Israël is woedend over het verzoek om internationale arrestatiebevelen uit te vaardigen voor haar premier en minister van Defensie. Niet alleen de regering zelf, maar ook haar grootste critici noemen het ‘onvergeeflijk’ dat de hoofdaanklager van het Internationaal Strafhof mogelijke misdaden van Israëlische leiders in één adem noemt met die van Hamas.
Ook de Amerikaanse president reageerde furieus op het nieuws. ‘Wat de aanklager ook impliceert, er is geen enkele, maar dan ook geen enkele overeenkomst tussen Israël en Hamas’, liet Joe Biden in een verklaring weten.
Maandag beschuldigde Karim Khan, hoofdaanklager van het Internationaal Strafhof (ICC) in Den Haag, de Israëlische premier Netanyahu en diens defensieminister Gallant van oorlogsmisdaden zoals uithongering. Hij meent dat Israël met de oorlog in Gaza niet alleen Hamas wil vernietigen, maar ook de burgerbevolking van het gebied collectief wil straffen.
Over de auteur
Sacha Kester is buitenlandredacteur van de Volkskrant en schrijft over België, Israël en de Palestijnse gebieden, en het Midden-Oosten.
Op basis van zijn verzamelde bewijsmateriaal vraagt Khan het ICC om arrestatiebevelen voor de twee Israëlische politieke leiders én voor drie Hamasleiders: Yahya Sinwar, Mohammed Deif en Ismail Haniye. Die laatsten worden door Khan onder meer vervolgd voor ‘moord als oorlogsmisdaad en misdaad tegen de menselijkheid’, ‘het nemen van gijzelaars’ en ‘verkrachting en andere daden van seksueel geweld’.
De aanklacht kwam hard aan in Israël. Mochten de rechters van het ICC aan het verzoek gehoor geven, staan twee democratisch gekozen leiders in het rijtje van de Russische autocraat Vladimir Poetin, de voormalige Soedanese despoot Omar al-Bashir en de omgekomen Libanese dictator Moammar Kadhafi – iets dat in de 21 jaar dat het Strafhof bestaat, niet eerder is gebeurd.
Premier Netanyahu noemde het besluit ‘schandalig’. ‘Dit is hetzelfde als Osama bin Laden en president Bush na de aanslagen van 11 september 2001 op één lijn stellen’, zei hij in een reactie. Zoals viel te verwachten, buitelden zijn eigen ministers over elkaar heen om de aanklacht te veroordelen en ‘antisemitisch’ te noemen, maar ook de oppositie was met afschuw vervuld. Daarnaast noemden de families van de Israëlische gijzelaars, die al maanden voor een staakt-het-vuren in Gaza demonstreren, het ‘onbegrijpelijk’ en ‘onvergeeflijk’ dat Hamas en democratisch gekozen leiders door de aanklager over één kam worden geschoren.
Khan stelt in zijn uitvoerige aanklacht echter dat hij Israël ‘herhaaldelijk’ heeft gewaarschuwd om ‘urgente actie’ te ondernemen tegen mogelijke eigen oorlogsmisdaden. ‘Wie de wet niet respecteert, moet later niet klagen als mijn diensten actie ondernemen’, schrijft hij. Er zijn in zijn aanklacht geen verwijzingen naar Israëlische militaire aanvallen, maar Khan noemt ‘uithongering als oorlogsstrategie’ wel herhaaldelijk. Aangezien de top van het Israëlische leger niet wordt aangeklaagd, ligt de eindverantwoordelijkheid hiervoor volgens Khan blijkbaar bij politici.
Israël stelt dat het de distributie van humanitaire hulp in Gaza altijd heeft gefaciliteerd, maar zeker de eerste maanden van de oorlog werd deze wel degelijk ernstig beperkt door Israël. Bovendien spraken zowel Netanyahu als Gallant (en talloze andere ministers) van een ‘beleg’ van Gaza, en lieten zij hun weerzin voor deze hulp onomwonden blijken.
Momenteel speelt Netanyahu nu de martelaar, het slachtoffer van een internationale gemeenschap die de Joodse staat niet begrijpt, of zelfs bewust dwars wil zitten. Misschien levert hem dat een tijdelijke stijging in de peilingen op, maar een grotere impact zal de aanklacht voorlopig niet hebben op de binnenlandse politieke dynamiek.
De aanklacht maakt wel duidelijk wat het gestrekte been van Netanyahu en de zijnen voor het aanzien van Israël betekent. Direct na de aanval van Hamas werd de oorlog in Gaza door de internationale gemeenschap volop gesteund. De manier waarop deze zich ontwikkelde, en de minachting die Netanyahu liet blijken voor elk verzoek, en elke waarschuwing vanuit het buitenland, heeft van het land echter meer en meer een paria gemaakt. ‘Het heeft geleid tot een situatie waarin onze leiders worden omschreven als oorlogscriminelen, bij wie een arrestatie boven het hoofd hangt’, schrijft de krant Haaretz maandag in haar hoofdredactionele commentaar. ‘Dat is iets waar elke Israëlische burger zich zorgen over zou moeten maken.’
Video wordt geladen...
Of luister via Spotify of Apple podcasts.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant