Universiteiten moesten zo nodig bedrijven worden. Maar waar houdt de wetenschap op en begint het winstbejag?
Het Amsterdam UMC gaat alsnog uitzoeken hoe het komt dat Ronald Plasterk alleenrecht kreeg op een patent waaraan hij miljoenen verdiende, terwijl het voortborduurde op onderzoek van de universiteit.
Aanvankelijk leek Plasterk, begonnen als gevierd kankeronderzoeker en na de politiek sinds 2018 weer hoogleraar, zijn patent op eigen kracht te hebben aangevraagd. Maar onafhankelijke octrooiexperts weten het zo net nog niet, onthulde NRC, na journalistiek uitzoekwerk door Lucas Brouwers en Bas Haan.
Het idee dat Plasterk patenteerde – een manier om op de persoon toegesneden kankervaccins te maken – leunt namelijk sterk op een database ontwikkeld door microbioloog Jan Koster. En die staat niet op het patent.
Ingewikkeld. Koster zegt te hebben afgezien van het patent, Plasterk stelt zich aan alle regels te hebben gehouden, maar intussen heeft het er alle schijn van dat Plasterk meeliftte op Kosters creativiteit toen hij het patent aanvroeg en eromheen een bedrijf oprichtte. Een bedrijf dat hij en zijn zakenpartners vervolgens voor 32 miljoen euro verkochten, aan de Duitse farmaceut CureVac.
Interessanter dan het getouwtrek is de arena waarin het plaatsvindt. Want hoe is het mogelijk dat een hoogleraar aan een universiteit miljoenen kan verdienen met wat in essentie toch gewoon zijn werk is: wetenschap? Volgens welke logica kan een wetenschapper met de ene hand onafhankelijk onderzoek van belastinggeld doen, terwijl de andere hand in de weer is met patenten en aandelen?
U raadt het: de marktwerking weer. Ooit bestonden universiteiten uit knusse, in zichzelf gekeerde vakgroepen, terwijl gisse buitenstaanders aan de haal gingen met de kennis. Ook weer niet goed, het moest anders. Waarna de neoliberale wind alles anders blies: universiteiten moesten meer samenwerken met bedrijven, en zelf ook een soort bedrijven worden. Het waren de jaren waarin rondom faculteiten ‘science parks’ verrezen en ‘incubators’ voor de ‘start-ups’ die als manna uit de universiteit zouden dwarrelen (alles moest ook ineens in het Engels).
Prima idee natuurlijk, niks mis met geld verdienen, en wie weet klopt de liberale wensdroom en stimuleert het innovatie. Maar het leidde wel tot een nieuwe klasse gisse types: de miljonair-hoogleraar die door vingervlug van pet te wisselen rijk werd. Maak van je universiteit een bedrijf, en voor je het weet zie je niet meer goed waar de wetenschap eindigt en winstbejag begint.
Ik moet denken aan een discussie die ik soms heb met lezers die in de ban van het wantrouwen zijn geraakt, door een giftig mengsel van desinformatie, politieke opstokerij en nare persoonlijke ervaringen. Die wetenschappers zitten allemaal in de zak van de industrie, roepen deze dwarsdenkers al snel. Een gemakzuchtige kreet, die veel te veel over één kam scheert. Maar wél een kreet waarachter een terechte zorg schuilt: dat in de wetenschap onafhankelijk onderzoek en financiële belangen te makkelijk in elkaar overlopen.
Grimmig detail: Plasterk wilde de techniek net testen op vijftien Nederlandse longkankerpatiënten, toen CureVac het bedrijf kocht en om onduidelijke reden de proef afblies. ‘De patiënten hadden het nakijken’, merkt NRC droogjes op.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant