Home

Experiment met een kleiner stembiljet, zonder de namen van de kandidaten erop

Het Nederlandse stembiljet is te groot. Het is een tafellaken, terwijl het een servet zou moeten zijn. Maar pogingen om dit taaie ongerief uit de wereld te helpen, lopen al meer dan een decennium op niets uit.

Donderdag experimenteren vijf gemeenten met een klein stembiljet. Het huidige biljet is niet handzaam in de nauwe stemhokjes, het vormt een belemmering voor mensen met een fysieke beperking en vertraagt het tellen na het sluiten van de stembussen. Onder supervisie van het ministerie van Binnenlandse Zaken gaat het daarom bij de Europese verkiezingen in Alphen aan den Rijn, Boekel, Borne, Midden-Delfland en Tynaarlo anders.

In plaats van het grote biljet, met dit keer twintig partijen en hun kandidaten, krijgt de kiezer in het stemlokaal een stembiljet op A3-formaat uitgereikt. Dat kan door alle kandidaten op het biljet weg te laten. In plaats daarvan staan er alleen nummers op het biljet.

Dat heeft als consequentie dat de kiezer niet een, maar twee vakjes rood moet maken. Eerst kleurt hij op de bovenste helft van het biljet het vakje van de partij van zijn keuze in. Partijen zijn makkelijker te vinden, omdat het partijlogo staat afgebeeld.

Daarna zoekt de kiezer op de kandidatenlijst die in het stemhokje ligt de politicus op (of hij heeft dat thuis al gedaan) op wie hij zijn stem wil uitbrengen. Het nummer van de kandidaat maakt hij rood in een tweede vakje op de onderste helft van het biljet, waar een cijferreeks tot maximaal 80 staat. Mocht hij dit vergeten, dan is zijn stem wel geldig, maar gaat deze automatisch naar de lijsttrekker. De namen en rangorde van de kandidaten hangen ook op posters in het stemlokaal.

Digitalisering

Het grote wonder is natuurlijk dat in een samenleving die snel digitaliseert, het stemmen nog altijd op een archaïsche manier gebeurt. Maar sinds 2009 is de stemcomputer in de ban gedaan, omdat bij herhaling onregelmatigheden werden vastgesteld. Het verkiezingsproces geldt als zo precair voor de democratie, dat de burger het volledige vertrouwen moet hebben dat zijn stem niet verloren gaat of wordt gemanipuleerd. Met papier en potlood is de kans daarop het kleinst. Het biedt ook de beste waarborg dat het stemgeheim is gegarandeerd.

Al sinds 2011 onderzoekt het ministerie hoe Nederland een beter model stembiljet kan krijgen. Een probleem daarbij is dat landen onderling moeilijk vergelijkbaar zijn. Er is in het buitenland niet één biljet dat een op een kan worden overgenomen.

Bij gemeentelijke herindelingsverkiezingen in november 2018 in Groningen, Altena en Hoeksche Waard werd een test gedaan met twee formulieren. Een test is iets anders dan een experiment. Bij de test stemde de kiezer eerst op de gangbare manier. Daarna stemde hij op proef met de testformulieren. Bij het experiment van donderdag is het nieuwe formulier ook de officiële stem.

Scandinavië

Van de toenmalige formulieren leek er eentje op het huidige experiment. Het andere was een Scandinavisch model, waarbij elke partij een eigen stembiljet heeft. De kiezer pakt in het stemhokje het biljet van de partij waarop hij wil stemmen, maakt het vakje van zijn voorkeurskandidaat rood en doet het formulier in de stembus. Die variant is nu afgevallen.

In december 2018 onderstreepte de staatscommissie parlementair stelsel, onder voorzitterschap van VVD-coryfee Johan Remkes, nog eens de noodzaak van een nieuw, kleiner stembiljet. Evaluaties van voorgaande verkiezingen lieten volgens de commissie zien dat vooral ouderen moeite hebben met de grote lappen papier. Ook voor stembureauleden zijn de formulieren onhandig.

De commissie-Remkes deed de aanbeveling voor het afbeelden van partijlogo’s ‘om het voor laaggeletterden eenvoudiger te maken om hun keuze in het stemhokje te bepalen’. Bovendien zou het nieuwe biljet ‘elektronisch telbaar’ moeten zijn, om het hardnekkige probleem van telfouten te voorkomen.

Corona

Toenmalig minister Kajsa Ollongren (D66) nam de aanbeveling over, maar werd dwarsgezeten door corona. De verkiezingen van maart 2021 waren geen goed moment voor nieuwe stembiljetten, die van november vorig jaar kwamen te abrupt. Wel zorgde Ollongren voor de vereiste ‘experimentenwet’, die de gang van zaken donderdag in de vijf genoemde gemeenten mogelijk maakt.

Alle vijf hebben ze een referentiegemeente en een meekijkgemeente. Dat betekent dat bijvoorbeeld in Alphen aan den Rijn de gemeente Den Haag ‘meekijkt’ met wat de introductie van het nieuwe formulier in een veel grotere stad met zich mee zou brengen. Westland is de referentiegemeente van Alphen, wat wil zeggen dat wordt bekeken of het stemproces inderdaad soepeler en sneller verloopt met het nieuwe stembiljet dan in een gemeente van vergelijkbare omvang waar nog met het tafellaken wordt gestemd.

Aan het eind van de zomer moet de evaluatie klaar zijn. Eventuele landelijke invoering vergt nog een wijziging van de Kieswet. Als die politieke hobbel wordt genomen (de huidige coalitiepartijen PVV en BBB en de toen zelfstandige Omtzigt stemden indertijd tegen experimenten met het stembiljet) is het in theorie mogelijk dat heel Nederland bij de gemeenteraadsverkiezingen van 2026 stemt met een biljet op A3-formaat.

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next