ING, Rabobank en ABN Amro zijn zo machtig dat ze kunnen wegkomen met het uitbetalen van lage rentes voor hun spaarders, en miljardenwinsten voor zichzelf, constateert kartelwaakhond ACM. Dit ‘rustige leventje’ van de grootbanken moet maar eens afgelopen zijn, vindt ACM-voorzitter Martijn Snoep.
De overheid moet een einde maken aan het oligopolie van ING, Rabobank en ABN Amro, de drie grootste Nederlandse banken. Dat is de stevige boodschap van de Autoriteit Consument & Markt, die dinsdag een onderzoek presenteerde over de gebrekkige concurrentie in de bancaire sector. Dit gebrek leidt ertoe dat spaarders van het trio grootbanken momenteel amper profiteren van de historisch hoge ECB-rente. Die bedraagt 4 procent, terwijl ING en ABN Amro niet meer dan 1,5 procent bieden, en Rabobank 1,7 procent.
Vroeger leefden bankiers volgens de 3-6-3-regel: ze betaalden spaarders 3 procent rente, leenden geld uit tegen 6 procent, en stonden om 3 uur op de golfbaan. Herleven deze tijden?
‘Ik denk dat we kunnen constateren dat de grootbanken het te rustig hebben op de spaarmarkt. De drie grootbanken hebben samen ruim 80 procent van de markt in handen. Onderling concurreren deze banken niet bijster scherp met elkaar, ze zijn elkaar vooral in de gaten aan het houden. Er lijkt daarbij sprake van een stilzwijgende afstemming tussen de banken over de rentes op de spaarmarkt.’
Over de auteur
Jonathan Witteman is economieredacteur voor de Volkskrant en schrijft over de macro-economie en de bankensector.
Ontbreekt het de bancaire sector aan concurrentie of heeft de honkvaste klant te weinig ondernemingsgeest?
‘Dat consumenten zo weinig van bank wisselen, is deels te wijten aan overstapdrempels. Mensen ervaren overstappen als een hoop gedoe. Bovendien werpen banken een barrière op via koppelverkoop: je kunt er vaak alleen een spaarrekening openen als je er ook een betaalrekening neemt. Terwijl mensen meestal wel een nieuwe spaarrekening willen, maar hun oude betaalrekening graag willen houden. Dit maakt overstappen minder aantrekkelijk. Wij pleiten voor een verbod op deze koppelverkoop.’
Banken zeggen dat hun vette rentewinsten nodig zijn om aan te spekken na de in hun ogen magere jaren, toen de banken tegen lage of zelfs negatieve rentes geld moesten stallen bij de ECB. Snijdt dit hout?
‘Banken hebben afgelopen jaren goede resultaten behaald, ook toen de beleidsrente van de ECB zeer laag was. Bovendien: alleen al het feit dat de banken nu kennelijk in staat zijn om hun rentemarges te vergroten, wijst op een bepaalde mate van marktmacht. Dat de banken hun rentemarges zelf kunnen kiezen, toont dat er te weinig concurrentie is.’
U pleit voor overheidsingrijpen. Wat moet er gebeuren?
‘Het is belangrijk te benadrukken dat de grootbanken niet in strijd handelen met de wet zoals deze nu is. Als ACM kunnen wij daardoor op dit moment niets doen. Het is aan de wetgever om de wet al dan niet aan te passen.’
‘Een van onze aanbevelingen is dat banken verplicht moeten worden om hun consumenten jaarlijks informatie te verschaffen over hoe hun spaarrente is opgebouwd, en hoe dit zich verhoudt tot wat andere banken aan rente bieden. Uit consumentenonderzoek blijkt dat mensen veel sterker reageren op bijvoorbeeld prijsverschillen tussen supermarkten dan op percentageverschillen tussen spaarrentes.’
‘Dit komt doordat mensen de gevolgen van die percentageverschillen eerst moeten omrekenen, in tegenstelling tot de prijsverschillen van pak ’m beet een brood, die een stuk minder abstract zijn. Banken moeten worden verplicht om hun klanten goed te informeren over die gevolgen, met reële rekenvoorbeelden. Ook pleiten we ervoor dat banken hun overstapservice uitbreiden, en dat de koppelverkoop van betaal- en spaarrekeningen verboden wordt.’
Lees ook: hoe moeilijk is het om van bank te veranderen?
Grootbanken zijn door hun privileges – zoals hun immuniteit voor faillissementen – een soort fabeldieren, half markt, half overheid. In hoeverre is het concurrentiegebrek hier een illustratie van?
‘Wij stellen als ACM simpelweg vast dat de bankenmarkt veel te geconcentreerd is, met drie dominante spelers. Terwijl de spaarmarkt in feite nogal rechttoe rechtaan is: een brood kan nog verschillen qua smaak of textuur, maar een spaarproduct is in principe altijd overal hetzelfde. We zien dat de grootbanken een heel rustig leventje leiden, en dat komt door het gebrek aan concurrentie.’
Wat als uw aanbevelingen niet genoeg blijken om de concurrentie te versterken?
‘Dan zouden we kunnen kijken naar het Franse model. In Frankrijk legt de overheid banken een bepaalde marge op waarbinnen ze met hun spaarrentes moeten blijven. We zijn van mening dat zo’n vorm van overheidsingrijpen niet past in de Nederlandse traditie, en dat we eerst, aan de hand van onze aanbevelingen, moeten proberen om de markt zelf zijn werk te laten doen. Mocht dit niet tot het gewenste resultaat leiden, dan zijn er misschien draconischer maatregelen nodig.’
Banken vormen een machtige lobby. Hoe hoopvol bent u dat de regering actie onderneemt?
‘Ik heb goede hoop, omdat onze aanbevelingen niet alleen vrij logisch zijn, maar de banken ook voordelen bieden. Ze geven banken extra kans om zich van hun concurrenten te onderscheiden, en meer klanten te trekken. Bovendien zullen de grootbanken misschien ook wel beseffen dat onze aanbevelingen te prefereren zijn boven het strengere Franse model.’
Reactie grootbanken en DNB
Zowel ING, Rabobank en ABN Amro als toezichthouder De Nederlandsche Bank willen nog niet inhoudelijk reageren op het onderzoek. Er komt nog een consultatieronde, waarin de banken hun zegje kunnen doen over de ACM-bevindingen.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant