Een schikking van 43,5 miljoen euro met zakenbank Barclays markeert het einde van de twaalf jaar durende strijd van woningcorporatie Vestia tegen zeven Londense zakenbanken. De banken, die Vestia een giftige berg van complexe financiële producten verkochten, betaalden gezamenlijk bijna 400 miljoen euro aan Vestia.
Het is een aanzienlijk bedrag, dat waarschijnlijk in de buurt komt van de winst die de banken maakten dankzij hun handel met Vestia. Toch is het bij lange na niet genoeg om de schade te compenseren die de Vestia-affaire veroorzaakte. Het grootste debacle in de sociale woningbouw kostte huurders in heel het land ongeveer 3 miljard euro. En de werkelijke schade voor de volkshuisvesting was nog veel groter.
Vestia was jarenlang de succesvolste woningcorporatie van Nederland. Dat kwam mede door het ‘actieve kasbeheer’: het handelde in zogenoemde rentederivaten met een hele reeks zakenbanken, die veelal in Londen waren gevestigd. In 2012 ontplofte die handel. Kasbeheerder Marcel de V. bleek gespeculeerd te hebben op een rentestijging, terwijl de rente juist daalde. Vestia moest daardoor miljarden euro’s aan onderpand storten bij de banken; zoveel geld had de corporatie niet.
Over de auteur
Tjerk Gualthérie van Weezel is economieredacteur van de Volkskrant. Hij volgt de Vestia-zaak sinds het begin en schreef er het boek De bekentenis over.
Terwijl interim-bestuurders bij Vestia orde op zaken probeerden te stellen, kwam aan het licht dat Marcel de V. fraude had gepleegd. Hij verdiende jarenlang heimelijk 10 miljoen euro via de tussenpersoon die namens zes grote banken derivaten aan Vestia verkocht. Deze Arjan Greeven speelde de helft van de commissie die hij van de banken ontving door aan Marcel. Het was Greeven zelf die deze fraude aan het licht bracht. Hij had grote spijt, en hoopte Vestia met zijn getuigenissen en archief te helpen in de onderhandelingen met de banken.
In de lente van 2012 werd de derivatenportefeuille van Vestia in één klap afgekocht, wat dus ongeveer 3 miljard euro kostte. Maar de corporatie hield het recht om schadeclaims in te dienen. Dat is bij zeven banken de afgelopen jaren gedaan. Vestia verwijt de banken dat zij hun zorgplicht grof hebben geschonden door veel te speculatieve producten te verkopen. Ook is er het verwijt dat de banken evidente signalen hebben gemist dat de relatie tussen Greeven en Marcel de V. niet deugde.
De spannendste zaak was die tegen Deutsche Bank. Greeven vertelde in een Londense rechtbank onder ede over de schaamteloze manier waarop de bankiers De V. en Greeven lijmden, om zo de meest exotische producten aan Vestia te verkopen. De bank wachtte een vonnis in die zaak niet af en schikte met Vestia voor een bedrag van 175 miljoen euro. De banken die Vestia daarna aanpakten, lieten het niet op zittingen in Londen aankomen, maar troffen de schikking vlak voordat die gepland stonden.
Zo ook Barclays, dat Vestia begin juni in Londen zou treffen. In die zaak zou Greeven onder meer kunnen getuigen over Barclay-medewerkers die zich actief bemoeiden met de juridische constructie die het voor Marcel mogelijk maakte om Greeven in te huren. Vervolgens verkochten ze zeer exotische derivaten; de commissie daarvan stortte de bank op de rekening van Greeven, zonder een factuur te sturen. Ook is bekend hoe de bankiers van Barclays Marcel de V. in Londen trakteerden op drankovergoten diners in toprestaurants en nachtenlange braspartijen in exclusieve clubs.
Dat die verhalen in de rechtszaal worden verteld, blijft Barclays bespaard dankzij de schikking. De bank hoeft voorts volgens de deal geen schuld te erkennen, en Vestia houdt het bij een summiere verklaring.
Behalve van banken heeft Vestia ook geld ontvangen uit schikkingen met accountants en oud-bestuurders, 30 miljoen euro in totaal. De totale afrekening volgt als de juridische procedures van Marcel de V. en Arjan Greeven definitief zijn afgerond. Vorig jaar werden de twee in hoger beroep veroordeeld tot respectievelijk 1,5 jaar cel en 460 uur taakstraf.
Vestia zelf bestaat inmiddels niet meer. Na jaren van grote financiële problemen werd het eind 2021 opgesplitst in drie kleinere corporaties. ‘Het geld uit de schikkingen is ingezet voor het financieel herstel van Vestia en haar rechtsopvolgers’, schrijven de drie corporaties donderdag. Meer toelichting willen ze niet geven.
Banken, gezamenlijk 399,675 miljoen euro
- Deutsche Bank, 175 miljoen euro
- ABN Amro (als rechtsopvolger van Fortis), 55 miljoen euro
- Citibank, 47,25 miljoen euro
- Barclays, 43,5 miljoen
- BNP Paribas, 37,5 miljoen euro
- Société Générale, 22,5 miljoen euro
- Nomura, 18,925 miljoen euro
Accountants KPMG en Deloitte, samen 25 miljoen euro
Bestuurders, samen 5 miljoen euro
- Vestia-bestuurder Erik Staal, 1 miloen euro
- Raad van commissarissen, 50 duizend euro
- Bestuursaansprakelijkheidsverzekering, ruim 3,9 miljoen euro
Op Marcel de V. is tot op heden 0,5 miljoen euro verhaald. Het hoger beroep in deze procedure loopt nog. Van de fraudeverzekering is 2,5 miljoen euro ontvangen.
Arjan Greeven deed afstand van zijn gehele bezit, tot op heden 1,3 miljoen euro. Dat bedrag kan nog oplopen.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant