Home

Oppositie staat klaar voor harde confrontatie met rechts kabinet

Zes maanden lang moest de Tweede Kamer toekijken hoe de formatie zich voortsleepte. Nu PVV, VVD, NSC en BBB eindelijk een hoofdlijnenakkoord hebben gesloten, kan ook de oppositie aan de slag. Het Kamerdebat woensdag moet duidelijk maken hoe het weerwerk er de komende tijd gaat uitzien.

D66-leider Rob Jetten gaf zaterdag bij de aftrap van de Europese verkiezingscampagne van zijn partij alvast een voorproefje van wat het beoogde extraparlementaire kabinet van hem kan verwachten. ‘Voor het eerst in Nederland leidt een extreem-rechtse partij de coalitie', hield de demissionair minister van Klimaat zijn achterban voor. ‘Wie samenwerkt met extreem-rechts, wordt uiteindelijk door hen opgegeten.’

Alleen al het gebruik van het woord extreem-rechts toont aan dat Jetten klaarstaat om hard oppositie te voeren. PVV-Kamervoorzitter Martin Bosma verzet zich - net als zijn voorganger Vera Bergkamp (D66) eerder - juist tegen de term extreem-rechts in Kamerdebatten, omdat daarmee een vergelijking met het nationaalsocialisme zou worden gemaakt. ‘Zeer kwalijk’, aldus Bosma vorige week.

Over de auteur
Frank Hendrickx is politiek verslaggever en onderzoeksjournalist van de Volkskrant.  

Volg alles over de kabinetsformatie hier.

Niet alleen Jetten zal het geduld van de Kamervoorzitter op de proef gaan stellen. Ook Volt-leider Laurens Dassen en Denk-voorman Stephan van Baarle hebben de term extreem-rechts al op de PVV geplakt.

D66: Ultieme anti-Wilderspartij

Of dat woordgebruik een rol gaat spelen tijdens het debat zal mede afhangen van Geert Wilders’ reactie, maar zeker is dat D66 zich niet voor het eerst opwerpt als de ultieme anti-PVV-partij in de Kamer. De wederopstanding van D66 na het diepterecord van drie zetels in 2006 was mede te danken aan de principiële oppositie tegen Wilders in de jaren daarna.

In zijn speech van afgelopen zaterdag pakte Jetten die rol weer op. Hij hekelde onder andere de bezuinigingen op het klimaat- en natuurbeleid, cultuur en onderwijs en waarschuwde voor de ondermijnende invloed op de Europese samenwerking. De kritiek op Wilders is indirect ook altijd gericht op de VVD en NSC, electorale concurrenten die in de ogen van Jetten hun principes verloochenen door met Wilders in zee te gaan.

Anders dan D66 beschikt GroenLinks-PvdA als grootste oppositiepartij in de Kamer niet over een beproefd recept uit het verleden. De PvdA viel tussen 2010 en 2012, toen Wilders optrad als gedoger van VVD en CDA, juist op met een relatief gematigde koers. Bij thema’s waarop de PVV geen steun wilde verlenen zoals de pensioenhervormingen en het Europees beleid, sprong de PvdA het kabinet bij.

GroenLinks-PvdA: harde confrontatiepolitiek

Frans Timmermans wil nog altijd graag bestuurlijke verantwoordelijkheid dragen, maar zijn partij lijkt nu klaar voor een hardere confrontatiepolitiek. De GL-PvdA-fractievoorzitter richtte zich vorige week in zijn eerste reactie op het hoofdlijnenakkoord vooral op het sociaal-economische beleid.

Het eigen risico wordt pas in 2027 gehalveerd - en dus niet meteen, zoals Wilders tijdens de campagne nog beloofde - en er wordt gesneden in de duur van de werkloosheidsuitkering. Het minimumloon gaat niet omhoog, hoewel ook dat een speerpunt was van de PVV. Volgens Timmermans moet er veel meer gebeuren om de bestaanszekerheid te vergroten.

SP: kabinet voor ‘rijk rechts’

Timmermans zit met zijn kritiek op de economische plannen in hetzelfde vaarwater als SP-fractievoorzitter Jimmy Dijk, die ‘een kabinet voor rijk rechts’ ziet verschijnen dat uitblinkt in ‘cadeautjes voor vermogenden’. De SP spreekt ook over ‘vies politiek verraad’ van de PVV en NSC op het pensioendossier, omdat er in het hoofdlijnenakkoord geen stappen worden genomen tegen de invoering van het nieuwe pensioenstelsel.

Het is de aankondiging van een harde oppositie, waarbij vooral de PVV het zal moeten ontgelden. De partij had daar eerder succes mee tijdens het gedoogkabinet Rutte I toen de SP in de peilingen steeg naar ongekende hoogten, mede omdat lagere inkomensgroepen teleurgesteld raakten in de PVV. Dijk maakt vooralsnog weinig woorden vuil aan het harde asielbeleid in het hoofdlijnenakkoord, waarschijnlijk omdat ook een deel van zijn eigen achterban voor een strengere aanpak is.

Het debat zal woensdag op de linkerflank vooral draaien om de vraag wie de komende tijd het meest effectief en aansprekend oppositie kan voeren tegen het ‘kabinet Wilders’. Maar PVV, VVD, NSC en BBB zullen ondertussen ook oog hebben voor de fracties in het centrum en op de rechterflank.

In die hoek moet steun gezocht worden, omdat de coalitie, die een ruime meerderheid heeft in de Tweede Kamer, maar liefst acht zetels te kort komt in de Eerste Kamer. Uit de eerste reacties kan worden opgemaakt dat JA21 en SGP welwillend staan tegenover het extraparlementaire kabinet, maar daarmee heeft de coalitie nog altijd niet genoeg steun. Zeker een partij als het CDA kan met zes zetels in de Eerste Kamer een belangrijke rol gaan spelen voor het komende kabinet.

De nieuwe CDA-leider Henri Bontenbal zegt dat zijn partij goede plannen gaat steunen en slechte plannen niet. Tegelijkertijd heeft de CDA’er, die zich profileert als voorman van ‘een heel degelijke partij’, al eerder zijn bedenkingen geuit bij het vermogen van het komende extraparlementaire kabinet om een samenhangend beleid te voeren. Zeker de VVD zal er beducht voor zijn dat de oude rivaal CDA zich gaat opwerpen als vluchtheuvel waar rechtse kiezers die snakken naar financiële en bestuurlijke degelijkheid terechtkunnen.

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next