Home

Hoe serieus is de ‘serieuze belofte’ van het kabinet in spe?

Het hoofdlijnenakkoord van het kabinet-in-wording begint met een gedicht. „Nederland is een prachtig land./ Een land om trots op te zijn.” En zo gaat het nog een beetje door, totdat er onverwacht een lange zin volgt. „Politiek en bestuur hebben ondanks goede bedoelingen de afgelopen jaren steken laten vallen, door de zorgen van mensen niet altijd serieus te nemen.”

Ik moest lachen om dat „ondanks goede bedoelingen”. Je ziet Yesilgöz al aan de onderhandelingstafel: „We bedoelden het goed! Dat moet er wel echt in!”

Maar de kern van die zin is natuurlijk de impliciete belofte dat de formerende partijen, anders dan vorige kabinetten, de zorgen van mensen altijd serieus gaan nemen. De vraag is: moeten wij die belofte op onze beurt serieus nemen?

Allereerst: ‘de zorgen van mensen’ is een vage term. Niet iedereen heeft dezelfde zorgen. De mensen die zich zorgen maken om politieke verruwing, schending van mensenrechten en symboolpolitiek worden door dit nieuwe kabinet niet bediend. Maar goed, de passage zal wel gaan over de zorgen van de kiezers die al jaren op drift zijn en die nu de PVV en NSC groot hebben gemaakt. De volgende vraag is: wat betekent het om deze kiezers serieus te nemen?

Even een omweg via een andere publicatie: het boek Stuurloos van de Volkskrant-journalist Kustaw Bessems, dat vrijdag verscheen. Bessems deed jarenlang onderzoek naar goed bestuur, en concludeert dat er nog een heleboel misgaat bij de overheid. Kijk naar de Toeslagenaffaire, maar ook naar het ad-hocbeleid tijdens de coronacrisis. Rode draden in het boek zijn groepsdenken, opportunisme en gebrek aan inlevingsvermogen – heel menselijke eigenschappen die ook bij politici en ambtenaren voorkomen, en die leiden tot ondermaatse besluitvorming.

Een voorbeeld hiervan is kortetermijndenken. „Wil je meer zijn dan speelbal van gebeurtenissen, dan moet je verder vooruitkijken dan een kabinetsperiode of de volgende verkiezingen”, schrijft Bessems. Dat is in het huidige politieke klimaat bijna onmogelijk, weet hij uit ervaring: hij verloor veel illusies in zijn tijd als politiek redacteur in Den Haag. „Vaak was er éérst de gewenste beeldvorming en pas daarna werden er voorstellen bij bedacht.”

Bessems’ boodschap lijkt mij essentieel voor wie de zorgen van mensen graag serieus neemt. Politici en bestuurders moeten niet meesurfen op de emoties van burgers, maar proberen de oorzaken ervan te doorgronden en (voor zover wenselijk en mogelijk) te verhelpen. Daarvoor is het ook nodig kritisch naar jezelf te kijken.

Gaat het nieuwe kabinet dit doen? De paragraaf over goed bestuur ziet er ambitieus uit, met plannen om de algemene bestuursdienst te hervormen en ervoor te zorgen dat burgers makkelijker een ambtenaar te spreken krijgen. Helaas moet er tegelijk op de ambtenarij 22 procent bezuinigd worden. Hoe gaat dat samen? Dat mag de extraparlementaire minister bedenken.

In de rest van het akkoord lijkt de beeldvorming vaak centraler te staan dan goed bestuur. De tekst is op sommige gebieden heel gedetailleerd en zegt op andere juist niks. Wél een verhoging van de maximumsnelheid en hogere btw op boeken en concerten, geen woord over het pensioenstelsel. Dit maakt geen samenhangende en doordachte indruk.

Ook opvallend zijn de maatregelen die de ‘zorgen’ van burgers aantoonbaar niet oplossen. Verlaging van het eigen risico is duur en zal leiden tot hogere premies. Het klinkt leuk, maar niemand schiet er iets mee op. Nog zoiets is het terugdraaien van de spreidingswet. Dat leidt niet tot minder vluchtelingen, wel tot een oneerlijke spreiding van de lasten.

Het ergste is dat er niet serieus lijkt te zijn nagedacht over langetermijnproblemen. Voor de betaalbaarheid van de zorg, die een kwart van de begroting inneemt, zijn bijvoorbeeld geen plannen. Of toch wel: er moet een „hoofdlijnenakkoord” komen voor de „beheersbaarheid van de zorguitgaven en de kwaliteit van de zorg”. Wie moet dat akkoord sluiten? Dat staat er niet.

Nu is het nieuwe kabinet qua kortetermijndenken geen uitzondering. Bessems denkt zelfs dat er in deze eeuw maar één keer grondig is vooruitgedacht door de politiek: met het programma Ruimte voor de Rivier, dat toekomstige overstromingen moest voorkomen. Maar van een kabinet dat de zorgen van de kiezers eindelijk serieus gaat nemen verwacht je toch iets meer ambitie.

Alles bij elkaar maakt het een nogal… ja, onserieuze indruk. Het lijkt alsof het nieuwe kabinet mensen vooral het gevóél wil geven dat het ze serieus neemt. Straks mogen ze 130 rijden en zich verkneukelen over dure museumkaartjes voor de elite. Ooit komen ze erachter dat dit kabinet niet écht met de toekomst bezig was. Maar dan zijn de vier vogels alweer gevlogen.

Floor Rusman (f.rusman@nrc.nl) is redacteur van NRC

Source: NRC

Previous

Next