Een Nederlandse wetenschapper in de VS legt uit waarom hij voor solidariteit met Gaza is, maar het breken met Israëlische universiteiten de verkeerde benadering vindt: het dupeert de verkeerde mensen.
Er zijn geen simpele oplossingen voor veel situaties en zeker niet voor die in het Midden-Oosten. Ik wil vrijheid voor Gazanen en Palestijnen. Ik ben mentor van een promovendus uit Iran. Ik doe onderzoek met Israeliërs van Tel Aviv University en Ono College. Ik ben afdelingshoofd voor Psychologie aan de Rutgers University in Camden, New Jersey. De Verenigde Staten, dus. Ook al zo’n verdeeld land.
Er zijn benaderingen waarmee vooruitgang onwaarschijnlijk is of waarmee mogelijk achteruitgang wordt geboekt. Een simplistische benadering waarin alles dat met Israël te maken heeft slecht is, is een verkeerde benadering. Net als dat een algeheel negatief beeld van Palestijnen of Iraniërs een slechte benadering is.
Er zijn ook benaderingen waarmee wellicht wel vooruitgang kan worden geboekt, zoals het in ogenschouw nemen van de complexiteit van persoonlijke situaties vanuit diverse gezichtspunten. Ik zal dit verder toelichten door enkele specifieke voorbeelden, waarmee ik zelf in mijn werk momenteel te maken heb.
Over de auteur
Robrecht van der Wel is afdelingshoofd voor Psychologie aan de Rutgers University in Camden, New Jersey.
Dit is een ingezonden bijdrage, die niet noodzakelijkerwijs het standpunt van de Volkskrant reflecteert. Lees hier meer over ons beleid aangaande opiniestukken.
Eerdere bijdragen in deze discussie vindt u onder aan dit artikel.
Het is 9 februari 2022 als ik een e-mail ontvang van een onderzoeker aan Tel Aviv University. De vraag is of ik zou willen samenwerken aan een project dat over de controle van armbewegingen gaat. Ik ben zeer geïnteresseerd, aangezien ik hier al over heb gepubliceerd. We ontwikkelen een taak waarbij mensen door het bewegen van een stylus op een tablet met verschillende snelheden een balletje volgen. We krijgen zowel van ‘mijn’ Rutgers en van Tel Aviv een beurs ter ondersteuning van ons onderzoek. Het levert inzichten op over waarom het zo moeilijk is om langzaam maar geleidelijk te bewegen, iets wat zeker in klinische situaties (zoals na een herseninfarct, bij de ziekte van Parkinson of bij depressiviteit) vaak een probleem blijkt te zijn.
In juli 2023 reis ik naar Tel Aviv voor een symposium en heb het er met wetenschappers, artsen en musici over. Terwijl ik in Tel Aviv ben zijn er vrijwel dagelijks protesten tegen premier Netanyahu en zijn regering, zeker op en om de universiteit. Men is het zat, zowel de corruptie als het ondermijnen van de democratie. Mijn twee collega’s demonstreren mee. Vanuit mijn hotelkamer zie ik de volgende dag hoe een huis van een Palestijnse familie in Oost-Jeruzalem tegen de vlakte wordt gewerkt. Het was uitgelokt, zo bericht The Jerusalem Post. Ernaast staat een artikel over nieuwe Israëlische nederzettingen op de Westelijke Jordaanoever.
Als ik weer terugben, beginnen we via wekelijkse Zoom-bijeenkomsten met het schrijven van artikelen. In augustus haal ik mijn kersverse Iraanse promovendus op van het vliegveld in Philadelphia. Ze heeft na een jaar wachten gelukkig een visum, ik ben blij dat ze eindelijk komt.
Dan komt zaterdag, 7 oktober 2024. Gruwelijkheden van Hamas worden gevolgd door gruwelijkheden van de Israëlische regering. De daaropvolgende woensdag zoomen we weer, net als de daaropvolgende woensdagen. Geregeld moeten we onze bijeenkomsten onderbreken, doordat beide collega’s naar een schuilplaats moeten. De computer blijft aan; ik hoor in mijn kantoor in de VS af en toe een knal als een raket door het Iron Dome, het Israëlische raketafweersysteem, naar beneden wordt gehaald. Als mijn collega’s terug zijn, willen ze het over armbewegingen hebben. In december begint de oudste dochter van een van de twee aan haar (non-actieve) dienstplicht. Haar vader maakt zich zorgen.
Op 13 april stuurt Iran drones en raketten op Israël af. Mijn promovendus is doodsbang voor haar ouders in Teheran. Mijn collega in Tel Aviv krijgt een sms’je van de regering, dat er over enkele uren honderden drones vanuit Iran aankomen. Ik vroeg hem wat hij met deze informatie deed. Hij zei dat hij maar naar bed is gegaan, goed geslapen heeft hij niet, maar wat moet je anders?
Het is inmiddels begin mei. Mijn Iraanse promovendus wil graag naar de Cognitive Science Society bijeenkomst in Rotterdam in juli, maar ziet hier vanwege zorgen om haar visum vanaf. Op mijn universiteit, zoals op veel universiteiten in de VS (en Amsterdam), wordt een tentenkamp opgezet om tegen de acties in Gaza te demonstreren. Ik ben het met het demonstreren tegen de acties in Gaza eens, de bombardementen en aanvallen moeten ondubbelzinnig worden gestopt.
Maar dan wordt duidelijk dat het bestuderen van armbewegingen met Tel Aviv University klaarblijkelijk ook een probleem is. In Amsterdam wordt er een barricade voor gebouwd en met stenen gesmeten. Gelukkig gaan zowel de UvA, Onderwijsminister Dijkgraaf en mijn universiteit Rutgers er voorlopig niet in mee.
Ik lees over Maya Wind, die stelt dat het gerechtvaardigd is om Israëlische universiteiten te boycotten. Hoewel het makkelijk is om te stellen dat die universiteiten deel uitmaken van het systeem, is het moeilijk om te stellen wat daarvan de consequenties voor medewerkers zouden moeten zijn. Moeten mijn collega’s maar ontslag nemen, terwijl zij regelrecht tegenover de stellingname van Netanyahu staan? Moet ik de samenwerking zelf maar stopzetten? Moet ik mijn Iraanse promovendus ook maar wegsturen, omdat ik het niet eens ben met Iran?
Complexiteit wordt niet bestreden met kortzichtige oplossingen. Was het maar zo makkelijk.
Wilt u reageren? Stuur dan een opiniebijdrage (max 700 woorden) naar opinie@volkskrant.nl of een brief (maximaal 200 woorden) naar brieven@volkskrant.nl
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant