Met een publieke tribune vol sympathisanten en partijleider Thierry Baudet kortstondig in de rechtszaal, ontkende FvD-Kamerlid Gideon van Meijeren dinsdag dat hij zich in uitspraken die hij deed tijdens de boerenprotesten, schuldig maakte aan opruiing. Volgens het Openbaar Ministerie porde hij juist de boel bewust op en nam daarbij mogelijk geweld op de koop toe.
De hele FvD-familie is dinsdagochtend uitgerukt om de wegens opruiing vervolgde Gideon van Meijeren een hart onder de riem te steken. Partijleider Thierry Baudet inspecteert voor aanvang het blauwe pak van zijn partijgenoot, knikt tevreden en laat langzaam zijn handen over de schouders van Van Meijeren glijden.
Op minder instemming kan FvD-Kamerlid Pepijn van Houweling rekenen. ‘Een dubbele Windsor, dat kan toch niet, Pepijn’, zegt Baudet na een blik op diens stropdas. Als de partijleider aanstalten maakt om een nieuwe knoop te leggen, zegt Van Houwelingen zachtjes: ‘Zullen we dit later oplossen?’
Over de auteur
Frank Hendrickx is politiek verslaggever en onderzoeksjournalist van de Volkskrant.
Volg alles over de kabinetsformatie hier.
Terwijl Baudet nog probeert een journalist te betrekken bij de discussie over de dubbele stropdasknoop, bereidt Van Meijeren zich in het verdachtenbankje voor op zijn pleidooi om de rechtbank het Openbaar ministerie (OM) niet ontvankelijk te laten verklaren. Het Kamerlid ziet zichzelf als slachtoffer van een samenspanning tussen politieke tegenstanders en het ‘gemanipuleerde OM’, dat aangezet zou zijn om hem te vervolgen vanwege opruiing en aanzetten tot geweld tijdens de boerenprotesten in 2022.
Van Meijeren neemt bijna een uur de tijd voor zijn betoog, waarin hij zichzelf laat figureren als martelaar van de politieke vrijheid en vergelijkingen trekt met hoe de Stasi in schijnprocessen DRR-critici uitschakelde. Er klinkt geregeld applaus van de publieke tribune waar vooral FvD-aanhangers en andere sympathisanten zitten, onder wie ‘Max de fakkelman’, die ooit Sigrid Kaag bedreigde en zich daarbij lid noemde van de ‘Gideonsbende’.
Ze zijn diep onder de indruk van Van Meijerens betoog. ‘Hij moet gewoon onze premier worden’, zegt een van hen. ‘Hij is zó rechtvaardig.’
De rechters blijken minder geïmponeerd en wijzen het verzoek FvD’er van de hand. De zaak gaat door. Baudet is dan al weer vertrokken. Zijn fractiegenoot moet het verder doen zonder zijn steun.
In de uren die volgen draait het vooral om twee uitspraken die Van Meijeren deed op het hoogtepunt van de boerenprotesten. Tijdens een bijeenkomst voor boeren in Tuil verkondigde hij dat geweld soms wel is toegestaan, in gevallen waarin de staat zich misdraagt tegen haar eigen bevolking. ‘Het is niet altijd gezond in een democratie als er een taboe rust op het gebruik van geweld’, aldus Van Meijeren, die is opgeleid als jurist. ‘Onderaan de streep hebben we allemaal het recht van opstand.’
Een paar maanden later zei Van Meijeren in een interview te hopen op een revolutionaire beweging die naar het parlement trekt en niet meer weggaat tot het kabinet ten val is gebracht. ‘Helaas laat het verleden zien dat daar vaak ook slachtoffers bij vallen, soms dodelijke slachtoffers.’
Van Meijeren is zich van geen kwaad bewust. Hij benadrukte tegelijkertijd ook steeds dat hij voorstander is van vreedzaam protest. Zijn uitweiding over gerechtvaardigd geweld tegen een tirannieke overheid was ‘informatief’ bedoeld en vooral ‘theoretisch’. De latere opmerking dat er soms helaas doden kunnen vallen, was vooral een waarschuwing voor mogelijk geweld van de overheid, niet van burgers.
Het Openbaar Ministerie verwijst naar jurisprudentie en stelt dat de intentie van Van Meijeren van ondergeschikt belang is voor de strafbaarheid van zijn uitspraken. Het Kamerlid had kunnen weten dat zijn opmerkingen konden aanzetten tot geweld. In een explosieve situatie, waarin politici werden bedreigd en er al brandstichtingen en vernielingen plaatsvonden, speelde het Kamerlid volgens het OM welbewust met vuur door te noemen dat geweld soms is toegestaan en dat slachtoffers soms ‘helaas’ onvermijdelijk zijn.
‘Hij richt zich tot een publiek dat al boos is, dat al acties onderneemt die strafbaar zijn’, aldus de officier van justitie. ‘Mensen die zich ernstig bedreigd voelen in hun bestaansrecht en identiteit. Verdachte weet dit en weet dat hij invloed heeft. Hij stookt en port.’
Volgens het OM heeft Van Meijeren de geesten rijp gemaakt voor geweld door herhaaldelijk te benadrukken dat de democratie niet meer functioneert, dat het volk wordt voorgelogen, dat het kabinet zich schuldig maakt aan ‘landverraad’, en dat boeren met geweld onteigend zullen worden. Ook de rechters willen weten of de FvD’er zo geen beeld schetst van een tirannieke overheid waartegen een opstand gerechtvaardigd is.
Volgens Van Meijeren is dat ‘meer een filosofische vraag’ en bepaalt uiteindelijk ‘het volk’ wanneer de grens is bereikt. Door het recht op gewelddadig verzet tegen een tirannieke overheid niet te ‘taboeïseren’ zal de staat minder geneigd zijn om over de schreef te gaan.
Het is zijn kernboodschap tijdens het proces: het gevaar komt niet vanuit burgers, het gevaar komt vanuit de overheid. Als het Kamerlid ter ondersteuning van dat argument een compilatie laat zien van politiegeweld tegen coronademonstranten, raakt een enkele sympathisant in de zaal tot tranen toe geroerd.
Het OM neemt het Van Meijeren zeer kwalijk dat hij geen enkele inkeer toont en stelt dat het Kamerlid in uitermate roerige tijden misbruik maakte van zijn vrijheden en zo de democratische rechtsorde in gevaar bracht. Tegen het Kamerlid wordt een onvoorwaardelijke taakstraf van 200 uur geëist.
De rechterbank doet 11 juni uitspraak.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant