Home

Na tekst en beeld spuugt de computer nu ook muziek uit met AI: griezelig, geweldig of allebei?

Een nieuwe AI-hype dient zich aan: het maken van muziek met een simpele opdracht aan de computer. Maar kan AI-muziek ook emotioneren, verbluffen, de luisteraar van de sokken blazen?

Het is alsof een gigantische doos opengaat waarin eeuwenlang ontelbare liedjes lagen opgeslagen uit verschillende tijdperken. Al die liedjes stulpen nu naar buiten, klaar om beluisterd te worden. Nooit gemaakte hits uit vervlogen tijden. Echo’s van een singer-songwriter, een discostamper, aria, jazzcompositie of van een hiphopnummer. Ook al klinkt al die muziek bekend in de oren, ze is hagelnieuw. Door AI gemaakt.

Het toverwoord is generatieve AI, ofwel het soort AI dat nieuwe dingen creëert. Voor het grote publiek begon dat twee jaar geleden met ChatGPT. Wat dit programma voor tekst en code doet, Midjourney voor beeld, Runway voor video, doen programma’s als Suno en Udio voor muziek. Dit gratis te gebruiken AI-gereedschap beleeft momenteel zijn ‘ChatGPT-moment’. Suno bestaat al wat langer, het door ex-werknemers van Google opgerichte Udio zag in april het licht.

Over de auteurs
Robert van Gijssel is muziekredacteur van de Volkskrant en schrijft over pop en de muziekindustrie.  Laurens Verhagen is wetenschapsredacteur van de Volkskrant. Hij schrijft over technologie en de impact van kunstmatige intelligentie op de maatschappij. 

In de praktijk werken ze behoorlijk vergelijkbaar. De homepages van beide programma’s tonen ontelbare voorbeelden van muziekstukken die anderen al hebben gemaakt, opgedeeld in populariteit en verschillende genres, zoals hiphop, klassiek, funk, country, pop, maar ook (bij Suno) obscure categorieën als Koreaanse opera, Russische roots-reggae of Urdu-jazzwave.

Dua Lipa wordt ‘dance pop’

Wie een account aanmaakt, kan zelf aan de slag. Het invoeren van een beschrijving van de stijl en het onderwerp is genoeg, de zogenoemde prompt. Bijvoorbeeld: ‘een liedje over een eenzaamheid en vriendschap op een verre planeet, in de stijl van een singer-songwriter’. Zo’n prompt kan een paar woorden bevatten, maar ook vele regels lang zijn. Over het algemeen geldt: hoe creatiever en uitgebreider de opdrachtprompt, hoe interessanter het resultaat.

Zowel Suno als Udio maken daar desgewenst een tekst bij, maar het is leuker om zelf een tekst mee te geven. Om problemen met rechthebbenden te voorkomen, verbiedt Suno het invoeren van specifieke artiesten. Bij Udio mag dat wel, maar het programma vervangt vervolgens zelf de artiestennaam door een aantal beschrijvende labels. Zangeres Dua Lipa wordt bijvoorbeeld ‘dance pop, nu-disco, electronic’.

Beide programma’s bieden de mogelijkheid songs langer te maken. Het aardige van Udio is dat gebruikers hier ook de liedjes die door andere gebruikers zijn gemaakt kunnen oppakken om te remixen.

Het uiteindelijke resultaat hangt, overigens net als bij ChatGPT of Midjourney, behalve van het ingeven van een creatieve omschrijving, voor een deel van toeval af: dezelfde beschrijving geeft iedere keer weer een ander resultaat. Het muziekgereedschap is getraind met grote hoeveelheden bestaand materiaal, dat voorzien is van beschrijvende labels. Uit deze grabbelton maakt AI geheel nieuwe creaties.

Angstvisioenen

De programma’s wekken sterke emoties op, uiteenlopend van bezorgd of zuinig tot razend enthousiast. Zo noemde de populaire AI-nieuwsbrief Rundown de lancering van Udio een ‘keerpunt’ voor AI-muziek’. ‘Nu AI-creaties niet meer van andere muziek zijn te onderscheiden, zal de muziekindustrie te maken krijgen met complexe vragen in een wereld waar hitnummers slechts één prompt verwijderd zijn.’

In 2017 waagden AI-specialisten zich aan voorspellingen over de progressie van AI. Een topveertigliedje componeren? Dat zou weleens in 2027 het geval kunnen zijn, dachten ze toen. Zeven jaar geleden leek het verre toekomstmuziek, maar we zitten er nu ineens middenin. Met alle verwarring die daarbij hoort. Een uitgelekt nieuw nummer van Taylor Swift? AI, wisten velen vorige maand zeker. Het liedje was echt. Een verse disstrack van Drake: dezelfde verwarring.

Enthousiasme en bewondering over de progressie van AI gaan hand in hand met angstvisioenen: die oneindige doos met liedjes kan wel eens de doos van Pandora zijn. De creatieve sector houdt het hart vast en vreest te worden verpulverd door nietsontziende AI-systemen die in onvoorstelbaar tempo muziek blijven uitspuwen. Die vrees werd onlangs nog weliswaar onbedoeld, maar daarmee niet minder pijnlijk ingewreven door Apple.

De techgigant maakte een spotje voor zijn nieuwe iPad waarin een gigantische hydraulische pers muziekinstrumenten en beeldende kunst plet. Volgens protesterende artiesten een symbool voor ‘de verwoesting van de menselijke ervaring’ en een metafoor voor de manier waarop de grote technologiebedrijven hun kunst en ambacht steeds meer reduceren tot dode algoritmes en enen en nullen.

Twitter bericht wordt geladen...

De een is onder de indruk van de prestaties van AI, een ander hoort een griezelig goede imitatie van zijn eigen stem en stijl, terwijl een derde walgt van wat de ‘sedimentatie van de status quo’ wordt genoemd. Ofwel: de AI-modellen roeren alles waarmee ze zijn getraind om tot een meurende, gemiddelde drab. Zoals vuilnis ook altijd hetzelfde stinkt, wat er ook aan afval in de container is gestort. ‘Het lijkt wel AI’ is voor die groep de ultieme belediging voor (menselijke) muziek.

‘Hersendode’ liedjes

Techsite Gizmodo pikte ter illustratie van deze tegenbeweging negen ‘hersendode’ liedjes uit de onuitputtelijke AI-bak. Het techblog noemt iedere poging om met AI muziek te maken een vooral ‘erg dure grap’.

Al sinds de eerste rudimentaire pogingen muziek te laten maken door computers is de grote vraag: zijn de algoritmen in staat méér te genereren dan wat de mens erin stopt? Of blijft het allemaal een optimalisatietrucje? Inmiddels zitten we al op het punt dat AI uitstekend in staat is om achtergrondmuziek voor supermarkten of cafés te componeren, of een lekker in het oor liggend deuntje voor een commercial. Maar kan AI-muziek ons emotioneren, verbluffen, van de sokken blazen?

Wie bewust is van het feit dat muziek door de computer is gemaakt, zal snel geneigd zijn te zeggen dat er iets ontbreekt. Originaliteit, emotie, levenservaring. Een ziel misschien wel. In 1997 maakte de Amerikaanse componist David Cope een muzikale computer, genaamd Emmy. Cope was gefascineerd door de vraag of algoritmen kunst kunnen voortbrengen.

Om daar antwoord op te krijgen bedenkt hij een muzikale Turing-test. Als het publiek het werk van een computer niet kan onderscheiden van menselijke composities, is de computer voor de test geslaagd. Emmy slaagt met vlag en wimpel.

Douglas Hofstadter, auteur van de bestseller Gödel, Escher, Bach, is dan perplex. ‘De enige troost die ik op dit moment vindt, is dat Emmy niet zelf een stijl kan genereren. Het algoritme is afhankelijk van eerdere componisten die het kan nabootsen’, aldus de auteur. Tegelijk is hij van slag: hoe kan een programma dat nooit heeft geleefd en nooit enige emotie heeft gekend toch emotionele muziek voortbrengen?

Een toefje toeval

Die vraag is lastig te beantwoorden. Een stuk eenvoudiger is een antwoord op de vraag hoe het komt dat AI-muziek de laatste tijd zo’n sprong heeft gemaakt. Een sprong inderdaad, want nieuw is algoritmische muziek allerminst, zegt Maarten Lamers, AI-onderzoeker aan de Universiteit Leiden.

Hij wijst op het componium, dat al in 1821 door Nikolaus Winkel werd ontworpen: een multi-muziekinstrument (tamboerijn, orgel, triangel) bestaande uit een ingenieus samenspel van cilinders, wieltjes en pennetjes die soms in elkaar grijpen en soms niet. Op die manier kon het apparaat zelfstandig muziek componeren.

Die muziek werd volgens strakke muzikale regels en conventies gemaakt, plus een toefje toeval om haar menselijker te maken. Die regels moest Winkel er eerst instoppen. Dat is ook het essentiële verschil met de huidige machinelearning-technologie waarop programma’s als Udio leunen.

‘Stel je voor dat aliens muziek maken’, legt Lamers uit, ‘die in alle opzichten totaal anders is dan die van ons. We snappen er niets van en hebben dus ook geen flauw idee hoe we dat soort muziek kunnen componeren.’ Machinelearning heeft daar geen problemen mee: stop er gewoon genoeg alienmuziek in en de AI-machine gaat uiteindelijk zelf iets maken wat er op lijkt. De machine beheerst het trucje feilloos, zónder begrip te hebben.

Maakt het uit, een ziel?

Een praktisch verschil met Winkels machine is dat het aantal combinaties bij Suno en Udio ‘de facto ontelbaar’ is. ‘Daarmee heb je veel meer speelruimte’, stelt Lamers. Ook anders: moderne AI kan verschillende stijlen probleemloos mengen: Heino met de Beatles, tango met metal.

Terug naar de de vraag of emoties of een diffuus begrip als ziel noodzakelijk zijn voor waarachtige muziek. Lamers kan daar niet zoveel mee. ‘Vaak gebruiken mensen ‘ziel’ om iets dieper liggends mee aan te duiden dat we niet goed begrijpen en wat ons zou moeten onderscheiden van machines.’

Anderen houden er een mechanistisch wereldbeeld op na en zien het menselijke brein, net als de computer, als een informatieverwerkende machine. Lamers weet niet wie er gelijk heeft. ‘Ik kijk liever naar het resultaat dat mens of machine voortbrengt. Wat maakt het dan uit of we een ziel hebben?’

Felle aanklacht

Voor veel artiesten komt deze filosofische discussie te vroeg. Zij maken zich nu vooral druk over de gevolgen van de snelle opkomst van de laatste generatie muziek-apps. Er zijn grote zorgen over het artistieke bestaansrecht, over diefstal van intellectueel eigendom en natuurlijk de inkomsten.

Vorige maand publiceerde een groep van tweehonderd internationale artiesten een open brief gericht aan de techbedrijven die AI-tools op de markt brengen. Hun werk, schreven Billie Eilish, Elvis Costello, Nicki Minaj, Pearl Jam en de erfgenamen van Frank Sinatra en Bob Marley, is een aanslag op de menselijke creativiteit. ‘Dit moet stoppen.’ De aanklacht was opmerkelijk fel van toon – misschien wel tekenend voor de staat van lichte paniek waarin de muziekindustrie zich momenteel bevindt. De artiesten spraken van ‘ondermijning van de kunst’ en zelfs ‘sabotage’.

Een grote angst is dat AI-muziek de streamingdiensten gaat overspoelen, waardoor het totaalbedrag aan de door Spotify of Apple uitgekeerde royalties verdeeld moet worden over meer artiesten (en straks dus ook nep-artiesten). ‘Voor veel musici, artiesten en liedschrijvers, die de eindjes vaak net aan elkaar kunnen knopen, zou dat een regelrechte ramp zijn’, schreven de muziekmakers.

Schaamteloos kopiëren

Vorig jaar verscheen een verontrustend verhaal in techtijdschrift Wired over AI-muziek die wordt beluisterd door computers, of ‘luisterbots’. De streamingdiensten bleken duizenden euro’s uit te keren aan de ‘makers’ van de AI-liedjes, omdat die waren aangeklikt door hun eigen computers. Het was een apocalyptisch visioen: computerliedjes die alleen worden beluisterd door computers.

Veel streamingdiensten zien het probleem, maar ze hebben nog geen oplossing. ‘Het vraagstuk is complex’, zei Spotifybaas Daniel Ek eind vorig jaar tegen de BBC, nog voor de ophef over de nieuwste AI-apps. Spotify was niet van plan zomaar alle AI-muziek van het platform te weren, vertelde Ek. Want waar ligt de grens?

Volgens Ek kon AI die bestaande artiesten schaamteloos kopieerde wél op een verbanning van het platform rekenen. Er werd al eens een liedje afgevoerd: een track met de AI-stemmen die wel heel veel leken op die van rapper Drake en the Weeknd. Maar AI die zich had laten inspireren door uiteenlopend bestaand werk mag voorlopig blijven.

Kloon van jezelf

Ondertussen zijn er ook artiesten die de ongekende mogelijkheden verkennen, om te zien of AI iets kan opleveren. De Nederlandse techno-producer en dj Reinier Zonneveld onthulde dit jaar dat hij zichzelf heeft laten ‘klonen’, en dat hij binnenkort een live-set gaat spelen naast zijn AI-versie, die hij liefkozend R² heeft genoemd. ‘Back-to-back’ met zichzelf: een wereldprimeur.

Zonneveld begon al in 2019 te experimenteren. Samen met een vriend bouwde hij een model dat werd getraind met uitsluitend eigen muziek. Zonneveld is een van de grootste techno-dj’s van de wereld: hij produceerde de afgelopen jaren honderden uren aan tracks. ‘Ik kon de AI ongeveer tachtig volle dagen aan muziek laten analyseren. Vanwege die enorme hoeveelheid kon ik dit doen’, zegt hij.

Eerst gaf Zonneveld het model vijftig nummers. ‘Bij alles wat de AI daarna maakte, hoorden we direct waar het vandaan kwam; we herkenden de elementen uit de tracks. Na het invoeren van duizenden nummers werd het moeilijker te herkennen.’ Ook dankzij dit inzicht ziet Zonneveld het gevaar: ‘Ik vind AI die is getraind op werk van anderen echt diefstal.’

Met zijn R²-kloon wil Zonneveld artistiek groeien, zegt hij. ‘AI zomaar een nummer laten maken is niet interessant. Dat kan ik zelf ook, en dat blijf ik doen want het is leuk om muziek te maken.’ De dj vindt het ’t leukst de AI door te laten gaan op iets wat hij zelf maakt. ‘Dan ga je jammen met de computer, wat ik ook ga doen op mijn eigen festival. Ik kom dan met een livetrack waar de AI op reageert, en vervolgens kom ik weer met een nummer dat daar op aansluit.’

Nieuwe luisterervaring

Zonneveld heeft zijn AI dus niet ontwikkeld om zichzelf te kunnen vervangen. ‘Ik denk dat je ontwikkeling als artiest dan vastloopt. Ja, AI kan iets in een split second maken, waar jij misschien een uur aan zou moeten werken in de studio. Maar het blijft een snelle rekensom, geen originele kunst. Die maak jij, als artiest.’

Hij geeft een voorbeeld van hoe AI zijn werk interessanter maakt. ‘Ik ben de laatste tijd aan het stoeien met de overgangen van een track in een volgende track. Normaal hoor je dat duidelijk: bij het ene nummer komt een beat van het andere nummer, en daar gaat het dan in over.’

Met AI kan Zonneveld die overgangen nu geleidelijk in elkaar over laten gaan, vergelijkbaar met het morfen van twee foto’s. Zonneveld noemt het een ‘compleet nieuwe luisterervaring’. ‘Je staat in een club, hoort een track en binnen acht maten luister je ineens naar een ander nummer, eigenlijk zonder dat je het hebt gemerkt. Hier focus ik op: dingen maken die nog niet bestaan en die kunstzinnig interessant zijn.’

Zonneveld belooft het hele proces inzichtelijk te maken op beeldschermen achter de dj-decks, zodat het publiek snapt welk aandeel van hem is en wat van AI.

De zorgen van artiesten over AI snapt hij. Maar hij wil ook relativeren: ‘Er wordt al veel muziek gemaakt met bestaand werk. Heel eenvoudige muzieksoftware zit vol met drumloops, met beats die je kunt gebruiken. Er zijn grote hits van mega-artiesten gemaakt op een drumpatroon dat standaard zit in de muzieksoftware op een Macbook. Hoe authentiek is dat dan?’

In alle verwarring staat één ding recht overeind: de voorspelling uit 1843 van Britse wiskundige en computerpionier Ada Lovelace (dochter van de romanticus Lord Byron) dat computers ooit muziek zouden gaan maken, is uitgekomen.

Reinier Zonneveld speelt op 17 augustus ‘back-to-back’ met zijn AI-kloon R², op zijn eigen festival Reinier Zonneveld presents: R² bij Spaarnwoude. Naast hem treden onder andere ook Speedy J, Scooter, Paul Elstak, Mental Theo en Miss Djax op.

Hoe zit het met de auteursrechten?

Of het nu gaat om tekst, stemmen, video, afbeeldingen of muziek: generatieve AI kan alleen maar zijn werk doen nadat de hongerige systemen gevoed zijn met gigantische hoeveelheden data. In het geval van Udio en Suno: ontelbare muziektracks. Deze zijn vervolgens voorzien van beschrijvende labels die iets zeggen over de stijl of stemming. Dit gebeurt in lagelonenlanden.

Ook het trainingsproces is controversieel. Zo hebben Udio en Suno nooit toestemming gevraagd voor het gebruik van muziek. De juristen van de rechthebbenden (zoals krantenuitgevers bij tekst, kunstenaars en fotografen bij beeld en muziekuitgevers bij muziek) en die van AI-bedrijven staan lijnrecht tegenover elkaar, in afwachting van de uitkomsten van lopende rechtzaken.

De juristen van Sony Music stuurden eerder deze maand brieven naar ruim zevenhonderd AI-bedrijven vanwege het ‘ongeoorloofd gebruik’ van zijn muziek voor AI-systemen. Volgens persbureau Bloomberg gaat het om de ‘training, ontwikkeling of commercialisering van AI-systemen’ die auteursrechtelijk beschermd materiaal gebruiken, waaronder muziek en songteksten.

Een ander strijdpunt is het namaken van bestaande stemmen van zangers. Ook dat is met AI mogelijk, waarmee nijvere hobbyisten nummers in elkaar knutselen waar bekende stemmen bestaande songs coveren, zonder dat dit daadwerkelijk echt is gebeurd. Denk aan Kurt Cobain die de Eurodance-hit What is Love zingt. Platformen als YouTube en TikTok werden vorig jaar overspoeld met dit soort songs. Ook hiertegen kwam de muziekindustrie in actie.

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next