Home

Braamstruiken en brandnetels, die zijn pas robuust, woekerend op stikstof en ammoniak

De tijdgeest trotserend houden de orchideeën stand. Stevig staan ze op hun stelen, bij elkaar gegroepeerd alsof ze demonstreren, de mooiste planten van het land. De geur van heide, vogels maken drukte rond de zanglijn van een nachtegaal – alles op dit veldje verschijnt en verdwijnt in een nauwelijks begrepen samenhang. Toch moet het van de tijdgeest weg, het is te klein en kwetsbaar en belemmert de winstgevendheid. Het komende kabinet wil alleen nog robuuste natuur, geen snippers onbruikbaar land die ruimte geven aan een bijzondere, bleekroze bloem.

Robuust is een woord van deze tijd. De begroting, de infrastructuur, de mensen – het moet robuust als een boerderette met eiken dakbalken en een boomstamtafel in de leefkeuken, gedekt met kakelbontservies. Wie kan er tegen robuuste natuur zijn, de grote wens van het komende kabinet, een mooie en stevige term waarbij iedereen zich wat voor kan stellen, maar waarvan niemand precies weet wat het betekent. Robuust is geen woord maar een gevoel, daarom wordt het zo vaak gebruikt door politici.

Kalkmoeras en blauwgrasland: dit wankele natuurgebiedje is vijftig jaar geleden gered van de ondergang toen het enig overgebleven hooiland met twee kleine heideterreinen werd aangekocht als reservaat. Nu is het Natura2000-gecertificeerd, een schamele 55 hectare, een van die zwakke terreintjes waar het niet zo goed mee gaat. De snipper Lemselermaten ligt in de permanente branding van een doorgaande weg; omheind door veebedrijven en akkerland ruikt het er mild naar bemesting. Stikstof, sulfaat, nitraat en verdroging: je ziet er niks van, maar het beschermen van die kwetsbare veldjes bedreigt wel de eeuwenoude traditie van de paasvuren, die al moesten uitwijken, en blokkeert de komst van een rondweg om Weerselo. Terwijl elk robuust dorp toch een rondweg nodig heeft.

Over de auteur
Toine Heijmans is rondreizend columnist van de Volkskrant. Daarnaast is hij romanschrijver. 
Columnisten hebben de vrijheid hun mening te geven en hoeven zich niet te houden aan de journalistieke regels voor objectiviteit. Lees hier onze richtlijnen.

Het zomaar opheffen van zelfs de kleinste natuurgebieden mag niet van de Europese Unie, dat is wijd en zijd bekend. Het is een oude wens. Staatssecretaris Dijksma begon er elf jaar geleden over en trok de natuursubsidies voor de boeren in. ‘We investeren niet langer in snippernatuur’, zei ze in dagblad Trouw. Het woord ‘robuust’ kwam er nog niet aan te pas, maar ook minister Schouten wilde vijf jaar geleden van de ‘postzegels’ af omwille van de stikstof, en de boerenbedrijven uiteraard. Het is een wonder dat ze nog steeds bestaan. Ze bleken toch robuuster dan gedacht.

Kieskeurig staan de orchideeën in het malse gras, dat hoog is opgeschoten onder een dunne zon, bewaakt door de bomen die alweer donkergroen kleuren: eiken, beuken, berken, sparren in de vreemdste vormen. Hier heeft de natuur een heel fijn reliëf van heuveltjes en dalen en zich achter elkaar verschuilende contouren. Stukjes bos niet groter dan een krant, het steekt ingewikkeld in elkaar. Zompige, mossige grond afgewisseld met droog zand; zo’n gelaagd landschap past nauwelijks bij een tijd waarin alles tweedimensionaal moet zijn.

Maar de orchideeën staan rechtop, meebuigend met de onweersstormen. Gevlekte orchis zo te zien. Zeldzaam. En is dat niet de nog zeldzamere bosorchis, met dat donkergevlekte blad? Woorden doen er niet toe voor de natuur, die zijn door mensen bedacht om duidelijkheid te brengen, ook als die er niet is. De saamhorigheid op zo’n veldje, het in elkaar grijpen van soorten, de manier waarop alles schijnbaar vanzelfsprekend samenvalt en een plek is toegekend – dit is een veldje van niks totdat je op de knieën gaat, en een bad neemt in waar je vandaan komt.

Kleine ratelaar, halsreikende margrieten, kleine klaver, een dikke hommel op een echte koekoeksbloem. Gewoon haarmos, een bonte specht, een winterkoning. Liggend walstro, de gele ogen van de tormentil. De gevlekte orchis staat op de rode lijst van kwetsbare planten, maar wordt sinds een wetswijziging in 2017 niet meer beschermd. Krijg je ervan, als de minister van natuur tegelijk die van landbouw is.

Braamstruiken en brandnetels, die zijn pas robuust, woekerend op stikstof en ammoniak. En in de stoerste taal schuilt vaak de grootste kwetsbaarheid.

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next