Home

Zijn vegan snacks gezonder dan ‘gewone’ snacks?

Plantaardig voedsel is meestal beter voor het klimaat dan dierlijk voedsel. Maar is het ook gezonder?

Wat staat er vanavond op het menu? Een ‘bofkipburger’ misschien, of een wrap met bonen? En als toetje sojayoghurt? Plantaardig of ‘vegan’ eten wordt steeds gemakkelijker. In de supermarkt vind je volop veganistische voedingsmiddelen, waaronder steeds meer plantaardige snacks. Al eens oesterzwambitterballen geprobeerd? Vegan-vlammetjes, plantaardige ‘kaas’-broodjes of kroketten met plantaardig ‘draadjesvlees’? Toastjes kun je beleggen met plantaardige filet americain of vegan ‘camembert’ en als zoet hapje is er vegan ‘roomijs’, gebak, snoep en koek.

Het smaakverschil tussen ‘dierlijke’ of ‘plantaardige’ snacks is vaak verwaarloosbaar. De toegevoegde smaakstoffen en de hoeveelheid vet, zout of suiker zijn bepalender dan de eventuele dierlijke ingrediënten, beaamt voedingswetenschapper Marijke Berkenpas, oprichter van het foodcollectief I’m a Foodie. ‘Vaak hebben mensen niet eens in de gaten dat het om vegan producten gaat.’

Beter/Leven

In de rubriek Beter/Leven beantwoorden we, samen met experts, praktische vragen op het terrein van o.a. gezondheid, geld en duurzaamheid. Zelf een vraag voor deze rubriek? beterleven@volkskrant.nl

Zijn die plantaardige snacks misschien gezonder dan de vlees- en zuivelvarianten? Niet per se, zegt Marije Seves, expert Duurzaam Eten bij het Voedingscentrum. ‘Het is voor veganisten natuurlijk fijn dat ze kunnen snacken met plantaardig lekkers, maar om een donut als voorbeeld te noemen: ook de variant zonder melk of eieren levert veel calorieën, vet en suiker. Een plantaardig of vegan product is niet per se een gezond product.’

Voedingswetenschapper Nicole de Roos van Wageningen Universiteit beaamt dit. ‘Snacks en snoep zijn ‘extraatjes’ die we voor onze gezondheid niet nodig hebben, terwijl ze veel calorieën leveren en extra milieu-impact hebben. Plantaardig of met dierlijke ingrediënten, het blijven producten die je niet te vaak en te veel moet eten.’

Het gaat niet zozeer om plantaardig of dierlijk, maar meer om het soort snacks, zegt Berkenpas. ‘Veel kant-en-klare snacks, vegan of niet, zijn namelijk sterk bewerkt. Bewerken is niet altijd slecht: het maakt voedsel langer houdbaar, beter verteerbaar of veiliger, denk aan ingeblikte peulvruchten, brood of gepasteuriseerde melk. Maar sommige kant-en-klare voedingsmiddelen, zoals frituur- en diepvriessnacks, pizza’s, zoutjes, ijs, snoep en koek hebben allerlei complexe bewerkingsprocessen ondergaan waardoor hun structuur en samenstelling is veranderd.’

Over de auteur
Loethe Olthuis schrijft voor de Volkskrant over voeding en duurzaamheid.

Voedingsexperts noemen ze ‘UPF’s’, ultra processed foods. Ze bevatten vaak veel calorieën en ongezonde ingrediënten als suiker, verzadigd (palm)vet en zout en maar weinig nuttige voedingsstoffen zoals vitaminen, mineralen of vezels. Bovendien krijgen ze hun smaak en structuur van een lange lijst toevoegingen zoals smaakstoffen en emulgatoren, waardoor de ‘dooreetfactor’ ook groot is. Het regelmatig eten van UPF’s kan het risico op diverse chronische ziektes verhogen en lijkt zelfs het microbioom in je darmen (de darmflora) te kunnen verstoren, blijkt uit wetenschappelijke studies.

Het maakt voor je gezondheid weinig uit of zulke snacks wel of niet vegan zijn, zegt Berkenpas. ‘Chips met cola is ook vegan. Mogelijk zijn de vleesvarianten nog een tikkeltje ongezonder omdat overmatige consumptie van bewerkt en rood vlees extra gezondheidsrisico’s oplevert, maar daar is geen goed onderzoek naar gedaan.’

Er zijn genoeg gezonde, weinig bewerkte, kant-en-klare plantaardige snacks, zoals (ongezouten) noten, (gedroogd) fruit, snoepgroenten, olijven en fruit- en notenrepen zonder toegevoegde suikers of verzadigd vet, zeggen De Roos en Berkenpas. Maar helaas hebben we vaak juist zin in snacks mét vet, zout of suiker.

Af en toe kan dat geen kwaad: als je jezelf alles ontzegt, wordt de aantrekkingskracht ervan alleen maar groter, vindt Berkenpas. ‘Maar je kunt ook snel zelf iets gezonders maken, zoals geroosterde kikkererwten, een volkorencracker met hummus, avocado, guacamole of pesto, popcorn, of dadels gevuld met notenpasta.’ Het loont om een voorraadje gezonde snacks in de koelkast, vriezer of voorraadkast te hebben.

Er kunnen andere redenen zijn om voor plantaardige snacks te kiezen. Zoals duurzaamheid: plantaardige voedingsmiddelen hebben meestal een flink lagere klimaatbelasting dan producten met vlees of zuivel. Maar het duurzaamst is mínder snacken, zegt De Roos van Wageningen Universiteit. Seves van het Voedingscentrum voegt toe: ‘Snacks, snoep, frisdrank en alcohol hebben we voor onze gezondheid niet nodig, terwijl ze wel behoorlijke milieu-impact hebben door hun grondstoffen, het productieproces, verpakken en vervoeren.’

‘Een oesterzwambitterbal is inderdaad een betere keuze voor klimaat en milieu dan een vleesbitterbal en een gefrituurd bloemkoolroosje heeft een lagere milieu-impact dan een gefrituurde kaasstengel’, zegt Paulien van der Geest, woordvoerder Duurzaam Consumeren van voorlichtingsorganisatie Milieu Centraal. Maar er zijn wel wat nuances, benadrukt ze. Zo is het vlees in snacks als frikandellen en vlammetjes vaak ‘separatorvlees’, restvlees dat maar weinig waarde en gewicht heeft. Daardoor hebben zulke vleessnacks een veel lagere milieu-impact dan het stukje vlees bij de maaltijd. Toch blijven noten over het algemeen een duurzamere snackkeuze, maar ook daarbij zijn er verschillen. Pinda’s, kastanjes en walnoten zijn de notensoorten met de laagste milieu-impact. Maar volgens het Voedingscentrum hebben frikandellen zelfs een iets lagere broeikasgasuitstoot dan pinda’s.

Tenslotte kunnen mensen ook uit oogpunt van dierenwelzijn voor plantaardige snacks kiezen. Het vlees en de andere dierlijke ingrediënten in snacks zijn vrijwel altijd afkomstig uit de bio-industrie. ‘Er staat zelden een keurmerk op: je weet dan niet onder welke omstandigheden een dier heeft geleefd’, zegt Van der Geest.

Alle deskundigen vinden de ontwikkeling naar ‘meer plantaardig’ positief. ‘Het eten van meer onbewerkt, plantaardig voedsel en minder ultra bewerkte producten is zowel gezonder als duurzamer’, zegt Berkenpas. ‘Hoe minder vlees en zuivel we gebruiken, hoe beter’, beaamt De Roos. ‘Het moet alleen niet doorslaan. Een flesje water met ‘vegan’ op het etiket slaat echt nergens op.’

Dieren in je snoep

Ook in zoetigheid kunnen dierlijke toevoegingen zitten, zoals roomboter, gelatine (uit runder- of varkensbotten), bijenwas, ei, honing en melk. Of, minder bekend, schellak of karmijnzuur (E904 en E120), een glansmiddel en kleurstof gewonnen uit bepaalde soorten luizen.

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next