Na een dramatische periode in zijn leven kreeg de Ierse schrijver Paul Lynch dit jaar onverwacht de Booker Prize voor zijn vijfde roman Lied van de profeet. In zijn boeken wil hij niet zozeer een verhaal vertellen, maar de lezer onderdompelen in zijn heden. Hoe krijgt hij dat voor elkaar?
Doodmoe is hij, en eigenlijk wil hij maar een halfuur praten en dan gaan rusten. Het wordt uiteindelijk toch bijna een uur. Een uur waarin zijn vermoeidheid weliswaar soms de kop opsteekt, maar waarin Paul Lynch (47) zich toch vooral een bevlogen en zorgvuldig formulerende spreker betoont.
‘Het is geweldig om na tien jaar relatieve anonimiteit ineens van alle kanten erkenning te krijgen en door iedereen te worden uitgenodigd. En natuurlijk is het een prachtige kans om in contact te komen met zo veel mogelijk lezers. Maar het is zwaar. Sinds november vorig jaar heb ik meer dan 150 interviews en publieke optredens gedaan. Ik was onlangs zowaar even in mijn werkkamer, en wat denk je? Mijn schrijftafel herkende me niet meer!’
Lynch heeft een hectische, dramatische periode achter de rug. Hij leed aan het postcovidsyndroom, wat schrijven bijna onmogelijk maakte. Zijn vrouw en hij gingen uit elkaar en nadat er nierkanker bij hem was geconstateerd, moest hij een van zijn nieren ‘doneren aan de verbrandingsoven van het ziekenhuis’. ‘Maar ik heb geen uitzaaiingen en volgens de artsen is de kans dat de kanker terugkomt zeer klein.’ En dan ineens is daar het circus van de Booker Prize: een onverwachte plek op de longlist, een nog veel minder verwachte plek op de shortlist en uiteindelijk de prijs zelf.
Over de auteur
Hans Bouman schrijft voor de Volkskrant over boeken en richt zich met name op literatuur en auteurs uit het Engelse taalgebied.
U bent al in 2018 aan Lied van de profeet begonnen, mede geïnspireerd door het beeld van het 2-jarige verdronken Koerdisch-Syrische jongetje Alan Kurdi, dat in 2015 over de wereld ging.
‘De foto was inderdaad eventjes overal in het nieuws. Maar tegelijk bleef het business as usual in de wereld, ook in mijn wereld. Waarom voelde ik niet meer dan ik deed? Dat was het beginpunt van mijn roman, die aanvankelijk in een niet nader gespecificeerd land in de nabije toekomst speelde. Na een halfjaar schrijven besefte ik dat dit het verkeerde boek was en besloot ik het in een soort parallel Ierland te laten spelen. Een Ierland dat een vergelijkbaar lot ondergaat als Syrië.’
In het parallelle Ierland van Lied van de profeet is een rechts-radicale partij aan de macht gekomen die een meedogenloze geheime dienst in het leven heeft geroepen. Agenten van deze organisatie bezoeken elke burger die ervan wordt verdacht niet loyaal te zijn aan het nieuwe bewind. Daartoe behoort ook Larry Stack, een van de leiders van de Onderwijsvakbond. Op een dag komt hij niet meer thuis en heeft zijn vrouw, microbioloog Eilish, de zorg over hun vier kinderen. En over haar dementerende vader.
Het verdwijnen van Larry is de eerste in een reeks inktzwarte gebeurtenissen. Er verdwijnen meer mensen, er wordt een avondklok ingesteld, het wordt steeds onveiliger op straat, er dreigt een burgeroorlog. Zoon Mark (17) wordt opgeroepen voor militaire dienst en probeert het land te ontvluchten. Dochter Molly (15) wordt depressief en komt haar bed niet meer uit. Zoontje Bailey (12) begint weer te bedplassen. Baby Ben is zich van niets bewust, maar het wordt steeds moeilijker om voeding voor hem te krijgen. Eilish’ dementerende vader Simon verdenkt iedereen, inclusief Eilish, van diefstal en ander kwaad. Naarmate de sfeer dreigender en wanhopiger wordt, neemt je bewondering voor de daadkrachtige Eilish toe.
Lied van de profeet mag door de politieke situatie in Syrië zijn geïnspireerd en politieke ontwikkelingen beschrijven, u beschouwt het nadrukkelijk niet als een politiek boek.
‘Mijn boek gaat ten diepste niet over politiek, maar over de menselijke geest. Politieke boeken gaan over grievance: het oplossen van grieven. Mijn boeken gaan over grief: het verwerken van verdriet. Lied van de profeet is een klaagzang over troosteloosheid, over wat niet kan worden opgelost: metafysische problemen. Ik probeer een universeel thema uit te drukken, niet de actualiteit of de nabije toekomst.
‘Neem ter illustratie Robinson Crusoe. Hij spoelt aan op een onbewoond eiland en laat daarmee de culturele en politieke structuur waarvan hij deel uitmaakte achter zich. Het is nu tussen hem en de kosmos. Ik ben geïnteresseerd in fictie die dat thema aansnijdt.
‘Ik gebruik voor boeken die mij inspireren wel de term ‘kosmisch realisme’. Dat zijn boeken waarin de menselijke conditie wordt beschreven vanuit een afstandelijk, kosmisch perspectief. Ik denk daarbij aan auteurs als Herman Melville, Virginia Woolf, Flannery O’Connor, William Faulkner, Joseph Conrad en Cormac McCarthy.’
Tegen het eind van Lied van de profeet geeft u antwoord op de vraag waarmee u de roman begon: de impact – of het ontbreken daarvan – van de dood van een 2-jarig jongetje. U stelt: het einde van de wereld is altijd een plaatselijke gebeurtenis.
‘Wij zijn opgevoed met het bijbelse beeld dat het eind van de wereld een allesomvattende gebeurtenis is. Maar in werkelijkheid is het einde van de wereld een voortdurend terugkerend, lokaal verschijnsel. We zien nu in Gaza het einde van de wereld. Maar alleen voor de mensen daar.
‘Zoals het boek zegt: ‘Het einde van de wereld komt naar jouw land en bezoekt jouw dorp en klopt op de deur van jouw huis en wordt voor anderen slechts een verre waarschuwing, een kort bericht op het nieuws.’ Het lied dat de profeet zingt, gaat niet over het einde van de wereld, maar over alle tijden.’
Ik moet bij uw boeken, niet alleen Lied van de profeet, denken aan dat befaamde gedicht van de Amerikaanse auteur Stephen Crane: ‘A man said to the universe:/ ‘Sir, I exist!’/ ‘However’, replied the universe,/ ‘The fact has not created in me/ A sense of obligation.’’
‘Een geweldig gedicht! De absolute desinteresse van het goddeloze universum is een thema waarin veel van mijn favoriete auteurs zich hebben verdiept. En het is een thema waarnaar ik telkens weer terugkeer: hoe geven we in een dergelijk universum vorm aan onze menselijkheid?
‘Ik ben zeer geïnteresseerd in de vraag naar de kenbaarheid van de werkelijkheid, van de mens. In al mijn boeken tasten de personages in het duister. Om dat duister te verlichten, hebben ze een lucifer, meer niet. Ze kennen en begrijpen de wereld om hen heen, en hun plaats erin, maar zeer ten dele. Bij het schrijven vind ik het ook belangrijk dat de lezer niet meer weet dan de personages en dus met hen rondtast in dat vijandige universum.’
Wie kennisneemt van de vier romans die Lynch vóór Lied van de profeet publiceerde, constateert dat de thematiek van de eenzame mens in een vijandig, of in elk geval onverschillig universum inderdaad voortdurend prominent aanwezig is. Zijn debuutroman Red Sky in Morning (2013) vertelt over de arme Ierse pachter Coll Coyle anno 1832. Hij belandt in een conflict met zijn landheer, die daarbij door een ongeluk om het leven komt. De van moord verdachte pachter vlucht naar de Verenigde Staten, maar wordt daar opgejaagd door de voorman van zijn overleden landheer.
In The Black Slow (2014) maakt de Ierse emigrant Barnabas Kane een omgekeerde beweging. Hij keert in 1945 terug naar Ierland na een verblijf in de VS. Daar wordt hij, mede door een fatale ‘vergissing’ van zijn kant, vijandig bejegend en wordt elke poging zijn lot te verbeteren meedogenloos de bodem ingeslagen.
Grace (2017) speelt ten tijde van de hongersnood die Ierland trof na een reeks mislukte aardappeloogsten (1845-1850). Hoofdpersoon Grace Coyle (14, dochter van Coll Coyle uit Red Sky in Morning, die ze nooit heeft gekend) trekt door het verarmde land en probeert te midden van chaos en geweld te overleven.
In Beyond the Sea (2020) treedt Lynch voor het eerst buiten de Ierse ervaring. Het boek speelt in een niet nader omschreven Latijns-Amerikaans land en vertelt het verhaal van de ervaren visser Bolivar en het groentje Hector, die na een storm op zee maandenlang ronddobberen op een onbestuurbare boot. De mannen raken hevig in conflict, met elkaar en met zichzelf.
Was het een bewuste keuze om uw vierde boek in het heden en buiten Ierland te situeren?
‘Het was erg belangrijk voor mij om Beyond the Sea te schrijven. Anders had ik voor altijd in het vakje van ‘schrijver van Ierse historische fictie’ gezeten. Niettemin hebben die eerste drie romans mij geleerd uit de beschreven gebeurtenissen de waarheid over de mens te distilleren. In een boek dat in het heden speelt vond ik dat veel moeilijker. Maar in Beyond the Sea is me dat gelukt, denk ik.’
In al uw boeken speelt de schrijfstijl een belangrijke rol. In Lied van de profeet, waarin de zinnen elkaar in een ongenadig tempo opvolgen, misschien het nadrukkelijkst van allemaal.
‘Toen ik na de toekenning van de Booker Prize mijn dankwoord uitsprak, besloot ik daarin iets over mijn stijl te zeggen. Ik ben van mening dat literaire stijl de essentie van het moment moet uitdrukken. Dat betekent dat je afstand neemt van het in de verleden tijd gestelde objectieve realisme à la Flaubert, dat dominant is geweest in de fictie van de laatste 150 jaar.
‘Ik ben geïnteresseerder in een stijl die het nu vat. Waarschijnlijk is mijn stijl beïnvloed door film. Ik ben jarenlang filmcriticus geweest. Door in je schrijfstijl nadrukkelijk het heden voelbaar te maken, denk ik dat je een grotere betrokkenheid bij de lezer bewerkstelligt. Dat de lezer het nu voelt en inademt.’
Over ademen gesproken: ik denk dat de lezer door het meedogenloze, voortjakkerende, van aanhalingstekens en alinea’s gespeende proza van Lied van de profeet vaak juist de adem wordt benomen. Zoals hoofdpersoon Eilish de adem wordt benomen in een steeds verstikkender werkelijkheid.
‘Op het moment dat de lezer naar adem hapt, is de onderdompeling in de beschreven werkelijkheid totaal. Het is mijn bedoeling de lezer te laten voelen wat Eilish voelt en zo empathie voor haar op te wekken.’
Er wordt gezegd dat u, om dat te bereiken, een zin soms wel vijftigmaal herschrijft en dat tweehonderd woorden per dag voor u een mooie productie is.
‘Dat is soms waar en soms ook niet. De openingspassage van het boek kwam bijvoorbeeld in één vloeiende beweging uit mijn pen. En daaraan heb ik vervolgens nauwelijks iets veranderd.’
De omineuze eerste zin van het boek was ook de eerste die u opschreef?
‘Ja, maar op andere momenten zit ik eindeloos te schaven. Ik heb de indruk dat ik door de jaren heen gemakkelijker ben gaan schrijven, maar ik besteed veel tijd en aandacht aan het vinden van het juiste ritme, de juiste melodie, de juiste bezwerende toon, de energie onder de oppervlakte van de zinnen. Ik wil niet vertellen, ik wil laten zien, laten voelen. Een boek schrijven van 200 of 300 pagina’s kost me ongeveer drie jaar.
‘Tussen twee boeken door heb ik een tijd nodig om me weer op te laden. Als ik vervolgens een groeiende afkeer voel om aan een nieuw boek te beginnen, weet ik dat het tijd wordt om weer te gaan schrijven. Paradoxaal, maar zoals literatuurwetenschapper Joseph Campbell zei: ‘De grot die je niet durft in te gaan bevat de schat waarnaar je op zoek bent.’ Daar zit natuurlijk een grote psychoanalytische waarheid in. Waar je bang voor bent, dat moet je onderzoeken: de draak in de ogen zien.’
Als u die draak eenmaal heeft gedefinieerd, legt u dan in een schema vast hoe u hem gaat aanpakken?
‘Ik heb een beeld van hoe de kaart eruitziet, maar niet echt van het territorium. Dat onthult zich in de loop van het schrijfproces. Het schrijven moet ook een ontdekkingsproces blijven. Ik heb bij het schrijven van Lied van de profeet een moment gehad dat ik helemaal vastzat. Vervolgens kwam in een droom de oplossing. Ik koester die relatie met mijn onderbewustzijn. Sommige mensen zullen dat wacko vinden, maar ik denk dat het gewoon een psychologisch fenomeen is.’
Uw boeken worden vooral bevolkt door mannen, maar veruit de krachtigste en meest bewonderenswaardige personages zijn vrouwen, met name Claire in de gelijknamige roman en Eilish in Lied van de profeet.
‘Ik ben vaak hard voor mijn mannelijke personages, types die naar mijn mening in aanmerking komen voor een afrekening. Dat geldt bijvoorbeeld voor Barnabas in The Black Snow en Bolivar in Beyond the Sea. Mensen die het lot tarten en daarvoor de rekening krijgen gepresenteerd. Wanneer ik vrouwelijke personages schep, gebeurt er iets totaal anders. Ik kan niet verklaren waarom, maar die worden krachtig en complex.’
Zijn er passages in Lied van de profeet waarmee u bijzonder gelukkig bent?
‘Ha, ik verraad nu een geheim. Voor Beyond the Sea schreef ik een passage die in de buurt komt van wat je mijn artistieke filosofie zou kunnen noemen, maar die uiteindelijk niet in dat boek paste. In Lied van de profeet vond ik er een plek voor. Het is een scène waarin Eilish op Eerste Kerstdag met de kinderen naar het strand gaat.’
Lynch pakt het boek en leest voor: ‘Ze kijkt naar het licht boven het strand, denkt: het licht op dit uur, hoe we het verstrijken van de dagen afmeten aan het licht dat eerst sterker wordt en dan afneemt, de dag die in nacht overgaat, en wat voorbijgaat, of lijkt voorbij te gaan, kunnen we niet aanraken of meenemen, de droom van de tijd.’ Een lichte grijns. ‘That’s me.’
Paul Lynch: Lied van de profeet. Uit het Engels vertaald door Tjadine Stheeman en Lidwien Biekmann. Prometheus; 320 pagina’s; € 23,99.
Paul Lynch (Limerick, 9 mei 1977) groeide op in County Donegal, op het Ierse schiereiland Inishowen. In zijn eerste drie romans speelt het schiereiland een rol van betekenis. Lynch studeerde Engels en filosofie, maar maakte zijn studies niet af en werkte een aantal jaar als eindredacteur en filmcriticus bij de in 2011 opgeheven Sunday Tribune. In 2013 debuteerde hij met Red Sky in Morning, daarna volgden The Black Snow (2014), Grace (2017) en Beyond the Sea (2020). Lynch’ doorbraak kwam met zijn vijfde roman, Prophet Song (Lied van de profeet), die in 2023 werd bekroond met de Booker Prize.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant