De start van de 108ste editie van de Indy 500 werd uitgesteld door regen, maar toen de wolken plaatsmaakten voor de zon kon vier uur na de oorspronkelijke starttijd de groene vlag gezwaaid worden voor de race over 200 ronden. Voor Kyle Larson was het uitstel wat minder prettig: hij kon de 'Double Duty' met de Coca-Cola 600 van de NASCAR Cup Series uit het hoofd zetten. Ook voor de start ging het nog fout bij Callum Ilott, die David Malukas voor deze race verving maar elektronische problemen had.
Het was lang wachten op de start, maar de coureurs lieten er geen gras over groeien en direct ging het fout in bocht 1, waar Tom Blomqvist de controle verloor aan de binnenkant, dwarsging en vervolgens Marcus Ericsson meenam in de ellende. Vervolgens moest Pietro Fittipaldi de twee ontwijken, net als Ilott die was aangesloten. Tussen die twee volgde contact, waardoor er na één bocht al drie coureurs minder in de strijd zaten om de felbegeerde Borg-Warnertrofee. Alleen Ilott wist in de chaos met de schrik vrij te komen. Deze eerste caution van de race grepen meerdere coureurs aan voor een pitstop, ook Marcus Armstrong. Voor hem had het echter een negatieve reden: er kwam rook uit de achterkant van de auto, dus moest de Honda-krachtbron grondig gecheckt worden. Het bleek slecht nieuws, want hij moest al na 8 ronden uitstappen.
De herstart in ronde 10 kwam als een verrassing voor Larson, die hard terugviel van P6 naar P14. Rinus VeeKay was scherp en klom op naar de zesde plek. Hij werd enkele ronden wel terugverwezen naar P7 door Felix Rosenqvist, die eerder ook al had afgerekend met Patricio O'Ward. Het was vooral een tactische openingsfase, waarin het Penske-trio ongewijzigd achter elkaar bleef rijden, gevolgd door Santino Ferrucci op de vierde plek. In ronde 23 kwam de tweede caution, opnieuw was er een Honda-motor geploft - dit keer bij Katherine Legge. VeeKay was toen teruggezakt naar P9, omdat O'Ward en Colton Herta hem voorbij waren gegaan. De timing van deze caution was gunstiger voor een pitstop, waardoor vrijwel het gehele veld binnenkwam. VeeKay verloor in de pitstraat vier posities, polesitter McLaughlin sloot aan op P4, achter Sting Ray Robb, Conor Daly en Christian Lundgaard die geen pitstop hadden gemaakt.
Het was opnieuw een onrustige herstart en het duurde niet lang voordat de derde caution een feit was. Het ging vier wijd naar bocht 1, waar Linus Lundqvist uiteindelijk de prijs voor betaalde doordat hij de controle verloor en tegen de muur knalde. In ronde 33 volgde de derde herstart van de race, waarbij McLaughlin snel weer naar de leiding stoof terwijl Josef Newgarden en Will Power wat meer naar achteren waren gevallen. Daly liet het er niet bij zitten en ging weer terug naar de leiding, wetende dat hij snel de pitstraat zou moeten opzoeken en de leiding weer zou overhandigen. Op 50 van de 200 ronden ging McLaughlin aan de leiding, gevolgd door Ferrucci en Alexander Rossi. VeeKay was door pitstops van anderen naar P12 gegaan.
In ronde 56 was de vierde caution een feit: de derde Honda-krachtbron van de dag had het begeven, dit keer die van Rosenqvist. Opnieuw was het spitsuur in de pitstraat en VeeKay had bij het wegrijden van zijn pitvak licht contact met Agustin Canapino. Net als vorig jaar kreeg VeeKay een straf voor een incident in de pits, dit keer werd hij naar het achterveld verwezen en ontsnapte hij aan een drive-through. Dit keer verliep de herstart wat rustiger, maar opnieuw schoot McLaughlin naar de leiding - die hij kort daarna afstond aan Robb. VeeKay begon aan zijn inhaalrace en ging snel van P26 naar P20.
Na een relatief rustige periode tekende Herta in ronde 86 voor de vijfde caution. Hij lag op P2 achter McLaughlin, maar verloor in bocht 1 de controle en raakte de muur. De Amerikaan, bestempeld als een van de favorieten, kon zodoende uitstappen en zo waren nog maar 25 coureurs in de running. Opnieuw ging het fout in de pits, dit keer kreeg Ilott een tik van Kyle Kirkwood waardoor hij richting de pitbox van Ed Carpenter schoot. Beide coureurs liepen aanzienlijke vertraging op. VeeKay besloot door te rijden en nam zo de leiding in de race over terwijl Newgarden McLaughlin had ingehaald in de pitstraat.
Bij de herstart kreeg VeeKay direct Lundgaard op bezoek, maar enkele ronden later heroverde hij de leiding met zijn alternatieve strategie. In ronde 98 gaf hij de leiding weer over omdat hij binnenkwam voor zijn pitstop. In ronde 106 ontsnapte Ryan Hunter-Reay aan een stevige crash toen hij Scott Dixon op backstretch wilde inhalen, maar de Chip Ganassi Racing-coureur gooide de deur dicht. Hunter-Reay maakte een 360 over het gras en had voorvleugelschade, maar kon wonder boven wonder zijn weg naar de pits vervolgen. Wel was op deze manier caution zes van de race een feit en zou Hunter-Reay toch uitvallen door schade.
Caution nummer zeven liet niet lang op zich wachten: direct bij de herstart gleed Marco Andretti de muur in bij bocht 1. Deze herstart pakten de coureurs weer wat rustiger aan, waardoor de top van het veld nu aan een pitstop onder groene vlag moest geloven. Newgarden trapte die strijd af, waarna ook McLaughlin en Larson volgden. Larson was iets te enthousiast bij het inrijden van de pitstraat, reed te hard en kon dus nog eens de pitstraat opzoeken voor een drive-through. Rossi rekende na de pitstop af met McLaughlin en nam zo de virtuele leiding over, maar Alex Palou begon zich ook te bemoeien met dit duel.
O'Ward, Dixon en VeeKay vormden op dat moment de top-drie door de alternatieve strategie, waarbij VeeKay als eerste naar binnen moest. Deze drie vormden ook de virtuele top-drie na de pitstopreeks en dus hadden zij nu op papier de overhand qua strategie. In ronde 147 werd de race voor de achtste geneutraliseerd: Power verloor de controle bij een inhaalactie in bocht 1 en zo telde Team Penske nog maar twee coureurs.
Na die herstart waren het nu Arrow McLaren-coureurs Rossi en O'Ward die het tempo bepaalden, gevolgd door Dixon, Newgarden, Palou, McLaughlin en VeeKay. In ronde 170 van 200 kwam Rossi binnen voor zijn laatste pitstop van de race, waarmee hij teamgenoot O'Ward nu alleen liet met Dixon in zijn kielzog. De Nieuw-Zeelander haalde O'Ward in en profiteerde van Canapino als tussenpion, waardoor hij een marge had naar O'Ward. Ook Newgarden en McLaughlin kwamen binnen voor een pitstop, een ronde later doken Dixon en O'Ward ook de pitstraat in voor de belangrijkste pitstop van de race. VeeKay reed twee ronden langer door en maakte vanuit leidende positie zijn laatste pitstop.
Intussen verhitte de strijd tussen Newgarden, Dixon en de Arrow McLaren-coureurs. McLaughlin verloor wat terrein en kwam achter Daly en VeeKay terecht. Kirkwood had ook een goede pitstop en mengde zich zo in de strijd om de zege, die heel open lag met nog 20 ronden te gaan. In die strijd speelde ook achterblijver Canapino nog een kleine rol, want hij probeerde om een ronde achterstand te voorkomen. Vooraan wisselden Newgarden en Dixon van positie, maar met 15 ronden te gaan was het Rossi die zich er ook wat meer mee ging bemoeien, al wist hij ook dat hij brandstof moest sparen en niet te vroeg aan de leiding moest gaan rijden.
Met tien ronden te gaan lag Newgarden op koers om voor de tweede keer op rij de Indy 500 te winnen, wat hem een bonus van 440.000 dollar zou opleveren. Rossi, O'Ward en Dixon waren echter gedreven om daar een stokje voor te steken. Rossi moest echter opnieuw aan de brandstofcijfers letten en verloor zo veel momentum toen O'Ward hem voorbijstak. Met twee ronden te gaan bleef O'Ward achter Newgarden rijden, wachtend op het perfecte moment om de leiding over te nemen. O'Ward had een heel sterke run uit de laatste bocht, blokkeerde Newgarden in bocht 1 bij aanvang van de laatste ronde, maar Newgarden had een enorme run op de Mexicaan, haalde O'Ward buitenom in bij bocht 3 en liet de McLaren-coureur kansloos uit bocht 4.
Voor het eerst sinds 2001 en 2002 (Hélio Castroneves) kent de Indy 500 een winnaar die twee keer op rij wint: Josef Newgarden. De Amerikaan vierde meteen feest met de fans terwijl O'Ward opnieuw naast de zege greep. Dixon werd uiteindelijk derde, gevolgd door Rossi. VeeKay reed zich knap terug na zijn straf en kwam als negende over de finish. Polesitter McLaughlin oogde sterk, maar moest genoegen nemen met de zesde plaats.
2:58'49.4079
+0.3417
2:58'49.7496
+0.9097
2:58'50.3176
+1.1691
2:58'50.5770
+1.5079
2:58'50.9158
+2.0593
2:58'51.4672
+2.5379
2:58'51.9458
+3.6143
2:58'53.0222
+3.9560
2:58'53.3639
+4.6071
2:58'54.0150
+4.9652
2:58'54.3731
+5.3234
2:58'54.7313
+6.1824
2:58'55.5903
+1 Lap
2:58'15.1734
+1 Lap
2:58'15.6707
+1 Lap
2:58'16.5231
+1 Lap
2:58'17.1512
+9.4846
2:58'58.8925
+9.8312
2:58'59.2391
+10.3602
2:58'59.7681
+11.0931
2:59'00.5010
+1 Lap
2:58'52.6079
+30 Laps
2:50'29.6118
+55 Laps
2:13'37.2524
+87 Laps
1:47'32.7638
+93 Laps
1:39'56.0999
+145 Laps
51'59.8657
+173 Laps
29'29.7195
+178 Laps
30'52.8001
+194 Laps
10'27.1741
+200 Laps
5.4517
+200 Laps
5.6941
+200 Laps
5.9281
Source: Motorsport