Home

Het is onverstandig om Mona Keijzer te vervolgen voor haar uitspraken

Afgelopen vrijdag werd bekend dat er aangifte is gedaan tegen BBB-Kamerlid Mona Keijzer. Zij zou zich in de uitzending van 17 mei bij Sophie & Jeroen hebben bezondigd aan groepsbelediging van moslims. Keijzer zei in de uitzending dat ‘we weten dat jodenhaat in landen met veel moslims bijna onderdeel is van de cultuur’. Ze werd gecorrigeerd door Arnon Grunberg, waarna ze benadrukte het niet over ‘alle moslims te hebben’.

Kort daarna meldde Keijzer zelf op sociale media dat haar uitspraken gebaseerd zouden zijn op cijfers en feiten, waarvan radicaal-rechts altijd zo mooi kan doen alsof men die belangrijk vindt. Ter onderbouwing van Keijzers uitspraken verscheen op de website van de BBB een artikel met daarin twee ‘feiten’ om haar stelling te staven.

Over de auteur
Sander Schimmelpenninck is journalist, ondernemer en columnist van de Volkskrant. Eerder was hij hoofdredacteur van Quote. Columnisten hebben de vrijheid hun mening te geven en hoeven zich niet te houden aan de journalistieke regels voor objectiviteit. Lees hier de richtlijnen van de Volkskrant.

Allereerst wordt een onderzoek opgevoerd van het Arab Center for Research and Policy Studies, waaruit zou blijken dat 67 procent van de mensen in islamitische landen de gruwelijke slachtpartij van Hamas op 7 oktober een ‘legitieme verzetsoperatie’ vond. Als we ervan uitgaan dat die cijfers kloppen, bewijst dat alleen niet dat ‘antisemitisme deel is van de islamitische cultuur’. Kritiek op Israël staat immers niet gelijk aan antisemitisme, hoe vaak Keijzer en andere politici ook mogen doen alsof ze het verschil niet snappen.

Ook op het tweede ‘bewijsstuk’ valt wel wat af te dingen: een notitie over antisemitisme van Ruud Koopmans uit 2018. Koopmans is een hoogleraar aan de Duitse Humboldt-universiteit, maar vooral bekend in de radicaal-rechtse twitterbubbel, waar hij regelmatig populistische politici van munitie voorziet. Dit weekend plaatste hij nog een vergoelijkend tweetje over Duitse rijkelui die op jetseteiland Sylt Deutschland den Deutschen, Ausländer raus zingen terwijl zij de Hitlergroet brengen; volgens Koopmans is dat hetzelfde als Palestijnen die een eigen land willen.

Dat gezegd hebbende, lijkt het mij onverstandig om Keijzer te vervolgen voor haar uitspraken. Groepsbelediging is een subjectief delict, en toch ook een beetje een anti-seculier misbaksel. De ironie, die Keijzer ongetwijfeld zal ontgaan, is dat artikel 137c van het Wetboek van Strafrecht, dat groepsbelediging verbiedt, in 1934 werd aangenomen om Joodse burgers te beschermen tegen het antisemitisme dat toen in Duitsland zo in opmars was. Een noodmaatregel tegen het oprukkende fascisme dus.

Het artikel geeft een limitatieve opsomming van discriminatiegronden (ras, godsdienst, levensovertuiging, seksuele geaardheid en handicap). De gelijkschakeling van die gronden vind ik problematisch, omdat er wat mij betreft een verschil zit tussen een belediging op basis van kenmerken of omstandigheden waar mensen niets aan kunnen doen, zoals hun huidskleur, en een bepaalde religie of levensovertuiging, waar mensen voor kiezen. Het artikel lijkt me te breed geformuleerd, waarmee een inbreuk op de vrijheid van meningsuiting op de loer ligt.

Met radicaal-rechts aan de macht voorzie ik dan ook problemen met dit artikel. De radicaal-rechtse belediger profileert zich namelijk in toenemende mate als de beledigde; in een krankzinnige omdraaiing van de werkelijkheid jammert men voortduren over ‘haat’ tegen ‘andersdenkenden’. Je hoeft maar te kijken naar landen als Hongarije wat er gebeurt als de belediger aan de macht komt; dan sneuvelt als eerste het recht om de belediger te beledigen. Wilders, zelf veroordeeld voor groepsbelediging, zal niks liever willen.

Het lijkt mij verstandig om bij het verdedigen van de grenzen van de vrijheid van meningsuiting de blik te richten op objectieve(re) delicten als laster, haatzaaien en opruiing. In een tijd waarin de tenen van de radicaal-rechtse cult langer groeien dan de religie die zij bekritiseert, zou ik zeggen dat we ervoor moeten zorgen dat scherpe kritiek op beide mogelijk blijft.

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next