Home

Tussen de linies van demonstranten en ME’ers voel je de hele tijd dat de situatie licht ­ontvlambaar is

Afgelopen week stuurde fotograaf Joris van Gennip een bericht naar de fotoredactie van deze krant. ‘Het lijkt hier wel Parijs!’ Maar het was geen Parijs, het was de campus van de Universiteit van Amsterdam op het Roeterseiland, waar politie en pro-Palestijnse actievoerders in een verhit kat- en-muisspel verwikkeld waren. Van Gennip weet waar hij over spreekt; hij woonde een jaar in de Franse hoofdstad op het moment dat de maatschappelijke onvrede zich had verenigd in de gele hesjes en andere protesten.

Over de auteur
Mark Moorman schrijft voor de Volkskrant over series, films, fotografie en populaire cultuur.

Kijk vooral ook op zijn website, waar hij een aantal beelden van het Black Lives Matter-protest op de Place de la République heeft verzameld. Van Gennip bevindt zich voort­durend in het midden van de actie, tussen de schilden van de ME en ­g­emaskerde activisten in. Dat is het interessante gebied, en daar dan wachten op het moment dat het ­losbrandt.

Dat kostte hem weleens een ­camera – perskaart of niet. Hij legt telefonisch uit wat zijn strategie is: ‘Ik wil er zo dicht mogelijk op staan.’ ­Bovendien werkt hij in dit soort situaties met een groothoeklens, geschikt om van nabij beide kanten vast te leggen; het liefst met de emotie in de ogen, vanachter een masker of plastic schild.

In Amsterdam heeft hij er een bont-­en-blauwe linkerarm aan overgehouden, nadat hij een paar ‘flinke tikken’ met een wapenstok kreeg van een politieman. ‘Over het algemeen houdt iedereen goed rekening met de politieperskaart, die je om je nek hebt hangen.’ Maar deze week had hij er in het heetst van de strijd even niets aan.

Over die vergelijking met Parijs: het was niet alleen de intensiteit van de inzet aan beide kanten, maar ook de duidelijke aanwezigheid van een georganiseerde harde kern, die de acties leidt en voortdurend in een hogere versnelling probeert te brengen. ‘Het is naar schatting 5 procent van de demonstranten die uiteindelijk het protest kapen.’

In de krant van woensdag 15 mei stond een aantal foto’s van Van ­Gennip, waaronder een intense ­staredown tussen een activist, met het ­gezicht deels gewikkeld in een Palestijnse sjaal, en een gehelmde ME’er. ‘Hebben demonstranten recht op anonimiteit?’ luidde de kop boven het stuk.

Van Gennip legde in het ­gebouw van de UvA een gemaskerde activist vast die een aansteker bij een brandmelder houdt. ‘Deze groep is goed voorbereid en heeft bijvoorbeeld plattegronden van de gebouwen. In dit geval wisten ze dat bij een brandalarm de brandveiligheidsdeuren, die de toegang naar de kantoren op de hogere verdiepingen blokkeren, zullen opengaan.’

Kon hij daar zijn werk wel doen? Van Gennip weet van veel collega’s die zijn lastiggevallen of zelfs zijn ­bedreigd. Of op hun beurt gefilmd worden, zodat ook de identiteit van de fotograaf op de socialemedia­kanalen van de actievoerders terecht kan komen. Maar ook door zijn Parijse ervaring voelt hij zich enigszins getraind in deze situaties, waarbij hij zich zo vroeg mogelijk hecht aan een groep. ‘Plakken’ noemt hij het zelf, en dan zien waar deze dag zonder draaiboek je brengt. Soms barst het los, soms gebeurt er niets. ‘Maar je voelt de hele tijd dat de situatie licht ­ontvlambaar is.’

‘Ik werd op een gegeven moment door de demonstranten dringend verzocht om het ­UvA-gebouw te ­ver­laten.’ En dat doe je dan. ‘Je bent in het hol van de leeuw en op dat ­moment zijn zíj daar de baas. Je wilt bij deze types niet op een of andere zwarte lijst terechtkomen.’

De foto op deze pagina laat een moment vlak voor de ontruiming van maandag 13 mei zien. ‘Eerder ­protesteerde een aantal docenten van het Roeterseilandcomplex tegen het in hun ogen agressieve politie­optreden. Maar die docenten waren op deze foto al vertrokken.’

Van Gennip staat hier weer tussen de linies, waarbij de focus komt te liggen op de politiehond die de riem van zijn begeleider straktrekt en met een geopende bek vlak voor een ­zittende demonstrant staat. ‘Er hoeft maar één ding te gebeuren’, weet Van Gennip. Maar je weet dus nooit ­precies wat.

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next