Twee verdiepingen traplopen voelt als een marathon en die nauwsluitende sportlegging past met geen mogelijkheid meer. Tóch is het belangrijk om te (blijven) sporten tijdens de zwangerschap. Twee gynaecologen leggen uit.
Sporten tijdens de zwangerschap is gezond voor de moeder en voor het ongeboren kind. Het vermindert de kans op zwangerschapsdiabetes, een te hoge bloeddruk en een te grote baby. Floor Sijbrandij, gynaecoloog in het UMC Utrecht, kan het niet vaak genoeg benadrukken: ‘De tendens in Nederland is al gauw van: je bent zwanger, doe lekker rustig aan. Terwijl het echt belangrijk is om in beweging te blijven.’
Helaas, dat dagelijkse wandelingetje naar de bakker of de supermarkt is niet genoeg. Wekelijks 150 tot 300 minuten hartslagverhogende activiteit is wat Sijbrandij zwangere vrouwen aanraadt. ‘Je moet alleen goed weten wat je beter wel en niet kunt doen.’
Beter/Leven
In de rubriek Beter/Leven beantwoorden we, samen met experts, praktische vragen op het terrein van o.a. gezondheid, geld en duurzaamheid.
Dat blijkt in de praktijk nog best lastig. Op het internet wemelt het van de volksverhalen over te kleine baby’s en verzakkingen. Ook sportartsen weten zich niet altijd raad met de specifieke vragen van zwangere (top)sporters. Daarom richtten Sijbrandij en Emma Paternotte, tevens gynaecoloog en verbonden aan het Gelre ziekenhuis, het kennisnetwerk Sport & Gyn op. Het netwerk is onderdeel van de Nederlandse Vereniging Obstetrie en Gynaecologie (NVOG) en richt zich op onderzoek, voorlichting en het ondersteunen van vrouwelijke sporters.
‘We krijgen bijvoorbeeld vaak de vraag hoe hard je mag sporten tijdens de zwangerschap’, zegt Sijbrandij. Uit onderzoek blijkt dat het veilig is om tot 90 procent van de maximale hartslag te bereiken. Of zwangere vrouwen ook tot het maximum kunnen gaan, is nog niet onderzocht, en dus raden Paternotte en Sijbrandij dat uit voorzorg af.
Wat is nog meer belangrijk? Paternotte: ‘Rond een week of twaalf komt de baby boven het schaambot uit. Vanaf dan kun je beter geen sport doen waarbij iets je buik kan raken.’ Een voetbal tegen een zwangere buik is geen prettig idee, en activiteiten met valgevaar zijn daarom ook niet aan te raden.
Nog een sport die Paternotte steevast afraadt: skiën. ‘Als je met 100 kilometer per uur een berg afkomt en plotseling moet remmen, is er kans dat door dat verschil in snelheid de placenta loskomt. Dan zijn moeder en kind in acuut gevaar.’
Gelukkig kan er ook een heleboel wél. Hardlopen is prima, ondanks de veelgehoorde mythe dat het niet goed zou zijn voor de baby. Een rondje fietsen is ook een goed idee, net als krachttraining. Paternotte: ‘Het is heel zinvol om te zorgen dat je een sterke bekkenbodem hebt, om zwangerschapskwaaltjes zoals urineverlies te verminderen.’
Ook het trainen van je core stability, de stabiliteit van de romp, heeft zin. Bijvoorbeeld om rugklachten tijdens de zwangerschap of bij het bevallen te verminderen. Bovendien: hoe fitter een vrouw de bevalling in gaat, hoe sneller het herstel, over het algemeen.
Omdat gedurende een zwangerschap het lichaam sterk verandert, is het niet gek dat sommige sportieve activiteiten meer moeite gaan kosten of zelfs onprettig zijn. Neem bijvoorbeeld de rechte buikspieren, die van het schaambot naar het middenrif lopen. Om plaats te maken voor de baby verschuiven die naar de zijkanten van de buik. Het is onbekend of je de rechte buikspieren in die gespreide toestand mag trainen, dus wordt er samen met bekkenfysiotherapeuten gekeken naar alternatieve oefeningen.
Nog iets om op te letten: door het groeien van de buik ligt het zwaartepunt van het lichaam steeds anders. Paternotte: ‘Zwangere vrouwen verstappen zich om die reden vaker. Ik waarschuw er vaak voor.’
Hoewel stevig bewegen belangrijk is, blijft het verstandig om tijdens de zwangerschap naar het lichaam te luisteren. Aan de andere kant: een beetje doorzettingsvermogen is essentieel. Sijbrandij: ‘Natuurlijk moet een zwangere vrouw altijd opletten of het gaat of niet. Maar denk niet bij het minste of geringste: mijn lichaam wil liever op de bank zitten.’ Lukt dat rondje hardlopen echt niet meer? Kies dan voor een minder intensieve variant en maak een stevige wandeling.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant