In aanloop van de Europese verkiezingen in Hongarije geldt Péter Magyar met zijn partij Tisza als de grote uitdager van Viktor Orbáns Fidesz. De populariteit van de 43-jarige politicus is in korte tijd flink gegroeid, al is niet iedereen even gecharmeerd van deze ‘verlosser’.
De komeet van de Hongaarse politiek fietst langs de oevers van het Balatonmeer. In zijn kielzog, als kuikens achter een eend, tientallen fietsers die zijn gekomen om naar Péter Magyar te luisteren. In het stadje Keszthely voert zijn publiek langs vervallen hotels, een chique jachthaven en ander vastgoed in handen van de elite rondom premier Viktor Orbán. De endemische corruptie rondom het Balatonmeer is exact wat er mis is met Hongarije, aldus Magyar.
Zijn verhaal gaat erin als Gods woord in een ouderling. Róbert Nagy, een sportieve zestiger met een grijze snor op een rode fiets, knikt instemmend. ‘Er komt wel geld van de EU naar Hongarije, maar dat verdwijnt.’ Nagy is teleurgesteld door zowel Orbán als de oppositie. Maar nu is er Magyar. ‘Hij kwam uit het niets, een nieuwe politieke kracht.’
Over de auteur
Arnout le Clercq is correspondent Centraal- en Oost-Europa voor de Volkskrant. Hij woont in Warschau.
Hongarije is in de ban van de 43-jarige conservatieve politicus. Met zijn zongebruind gelaat, geruite pantalon en witte overhemd is hij een dynamische verschijning in een land dat na veertien jaar Orbán volkomen vastgeroest leek. Met de partij Tisza doet hij mee aan de verkiezingen voor het Europees Parlement op 9 juni. In sommige peilingen – die je in Hongarije met een korreltje zout moet nemen – staat hij op 25 procent van de stemmen. Dat maakt Tisza de grootste oppositiepartij. Regeringspartij Fidesz schommelt rond de 45 procent.
Niet gek voor iemand die kortgeleden volslagen onbekend was. Als mensen hem al kenden, was hij ‘de man van’: tot 2023 was hij getrouwd met oud-minister van Justitie Judit Varga. Wel was hij nauw verbonden aan Fidesz. Hij was partijlid, werkte jarenlang als diplomaat in Brussel en zetelde in de bestuursraden van staatsbedrijven. Maar in februari brak hij openlijk met de kringen van Orbán, naar aanleiding van een kindermisbruikschandaal dat Hongarije op zijn grondvesten deed schudden.
President Katalin Novák bleek gratie te hebben verleend aan een medeplichtige van het misbruik. Dit kostte haar de kop. Magyars ex-vrouw Varga, minister ten tijde van de gratieverlening en inmiddels lijsttrekker voor de EU-verkiezingen, trad ook af. Daarna brak Magyar op spectaculaire wijze met Fidesz. Hij hing publiekelijk de vuile was van de partij buiten en sprak zich uit over corruptie en de propagandamachine van de overheid. Zaken die een deel van de Hongaren wel beseft, maar zelden van een insider hoort.
In Boedapest kreeg hij tienduizenden mensen op de been, maar in Hongarije zijn vooral de kleine plaatsen van belang. Dus trekt hij in koortsachtig tempo door het land, doet soms zes plekken per dag aan. Overal komen mensen naar hem luisteren, soms een paar honderd, wat zeldzaam is bij oppositiepolitici buiten de hoofdstad. Onder begeleiding van The Final Countdown springt hij met een soepele zwaai in de laadbak van een Ford Transit, motorkap geschilderd in het groen-wit-rood van de Hongaarse vlag.
Wat snel opvalt: Magyars verhaal gaat helemaal niet over het Europees Parlement. Hij is niet van plan naar Brussel te gaan als hij een zetel krijgt, maar wil doorvechten tot de parlementsverkiezingen in 2026. De EU-verkiezingen als opstapje voor een meer wezenlijke strijd: die om Hongarije. Overigens zijn veel van zijn standpunten onversneden rechts-conservatief en soms ook eurokritisch. In zijn strijd met de regering gaat het hem vooral om corruptie, gemiste economische kansen en de beklemmende invloed van Fidesz op het dagelijks leven.
Vanaf de pick-uptruck valt hij Orbán frontaal op meerdere fronten aan: de beroerde staat van zorg en onderwijs, het feit dat Hongaren naar het buitenland vertrekken, EU-fondsen die in zakken van de Fidesz-elite verdwijnen. ‘De nieuwe aristocraten’, noemt Magyar hen. In het kuuroord Hévíz brengt hij de menigte in vervoering. Mensen houden elkaars handen vast en herhalen zijn woorden, hoe ze Hongarije ‘steen voor steen’ weer gaan opbouwen.
Galeriehouder Jenö Nagy (77), kijkt sceptisch toe. ‘Hij is een clown, een hypocriet. Hij was zelf deel van het systeem’, verwoordt hij de twijfels van sommige Hongaren. ‘Hij neemt wraak op de partij en zijn ex.’ In de spaarzame minuten die Magyar heeft om de pers te woord te staan, bagatelliseert hij zijn rol. ‘Ik was een gewoon partijlid en bovendien al jaren een kritische stem binnen de partij. Het is niet makkelijk om tegen Orbán op te staan. Maar hier ben ik.’
De kritische galeriehouder is hier in de minderheid, verderop drommen mensen om Magyar heen voor een handdruk of een selfie. ‘Mensen geloven in hem omdat ze een messias willen’, schampert hij. Het woord ‘verlosser’ valt vaker. Een van zijn meer sardonische bijnamen is ‘slim-fit Jezus’. ‘Ik kan geen water in wijn veranderen’, zegt hij daar zelf over. Of over het Balatonmeer fietsen, blijkt vandaag.
Profeten, ook valse, duiken op als de tijd rijp is. Volgens András Bíró-Nagy, analist van denktank Policy Solutions in Boedapest, legt het fenomeen Magyar een dieper probleem bloot. ‘Regering én oppositie verkeren in crisis, mensen zijn teleurgesteld in beide. Ze zijn wanhopig op zoek naar iets nieuws. Het politieke momentum lag op straat. Magyar pakte het op.’
Magyar lijkt vooral stemmen bij de oppositie vandaan te snoepen, maar in mindere mate ook bij Orbán. Fidesz lacht Magyar weg, maar valt hem tegelijk constant aan, volgens Bíró-Nagy een teken dat ze zenuwachtig zijn. In de dorpjes waar Magyar doorheen trekt, hangen prominent regeringsposters die hem bestempelen als ‘lakei’ van Ursula von der Leyen en brenger van ‘migratie’, ‘gender’ en ‘oorlog’.
De meeste aanwezigen willen zo graag verandering dat ze ondanks alles hun hoop op Magyar vestigen. ‘Ik heb nog steeds mijn twijfels’, zegt de 19-jarige scholier Blanka bij de fietstocht. ‘Maar iets moet veranderen. Misschien kunnen mijn kinderen dan ooit onbezorgd in Hongarije wonen. Nu zie ik hier geen toekomst voor mezelf.’ Róbert Nagy, nog steeds op zijn rode fiets, zegt tot besluit: ‘Hier begint iets.’ Hij wijst naar Magyar. ‘Vroeger hing ik aan de lippen van Orbán. Nu hang ik aan zijn lippen.’
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant