De pijnlijke machteloosheid die velen ervaren door de situatie in Gaza en Israël mag ons niet van elkaar vervreemden, stellen Itay Garmy en Boaz Cahn. Juist nu moeten wij het gesprek met elkaar aangaan.
Wij zien hoe er tijdens demonstraties de meest kwetsende dingen worden geroepen en geëist, zonder de impact van woorden en acties te overwegen. Ook in onze eigen kringen zien wij hoe sommige mensen zonder aarzeling kwetsende en polariserende uitingen liken, delen en verspreiden.
De studentendemonstraties van de afgelopen dagen en alle reacties hierop laten zien dat bij veel mensen de nuance ver te zoeken is.
Over de auteurs
Itay Garmy is Volt-raadslid in Amsterdam. Boaz Cahn is student aan de UvA en onderdeel van Deel de Duif, een initiatief om naast elkaar te staan als Joodse en islamitische jongeren.
Dit is een ingezonden bijdrage, die niet noodzakelijkerwijs het standpunt van de Volkskrant reflecteert. Lees hier meer over ons beleid aangaande opiniestukken.
Eerdere bijdragen in deze discussie vindt u onder aan dit artikel.
Enerzijds doen velen alsof alle demonstranten Hamas-sympathisanten zijn en bij elke pro-Palestina demonstratie meteen roepen dat het antisemitisch is. Maar demonstraties voor de Palestijnse zaak zijn een legitieme vorm van politiek protest en vrijheid van meningsuiting, die essentieel zijn in een democratische samenleving. Ze geven een stem aan degenen die zich terecht grote zorgen maken over schendingen van mensenrechten en het internationaal recht. Je doet de demonstranten geen recht door ze weg te zetten als antisemieten, dat is ook niet hun opzet. In plaats daarvan moeten we luisteren naar de zorgen die ze naar voren brengen.
Anderzijds zijn er velen die doen alsof er geen extremen aanwezig zijn bij pro-Palestina demonstraties. Denk aan de demonstratie bij de UvA-campus waar een Israëlische vlag werd verbrand en waar gevechten uitbraken tussen demonstranten en tegendemonstranten. Of zoals eerder dit jaar bij de demonstratie bij de opening van het Nationaal Holocaust Museum waar bezoekers, onder wie ook Holocaust overlevenden, werden uitgescholden. Daarnaast worden er bij demonstraties leuzen gescandeerd en symbolen gebruikt die soms provocerend en kwetsend zijn (denk aan ‘From the river to the sea’ en ‘Intifada’).
Dergelijke acties schaden de geloofwaardigheid van het protest. Door mensen zelf hierop aan te spreken, kunnen pro-Palestina demonstraties effectief blijven en hun boodschap op een respectvolle en krachtige manier blijven overbrengen.
Er zijn ook activisten die ‘zionisme’ als synoniem gebruiken voor Israëlisch regeringsbeleid, alle zionisten slecht noemen of zelfs vergelijken met nazi’s. Vaak hebben mensen geen idee wat het woord ‘zionist’ betekent. Zionisme is namelijk het streven naar een staat die joods is in het land Israël, en heeft een diepe betekenis voor veel Joden wereldwijd. Het is belangrijk om te begrijpen dat zionisme verschillende interpretaties en stromingen kent, variërend van seculier tot religieus, en van vreedzaam tot extreem nationalistisch.
Hoe moet een Joodse student die voorstander is van een tweestatenoplossing − en dus een zionist − zich voelen als er wordt gescandeerd dat zionisten niet welkom zijn? Het is mogelijk om de Israëlische politieke acties en het beleid te bekritiseren zonder de Joodse identiteit of het recht op zelfbeschikking van het Joodse volk in twijfel te trekken.
We moeten daarnaast niet doen alsof er geen dialoog mogelijk is. De roep om een academische boycot van Israëlische universiteiten klinkt steeds luider, terwijl academische instituties in Israël juist dé plekken zijn waar Israëliërs en Palestijnen elkaar ontmoeten en met elkaar samenwerken. Ze krijgen daar samen les en werken samen aan onderzoeksprojecten. Een boycot zet juist de mensen buitenspel die hard werken aan een betere toekomst voor Israëliërs en Palestijnen. Juist de vredesinitiatieven en voorbeelden van co-existentie in Israël en Palestina verdienen meer aandacht. Samenwerking met gematigde krachten aan beide zijden van het conflict brengt vrede dichterbij dan oproepen tot een algehele boycot.
Wat moeten wij dan wel doen? De verschrikkelijke gebeurtenissen in Palestina en Israël mogen ons niet afleiden van het belang om hier in Nederland respectvol met elkaar om te gaan. We moeten waken voor de toegenomen haat en polarisatie in onze eigen straten en buurten. Als wij discussiëren, moeten we diverse meningen en gevoeligheden respecteren. Het heeft geen zin om hele groepen zwart te maken en over een kam te scheren. Mensen lijken soms te vergeten dat achter elk standpunt een menselijke ervaring schuilgaat, met unieke achtergronden, zorgen en verlangens.
Wees daarom precies in je woorden, want alleen op die manier kunnen we ervoor zorgen dat iedereen in vrijheid kan protesteren, iedereen met een veilig gevoel naar zijn volgende hoorcollege kan bezoeken en iedereen zichzelf kan uitdrukken.
Wilt u reageren? Stuur dan een opiniebijdrage (max 700 woorden) naar opinie@volkskrant.nl of een brief (maximaal 200 woorden) naar brieven@volkskrant.nl
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant