Home

Hoe Alpine en Schumacher een podium misliepen in WEC Spa

De 6 uur van Spa-Francorchamps resulteerde in enkele verrassingen, wat grotendeels te danken was aan de rode vlag na de stevige crash tussen Earl Bamber in de Cadillac V-Series.R en Sean Gelael in de WRT BMW M4 LMGT3. De wedstrijdleiding besloot na een lange onderbreking - voor de herstelwerkzaamheden aan de vangrails op Kemmel Straight - om de race te hervatten voor de duur van 1 uur en 44 minuten. Voordat de race stilgelegd werd, hadden de #12 Jota van Will Stevens en Callum Ilott, de #6 Porsche Penske van Kevin Estre, Andre Lotterer en Laurens Vanthoor en de #36 Alpine van Nicolas Lapierre, Mick Schumacher en Matthieu Vaxiviere al hun voorlaatste pitstop gemaakt. Veel andere teams, waaronder de twee leidende Ferrari's, hadden dat nog niet gedaan.

Na de onderbreking konden de Jota Porsche en Porsche Penske relatief makkelijk wegrijden op P1 en P2, maar de Alpine bleef ondanks het pitstopvoordeel achter. Het probleem voor de Franse renstal was simpelweg timing. Zij waren namelijk net ingehaald door de #51 Ferrari AF Corse van Alessandro Pier Guidi, James Calado en Antonio Giovinazzi. Kortom, zij lagen daardoor op een ronde achterstand en de kansen op een goed resultaat leken zo verkeken, al hadden zij bij de herstart achter de safety car nog een kans kunnen maken. 

Vaxiviere reed vlak na de herstart weer even in de ronde van de leider, aangezien de #51 Ferrari binnenkwam voor een snelle pitstop. Tijdens de eerste drie ronden achter de safety car is de pitstraat gesloten, maar coureurs die zonder brandstof komen te zitten mogen binnenkomen en vijf seconden lang brandstof tanken. Na de pitstop lagen de #36 Alpine en #11 Isotta Fraschini direct achter de safety car, voor de nieuwe leider in de vorm van de #50 Ferrari van Antonio Fuoco, Miguel Molina en Nicklas Nielsen.

Volgens artikel 14.6.4 van het sportief reglement van het WEC mag de wedstrijdleider 'indien dit gepast wordt geacht' een pass around toestaan voor elke auto die zijn categorieleider achter zich heeft tijdens een safety car-fase. "Het is de verantwoordelijkheid van de deelnemer om te bepalen of zijn auto in aanmerking komt voor pass around", luidt het reglement. 

Dit was ook het geval, want de Isotta en Alpine reden in deze situatie voor de leider van de Hypercar-klasse. Toch kregen zij niet het signaal voor deze pass around. Was dit wel het geval geweest, dan konden deze twee teams dus ook achter de Jota en Porsche Penske aansluiten. Alle teams die na het binnenkomen van de safety car nog een pitstop moesten maken, lagen aan het einde van de race ruim een minuut achter de nummer twee, de #6 Porsche.  

Motorsport-Total.com, een zusterpublicatie van Motorsport.com, kreeg de kans om met leden van de wedstrijdleiding te spreken, waaronder wedstrijdleider Edoardo Freitas. De conclusie na die gesprekken luidt: hoewel het niet expliciet in de reglementen staat, is het relevante voertuig voor de pass around de leider op het moment dat de safety car wordt ingezet. De safety car werd ingezet bij de herstart na de rode vlag. En op dat moment lag de #51 Ferrari aan de leiding, wat betekende dat het inrijden van de pits niet meer relevant was.

Daar zit uiteindelijk ook een logica achter, aangezien de pitstraat na drie ronden achter de safety car geopend wordt. Als de leiders dan één voor één binnenkomen, dan zou er constant een pass around moeten plaatsvinden en daarmee wordt de safety car-fase dus telkens verlengd. Om te voorkomen dat zo'n safety car-fase oneindig lang duurt, vindt er zo snel mogelijk tijdens een safety car-fase één pass around plaats en daarna niet meer. In dit geval was zo'n pass around dus niet nodig omdat bij de herstart de leider direct achter de safety car werd gezet. Wat een belangrijke rol speelt in deze situatie, is de bewoording van het reglement. Daarin wordt dus gesproken van 'indien dit gepast wordt geacht', een procedure die al langer in het WEC bestaat.

Het was uiteindelijk een gemiste kans voor Alpine om te verrassen op Spa-Francorchamps, maar het team was niet gefrustreerd. Ook Bruno Famin, vicevoorzitter van Alpine Motorsports en teambaas van het F1-team, koesterde geen wrok jegens de wedstrijdleiding. De #36 Alpine kwam uiteindelijk als twaalfde over de streep, op een ronde achterstand van de winnaars, de #12 Jota. 

Source: Motorsport

Previous

Next