Ich nicht (Ik niet). Aldus luidde de titel van de kort voor zijn dood in 2006 verschenen jeugdherinneringen van de Duitse historicus Joachim Fest, verwijzend naar de houding van zijn familie zeventig jaar eerder: wij behoorden niet tot de meelopers. De titel was overduidelijk een antwoord op de bekentenis, slechts een paar maanden eerder, van schrijver Günter Grass dat ook hij in z'n jonge jaren lid van de Waffen-SS was geweest.
Ik begon mijn Volkskrant-column op 22 juni 2010, toen in Den Haag aan Wilders’ leiband aan het rampzalige gedoogkabinet-Rutte I geknutseld werd. Wat ik destijds schreef over het gebrek aan moed tot zelfstandige morele oordeelsvorming van de Nederlandse goegemeente, blijkt zijn relevantie geenszins verloren te hebben nu de PVV opnieuw aan de formatietafel zit.
Over de auteur
Thomas von der Dunk is cultuurhistoricus en (gast)columnist voor de Volkskrant. Columnisten hebben de vrijheid hun mening te geven en hoeven zich niet te houden aan de journalistieke regels voor objectiviteit. Lees hier meer over ons beleid.
Eerdere bijdragen in deze discussie vindt u onder aan dit artikel.
Nu de PVV dankzij de electorale stupiditeit van de VVD nog een stuk machtiger is, geldt dat zelfs sterker dan ooit. Wat we zien is een sluipende normalisatie en acceptatie van Wilders en zijn fascistoïde ideeën, zonder dat Wilders zelf normaliseert, en de angst bij Dilan Yesilgöz en Pieter Omtzigt om op hun schreden terug te keren, omdat ze dan met hangende pootjes naar Frans Timmermans moeten.
Aan die angst voor gezichtsverlies wordt het land opgeofferd. Zo worden ze steeds verder het zwarte gat ingezogen - en Wilders weet dat. Gerd Leers wist het ook: precies hiervoor heeft hij in november gewaarschuwd.
De ijskast? Daarvan is nog weinig gebleken, integendeel. In Boedapest, onder zijn rechts-extremistische vrienden, ging Wilders vol op het orgel. En we weten uit Wilders’ eigen mond: hij neemt nooit een woord terug. En we weten ook van dit soort lieden dat ze hier zeggen wat ze werkelijk vinden. VVD en NSC sloegen het vast met samengeknepen billen gade, maar hoedden zich zorgvuldig voor het uiten van enige kritiek. En dit krijgen we dus de komende tijd, als dat extreemrechtse kabinet er inderdaad komt, steeds weer opnieuw en opnieuw en opnieuw.
Dit uitblijven van enige reactie en enig gevolg is kenmerkend voor de lafheid van een groot deel van de bestuurlijke en politieke elite, voor wie het juiste proces belangrijker is dan de juiste inhoud. We zien het al de gehele formatie, waarbij gedaan wordt alsof dit een coalitie tussen normale partijen betreft. Als vooral maar alles volgens het vaste patroon en de vertrouwde regels wordt afgewikkeld! En iedereen doet eraan mee, niemand zegt: nee.
Men verschuilt zich achter formele antwoorden, om zichzelf maar geen morele vragen te hoeven stellen. We zagen dat ook bij de Dodenherdenking, met Martin Bosma’s kranslegging voor altijd besmeurd, zoals ik recent in De Kanttekening uitvoeriger heb betoogd. Juist deze plechtigheid moet immers de waarden waar Nederland voor staat uitdragen.
Nu, wat de huidige ‘waarden van Nederland’ zijn, is inderdaad duidelijk: een politiek van gemakzuchtig wegkijken, van normaal gaan vinden wat niet normaal is, omdat dat normaal gaan vinden wel zo makkelijk is. Liever een voordelig dealtje dan dat mislopen door een principiële opstelling ten opzichte van een fundamenteel anti-democratische en anti-rechtsstatelijke partij. In de hele opmaat naar Bosma’s komst naar de Dam waren er voortdurend momenten waarop iemand had kunnen zeggen: ik heb fundamentele bezwaren, daaraan werk ik niet mee.
De autoriteiten maakten zich evenwel minder zorgen over het feit dat Bosma de herdenking zou bezoedelen dan dat iemand daarop zou wijzen. Nee: niemand bleef derhalve weg, niemand zag hier een taak voor zichzelf weggelegd, niemand durfde te zeggen: dit zonder mij, ich nicht!
Nú levert een stil protest op de Dam hooguit boze blikken op. Of misschien een deukje in je carrière dan wel je omzet. Maar wat als het er straks écht op aankomt, en zelfs aan een minimale vorm van verzet wél serieuze risico’s - dus iets meer dan zo’n deukje - verbonden zijn?
Het contrast tussen de moed van degenen die herdacht worden en de angstvalligheid van degenen die herdenken, kon amper groter zijn. Ik kan u verzekeren: ik heb steeds minder moeite om in een lezing uit te leggen waarom velen in 1940 door vergaand accommodatiegedrag met de nazi’s de fout ingingen. Als 1940 zich straks in 2030 met Poetin mocht herhalen, hebben we bij een volgende bezetting aan de huidige Nederlandse elite duidelijk helemaal niets.
In dit licht is het verbazingwekkend dat men in Mark Rutte, als geen ander de belichaming van de huidige lege Nederlandse meebuigcultuur, een geschikte NAVO-baas lijkt te zien. Wij zullen hem als premier toch vooral herinneren als degene die door gebrek aan actieve herinnering altijd alles te laat door had, van toeslagen- en gasschandaal tot klimaatcrisis en de incompetentie van veel ministers, en in welke kwestie dan ook nooit zijn nek heeft durven uitsteken, omdat zijn baanbehoud voor alles ging.
Daarenboven draagt hij een forse verantwoordelijkheid voor de afbraak van de krijgsmacht, waarbij hij na Poetins inval niet in staat is gebleken om in twee jaar tijd wezenlijk de bakens te verzetten. En niet minder groot is, door zijn laatste kabinet over een leugenachtig detail op te blazen, zijn medeverantwoordelijkheid voor de huidige ontsporing van Nederland.
Dat pleit uiteraard niet de huidige politici vrij van hun aandeel in de verdere ontsporing. Waarin iedereen meegaat, omdat niemand zich geroepen voelt om ‘nee’ te zeggen, kennelijk vooral even aan zijn eigen gemak denkt, en dus gemakzuchtig in de voortgaande politieke verloedering meedeint en daarover zwijgt.
Ich nicht.
Wilt u reageren? Stuur dan een opiniebijdrage (max 700 woorden) naar opinie@volkskrant.nl of een brief (maximaal 200 woorden) naar brieven@volkskrant.nl
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant