Vrijdag wordt bekend in welk land het WK voetbal voor vrouwen zal plaatsvinden. De KNVB hoopt op de stem van onder meer Qatar en Saoedi-Arabië, landen waarover het zich eerder kritisch uitliet.
Het was een mooi rijtje landen dat Gijs de Jong laatst opsomde. Oman, Marokko, Egypte, Jordanië, Saoedi-Arabië en Qatar waren volgens hem bezocht om het WK voetbal voor vrouwen in 2027 naar Nederland, Duitsland en België te halen. ‘Een meerderheid van die landen gaat voor ons’, zei de secretaris-generaal van de KNVB hoopvol.
Vrijdag wordt bekend of het inderdaad is gelukt: of het gezamenlijke Noordwest-Europese plan wint of dat Brazilië een van de grootste sportevenementen ter wereld mag organiseren. Naar het WK in 2023 in Australië en Nieuw-Zeeland keken volgens de Fifa bijna twee miljard mensen, bijna twee keer zoveel als in 2019, en over ruim drie jaar zullen dat er waarschijnlijk nog meer zijn.
Over de auteur
Dirk Jacob Nieuwboer is sportverslaggever van de Volkskrant en schrijft over voetbal en handbal.
Voor zo’n prestigieus evenement moet alles uit de kast worden gehaald, en dan kan het helpen om niet overal een punt van te maken. Voor het WK in Qatar was de KNVB nog een van de meest kritische voetbalbonden, nu hengelt de bond naar de stem van dat land en Saoedi-Arabië. En juist nu houden de Nederlandse voetbalbonzen zich koest als het gaat over mensenrechten en het omstreden beleid van Fifa-baas Gianni Infantino.
Gijs de Jong reisde vorig jaar zelf af naar Saoedi-Arabië, waar hij onder meer trainingscomplexen van talenten (jongens en meisjes) bezocht. Ook werd hij door de Nederlandse ambassade bijgepraat over de situatie in het land, dat autoritair wordt bestuurd, waar vrouwen niet dezelfde rechten hebben als mannen, homoseksualiteit strafbaar is en critici van het bewind hun leven niet zeker zijn. Wat was zijn indruk? ‘Ik denk niet dat het echt aan mij is’, zei hij voor de camera van SBS.
Wat een verschil met eind 2022, toen dezelfde De Jong tijdens het (mannen-)WK in Qatar ferm zei dat de KNVB niet op Saoedi-Arabië zou stemmen als dat land het mondiale toernooi in 2030 wilde gaan organiseren en de mensenrechtensituatie er niet drastisch verbeterd zou zijn. Nu is het koninkrijk de enige kandidaat voor het WK 2034, maar houdt de secretaris-generaal zich voortdurend op de vlakte. ‘Daar ga ik niet op vooruitlopen.’
Het zwijgen heeft niets met het binnenslepen van 2027 te maken, bezweert De Jong. Dat zijn ‘twee verschillende trajecten’.
‘Maar landen die toernooien willen binnenhalen, zijn vrijwel altijd minder kritisch’, weet Fifa-expert Arnout Geeraert. ‘Dat is in het verleden keer op keer gebleken.’
De governance-specialist en docent aan de Universiteit Utrecht sprak voor zijn onderzoek geregeld met politici; als die anoniem zouden blijven, wilden ze best toegeven hoe het werkt. ‘Dan zeiden ze dat het niet in hun belang was om kritisch te zijn’, aldus Geeraert. ‘Juist omdat de toewijzing van zo’n toernooi niet helemaal honderd procent objectief verloopt; het gaat niet alleen om kwaliteitscriteria.’
Geeraert onderzoekt al jaren hoe sportbonden zich organiseren. Tien jaar geleden was hij nog optimistisch over de Fifa, nadat de internationale voetbalbond, gedwongen door affaires, hervormingen had doorgevoerd.
‘Op papier ziet het er nog steeds goed uit’, legt hij uit. ‘Er zijn controlemechanismen, er is een mensenrechtencomité. Maar in de praktijk werkt het niet zo onafhankelijk. Ik heb met verschillende mensen gesproken die me vertelden dat je door de Fifa onder druk wordt gezet, dat je wordt vervangen als je te kritisch bent.’
Volgens de regels van de Fifa moeten kandidaten een onafhankelijk onderzoek laten doen naar mensenrechten en duurzaamheid. De KNVB had hier zelf op aangedrongen, nadat Qatar het WK toegewezen had gekregen. Maar het blijkt geen harde voorwaarde om een toernooi binnen te slepen.
Nederland, België en Duitsland hebben zich er wel keurig aan gehouden. In hun onderzoeksrapport wordt de vinger op veel zere plekken gelegd, zoals het risico van uitbuiting van illegale arbeiders, antisemitisme, islamofobie en spreekkoren tegen homo’s. Met dit onderzoek in de hand zou Qatar een delegatie naar Nederland kunnen sturen om te kijken of het een beetje vordert met de mensenrechten.
Brazilië heeft nog geen onderzoek laten doen; vooralsnog moet iedereen het bij dat land doen met mooie beloften. Duurzaamheid en mensenrechten zitten ‘in de voorhoede en in het hart’, belooft de organisatie. En voor wie nog twijfelt: ‘Dit zijn geen lege modewoorden.’
Voor de toewijzing, waar de bij de Fifa aangesloten landen uiteindelijk over stemmen, vormt het geen belemmering. Van een evaluatiecommissie van de Fifa kreeg het Braziliaanse bid onlangs een iets hogere waardering (4 van de 5 punten) dan het Belgisch-Nederlands-Duitse (3,7 punten).
Dat de drie landen het serieus hebben aangepakt, is volgens Geeraert niet helemaal voor niets geweest, omdat een deel van het publiek en de politiek mensenrechten en duurzaamheid belangrijk vindt. ‘De bonden moeten aan het thuisfront laten zien dat ze het grondig hebben aangepakt. Maar ik kan me voorstellen dat Brazilië denkt: goh, zo serieus neemt de Fifa het allemaal niet met die mensenrechten. Het is in elk geval allesbehalve doorslaggevend.’
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant