De ruk naar extreem-rechts wordt steevast luchtig geduid in de overwegend witte Nederlandse mediawereld, stelt Marisa Monsanto. Dat is zorgelijk, want veel burgers worden getroffen door de angstige gevolgen van deze ontwikkeling.
Als Curaçaose die al vijftig jaar in dit land woont, volg ik gespannen de politieke ontwikkelingen. Ik werk voor overheden, culturele en maatschappelijke instellingen, zet mij in voor de kunsten, ben lid van een politieke partij, en oh ja: ik lever mijn bijdrage aan een inclusieve samenleving. Kortom, een keurige, actieve burger. Maar nog nooit heb ik mij in dit land zo onveilig gevoeld als nu.
Want terwijl partijen op rechts verontwaardigd reageren als de PVV ‘extreem-rechts’ wordt genoemd, gaat de kern van de maatschappelijke werkelijkheid van vandaag verloren in het gekrakeel. Matthijs Appelman stelde in NRC het verbloemen van die werkelijkheid door politici en media aan de kaak. Hij citeerde Wilders: ‘Geen omvolking, geen gelukzoekers, geen welkom voor half Afrika maar gewoon Nederland voor onze eigen mensen.’
Duidelijke taal. Wilders en Bosma verdelen dit land al twintig jaar in eerste- en tweederangs Nederlanders. Maar politici en de media kletsen daar luchtig omheen. Want, hé: wij zijn een democratie, weet je wel?
Over de auteur
Marisa Monsanto is voorzitter van Theater voor Keti Koti.
Dit is een ingezonden bijdrage, die niet noodzakelijkerwijs het standpunt van de Volkskrant reflecteert. Lees hier meer over ons beleid aangaande opiniestukken.
Eerdere bijdragen in deze discussie vindt u onder aan dit artikel.
Er is maar één verklaring voor deze luchtige houding: degenen die in talkshows op radio en tv – ja, ook van de NPO - waardig worden geacht om hierover meningen te ventileren, zijn wit en kunnen zich niet verplaatsen in de angstige gevolgen van dit gedachtegoed, omdat die hen nooit persoonlijk zullen treffen.
Zelfs Wilders’ speech op het neofascistische feestje van zijn vriend Viktor Orbán met Eva Vlaardingerbroek als cheerleader, liet geen alarmbellen afgaan. Alle nieuwsbronnen reageerden opgelucht: de formatie was niet in gevaar gebracht. Alleen Appelman en de podcast Betrouwbare Bronnen analyseerden adequaat wat onder onze ogen bezig is te gebeuren.
De tweedeling is nu zo normaal geworden dat we het niet meer zien. Het is acceptabel geworden om over medeburgers, die meewerken in deze maatschappij, belasting betalen, hun burgerplichten vervullen, de buurvrouw helpen, liefhebben en hun kinderen grootbrengen, te praten als ‘niet onze eigen mensen’.
In de Europese Commissie slaat men de politieke ontwikkelingen in Nederland met zorg en verbijstering gade. Maar ook daar schuilt gevaar. Voorzitter Ursula von der Leyen sluit, in de klem door de algemene ruk naar rechts, samenwerken met de Europese Conservatieven – een groep waarin radicaal-rechtse partijen deelnemen – niet uit. in de klem door de algemene ruk naar rechts, samenwerken met radicaal-rechtse partijen niet uit. En vorige week juichte Hero Brinkman triomfantelijk op Radio 1 dat Wilders bezig is tijd te winnen om met zijn Europese extreem-rechtse vrienden een front te vormen om de democratische waarden van de Europese Unie van binnenuit uit te hollen.
Onlangs haalde Marcia Luyten in haar column een citaat van schrijver Menno ter Braak aan. ‘Zij zijn niet in echte oplossingen geïnteresseerd, want ze hebben de misstanden nodig om te kunnen blijven schelden. Dat is ook het enige waar ze verstand van hebben: schelden en haten.’ Wat Ter Braak in 1937 zag, is nu weer actueel. Ook Rob Riemen duidde in 2010 in een doorwrocht essay, De eeuwige terugkeer van het fascisme, wat hij al zag gebeuren in ons land. Onafhankelijke journalistiek, kunst en boeken moeten worden beknopt. Er worden nieuwe zondebokken gezocht. De Joden zijn het dit keer niet.
Op 4 mei was Nederland eensgezind in de herdenking van de wreedheden, de doden en de massaal vermoorde mensen van de Tweede Wereldoorlog. Nooit meer. Iedereen heeft zijn eigen gedachten in die twee minuten. Sinds ik als kind leerde over die oorlog, weet ik: als dat weer gebeurt, moet ik mijn koffers pakken. Míjn twee minuten waren gevuld met dat ‘nooit meer’. Want is dat rechtsstatelijke vodje van Pieter Omtzigt voldoende om mijn veiligheid te garanderen? Is dit land, opgefokt door populistische leugens over migratie – zelfs van de minister van Justitie – in de fuik van extreem-rechts aan het zwemmen? ‘Nooit meer’ is nu.
Laat Europa machteloos extreem-rechtse partijen de EU sluipenderwijs uithollen? Wat is democratie waard als het ons juist op het parool van ‘democratie’ en ‘vrijheid van meningsuiting’ kan voeren naar een antidemocratische staat, waarvan Hongarije het voorbeeld is? Wat is democratie waard, als zogenaamde ‘fatsoenlijke’ partijen regeren met een eenmansbeweging die de uitsluiting en discriminatie van bepaalde groepen mensen als kernwaarde heeft?
De Duitse en Italiaanse dictaturen van de jaren dertig zijn ook op democratische wijze tot stand gekomen. En dit land is eerder enthousiast meegegaan in een zondebokkenpolitiek van ‘tweederangs’ mensen. ‘Nooit meer’ is nu.
Dat betekent twee dingen. In de media ontbreekt het perspectief van degenen die het haasje zullen zijn van de populistische, op uitsluiting gebaseerde politiek van Wilders. Wat zich nu ontvouwt wordt geduid door onbezorgde witte Nederlanders die zelf nooit iets van Wilders te vrezen zullen hebben. Andere mensen moeten aan het woord worden gelaten − in de kranten, op de radio en televisie.
En om Ursula von der Leyen niet in de handen van de Europese Conservatieven te drijven, moeten we op 6 juni massaal links stemmen; ja, óók die VVD’ers die een knoop in hun maag hebben van hun samenwerking met Wilders. Wees nu eens wèl flink. Er staat te veel op het spel. ‘Nooit meer’ is nu. Mijn angst is nu. Ik wíl mijn koffers niet pakken. Dit is mijn land. Mijn leven is hier.
Wilt u reageren? Stuur dan een opiniebijdrage (max 700 woorden) naar opinie@volkskrant.nl of een brief (maximaal 200 woorden) naar brieven@volkskrant.nl
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant