proces van de lange adem.
De PVV wil ook vol inzetten op zo'n opt-out. Het is voor de partij de enige optie, omdat Nederland alleen op die manier het asielbeleid zelf kan bepalen. Andere maatregelen staan er ook niet in het verkiezingsprogramma.
Tot slot gaat het in zo'n beetje alle verkiezingsprogramma's ook over Frontex. Dat is het Europese agentschap dat de buitengrenzen bewaakt. VVD, CDA, NSC en BBB willen het mandaat uitbreiden. De partijen willen dat Frontex meer bevoegdheden, geld en manschappen krijgt. Ook moet het agentschap in landen buiten de EU mogen opereren.
GL-PvdA, Volt en PvdD willen Frontex juist hervormen. Ze willen dat het agentschap de mensenrechten op de eerste plaats zet. Deze partijen en ook SP en D66 zijn faliekant tegen pushbacks (het terugdrijven van migranten) en het belemmeren en vervolgen van hulporganisaties die mensen op de Middellandse Zee oppikken.
Source: Nu.nl algemeen