Home

De tweede halve Eurovisie- finale: dit vinden de Volkskrant-bookmakers van de inzendingen

Tijdens de tweede halve finale staan donderdag maar liefst 22 acts, waaronder de vijf organiserende landen én onze Joost Klein, op het podium van het Songfestival. Amateurbookmakers van de Volkskrant beoordeelden de liedjes, van vocaal vuurwerk tot dertien in een dozijntjes.

Malta

Sarah Bonnici– Loop

Een van de vele girl bops dit jaar: energieke dancenummers van coole zangeressen die worden omringd door dansers. Deze Maltese variant doet het erg slecht bij de bookmakers, maar dat is niet terecht. Het is een prima inzending in z’n soort: aanstekelijk, fijne opbouw en prima drops. Om op te vallen tussen vergelijkbare nummers en haar kansen te redden zal Sarah Bonnici wel met een hele goede live-uitvoering moeten komen.

7,2

Albanië

Besa – Titan

Het kan zijn dat de tekstregelI’m a Titan’ gewoon nogal op ‘I am titanium’ lijkt, er zit hoe dan ook iets onmiskenbaar Sia-achtigs aan de self empowering zang van Besa, en dat is op zich best goed nieuws, omdat ze op dezelfde manier vocaal van de grond kan komen als de Australische wereldster. Dan valt meteen helaas wel op dat Sia een heel erg goeie liedjesschrijver is, en het team achter dit nummer, helaas, niet. Waardoor je bij het relatief pompende einde denkt: te laat.

5,5

Griekenland

Marina Satti – Zari

Ja, dit nummer heeft het! Een broeierige mix van traditionele instrumenten en moderne sampletechnieken waaruit een goede zangeres met charisma ontspruit. Een soort Griekse Rosalía. Tijdens de repetities ging haar het technisch pittige begin prima af. Nu maar hopen dat ze het waarmaakt als het om de knikkers gaat. ‘Ki áse na mas férei ó,ti thélei metá’, luidt het refrein. Vrij vertaald: berust in je lot. Dat doen we met dit nummer maar al te graag.

8,7

Zwitserland

Nemo – The code

Sinds Mika’s hit Grace Kelly is er niet zo lekker geëxalteerd heen en weer geflipt tussen allerlei zangstijlen (opera, ballad, rap). En net als Mika bezingt ook non-binaire Nemo in hun nummer The Code hoe heerlijk en bevrijdend het is als je je realiseert dat je je niet in een hokje hoeft te laten stoppen. Die laat zich daarbij voorstuwen door even lichtvoetige als jachtige drum ‘n bass-beats, komt plotseling tot stilstand, geeft weer plankgas, gooit alle remmen los, repeat. Ging een paar weken door voor geheide winnaar, is nog steeds kanshebber.

8,5

Tsjechië

Aiko – Pedestal

Tijdens het beluisteren van Pedestal zie je zo een glimmende bolide door het scherm glijden. Dit is echte autoreclamemuziek: edgy noch catchy. Toch gaat de kwaliteit van het nummer slechts bijzaak zijn, vrezen we. De stem van Aiko is tot nu toe niet zo heel zuiver gebleken. Vanaf de eerste woorden klinkt ze buiten adem. Daar wordt hard aan gewerkt, is ons beloofd, maar we waarschuwen u toch alvast.

5,5

Oostenrijk

Kaleen – We will rave

‘Ravers, are you with me?’ De Oostenrijkse zangeres Kaleen begeeft zich met een gebroken hart naar de dansvloer. Denk maar niet aan Berlinesk raven in een donkere doorhaaltent met naar seks ruikende toiletten en een garderobe vol Patagonia-jassen, Kaleen teleporteert zichzelf met weinig kleren aan naar een mainstream bar-dancing in de jaren negentig. Videoclipsfeer: natte haren, natte sixpacks. We Will Rave roept in al z’n ouderwetsheid ergens een bezwerend anthemgevoel op, en daarmee potentie, alleen Kaleens snikkerige stem is live totaal niet opgewassen tegen haar eigen eurodance-geweld.

5

Denemarken

SABA – Sand

Haar stem heeft volume en knalt lekker van het podium. En met het energieniveau zit het ook wel goed in Sand van zangeres Saba, al lijkt haar act nogal statisch te worden en komt de beweging alleen van de zilver flitsende lampen. Maar wat is dit nummer voorspelbaar en wat hebben we zoiets al heel veel vaker gehoord op het Songfestival; die aanloop bij een stotende piano, het euforische refrein, de drop, de climax. We willen hier geen AI-complotten ontvouwen, maar...

5,5

Armenië

Ladaniva – Jako

Onweerstaanbaar Armeens vuurwerk van Ladaniva, een bekend Frans-Armeens duo bestaande uit zangeres Jaklin Baghdasaryan en multi-instrumentalist Louis Thomas. Armeense en Balkan folklore en elk denkbaar snaar- en blaasinstrument in een aanstekelijk, vrolijk ritme dat uit alle windstreken lijkt aan te waaien. Je kunt het over de invloed van Rosalía hebben, maar Ladaniva staat al lang op eigen benen.

7,6

Letland

Dons – Hollow

Ook zonder ook maar iets van de tekst te begrijpen weet je dat de Letse hitkoning Artūrs ‘Dons’ Šingirejs met Hollow een serieuze kwestie aankaart. Er kan werkelijk geen lachje vanaf. Mensen uit Letland, het gaat hier om een feestelijke liedjeswedstrijd, geen gezamenlijke aankondiging van de apocalyps. Dons kan zingen, geen twijfel mogelijk, maar met deze opgezwollen ballad zal hij maar tot weinig harten doordringen.

5,8

San Marino

Megara – 11:11

Een metalact uit Madrid met een uitzinnig Spaanstalig nummer, 11.11, het engelengetal dat door gelovigen in deze obscure materie wordt geassocieerd met spirituele verlichting en intuïtie: dit verwacht geen mens, van San Marino. Ook dit jaar is voor het dwergstaatje in de Apennijnen meedoen belangrijker dan winnen, maar de roze rockers van Megara vliegen er in Malmö uit met een knal en dat is ook wat waard.

5,9

Georgië

Noetsa Boezaladze – Firefighter

Dankbare Songfestivalthematiek, dat uit je as herrijzen als een feniks. De stevige basbeats halverwege redden het bij vlagen bombastische Firefighter van totale saaiheid, maar het is nog steeds te weinig origineel om echt plezier aan te beleven. Een dertien in een dozijn dancenummer, dat misschien nog gered kan worden door spektakel op het podium.

5,6

België

Mustii – Before the Party’s Over

Vroeger had je bij de Aldi van die net niet Disney-films: Roodjasje en de Zeven Diamanten, De Leeuwenprins of Ali Din. Dit lijkt door te moeten gaan voor Duncan Laurences Arcade. Maar dan dus net niet. Of ja, echt helemaal niet. Misschien dat een spetterende live-act het nummer had kunnen rechttrekken. Maar zoals het gezegde luidt: als hadden komt, is hebben te laat.

5

Estland

5miinust & Puuluup – (Nendest) narkootikumidest ei tea me (küll) midagi

Zin in Cornald Maas’ poging om de titel van deze geinige, eigenzinnige inzending uit te spreken. ‘(Nendest) narkootikumidest ei tea me (küll) midagi’ betekent zoiets als ‘We weten (echt) niks over (deze) drugs’, en het nummer gaat over (al dan niet) in aanraking zijn geweest met (welke) middelen (dan ook). Twee Estse muziekgroepen vormen een gelegenheidsduo dat cultvideotheeksfeer ademt. Geen idee dus over die drugs, maar de drank kun je er wel zo’n beetje doorheen ruiken.

8,1

Israël

Eden Golan – Hurricane

Over het lied kunnen we kort zijn: heel degelijke ballad, mooi gezongen, spannende eerste seconden, keurige opbouw, verder hoogstens wat saai.

Niet te omzeilen is de kwestie-deelname van Israël, en die is nauwelijks in kort bestek uit te leggen. Een poging.

Het verbond van Europese Publieke Omroepen (EBU) heeft het zichzelf moeilijk gemaakt met hun wens hun Songfestival a-politiek te houden. Want de handhaving is zwabberig: er slopen de afgelopen jaren politieke statements in diverse songteksten. Willekeur is dan het verwijt.

En is het toelaten van Israël, vanwege de oorlog, een politieke daad an sich? Het Songfestival is een competitie tussen omroepen, niet tussen regeringen, redeneert de EBU, en de Russische omroep had zich (uitleg voert te ver) misdragen. De Israëlische omroep, Kan, hield zich wél aan de regels; ze haalden immers de politieke verwijzingen uit hun inzending.

Interessanter is dat het Eurovisie Songfestival (ESF) eerder min of meer de onafhankelijkheid van Kan heeft gered. Je mag namelijk alleen het ESF organiseren als je EBU-lid bent, en alleen EBU-lid zijn als je onafhankelijke nieuwsjournalistiek bedrijft. Netanyahu en zijn regering hebben tot twee keer toe, in 2017 en 2023, de Israëlische omroep journalistiek naar hun hand proberen te zetten. Beide keren kwam de EBU daartegen in het geweer door te dreigen het lidmaatschap van Kan in te trekken. En daarmee de mogelijkheid tot deelname aan het ESF – belangrijke reden voor de regering om in te binden.

6

Noorwegen

Gåte – Ulveham

De bandnaam Gåte betekent ‘raadsel’ in het Noors. Duistere sprookjes is hun ding. Uit de ondertiteling maken we op dat een Assepoester-type het aan de stok heeft met een wrede stiefmoeder en dat er op een gegeven moment iemand zich hult in de huid van een grijze wolf. Progressieve folkrock verbindt oer-Noorse sagen met zware gitaren, traditionele strijkinstrumenten en, vooral, de vocale krachttoeren van Gunnhild Sundli. Gaat goed vallen bij de buren in Malmö.

6,2

Nederland

Joost Klein – Europapa

Het gaat natuurlijk al weken over Europapa en alles wat u heeft gelezen klopt: dit is een geniale Songfestival-inzending. Het is ontzettend origineel, een ode aan de oer-Nederlandse gabber-subcultuur, tot in de puntjes uitgedacht en gaat nooit meer uit je hoofd. Het eindigt met de essentiële persoonlijke en emotionele touch, die in dit geval voelbaar oprecht is. Joost meent het en dat onderscheidt hem van de andere inzendingen. Dit is geen gimmick, dit is pure ernst en kunstenaarschap. Kritische noot: het plichtmatig afgaan van verschillende Europese landen en talen in de tekst is een beetje flauw.

9,2

Finale

Zweden

Marcus & Martinus - Unforgettable

De tweelingbroers Marcus & Martinus zijn helemaal niet Zweeds, maar Noors. Dat deze oud-kindsterren oersongfestivalland Zweden mogen vertegenwoordigen komt door hun populariteit aldaar, waardoor ze het Zweedse selectiefestival overtuigend wonnen. Unforgettable is niet per se onvergetelijk, maar wel een prima popnummer met een goede spanningsboog. Marcus en Martinus doen het heel goed en boyband-achtig op een podium, jammer dat een van de twee een wat geknepen nasaal stemgeluid heeft.

7,4

Duitsland

Isaak – Always On The Run

Er staat wel wat op het spel hier voor de Duits-IJslandse Isaak en voor Duitsland, dat twee jaar op rij op de laatste plek eindigde met slechts een handjevol troostpunten. Always On The Run komt uit een schier eindeloos reservoir van liedjes van jongens die het moeilijk hebben. Denk: hoofd in de handen, een soort euro-Engels en een smartelijk vertrokken stem. ‘I’m always on the run, run, run, run’. Geen laatste plaats ditmaal.

5,2

Frankrijk

Slimane – Mon amour

Slimane levert precies wat je verwacht van een Franse inzending voor het Songfestival met de (ja, toch van een zekere vorm van lef getuigende) titel Mon amour: een liefdesballade die draait om de aloude madeliefjesvraag ‘houdt ze van me of houdt ze niet van me?’ De zanger schreef de tekst van het nummer zelf en staat volgens de Franse formule garant voor een gewoon erg goede, ronduit gepassioneerde uitvoering.

7,5

Italië

Angelina Mango – La noia

Angelina Mango is Italiaanse pop royalty: vader was synthpopper Mango, moeder is Laura Valente, van de schroeiende monsterhit Ti Sento van Matia Bazar. Doet terzake, want ook La noia is kundig gecomponeerd en smaakvol geïnstrumenteerd, voortgedreven door een nogal opgevoerd cumbia-ritme, u weet, van de Colombiaanse hitgevoelige muziekstijl. De ‘cumbia van de verveling’, zingt ze, ofwel de ondraaglijke lichtheid van het bestaan voor generatie-Z-ers die beschermd opgroeien zonder ooit iets heftigs mee te maken. La noia eindigt op plaats 6 of hoger, net als de voorgaande Italiaanse inzendingen sinds 2017.

7,9

Spanje

Nebulossa – ZORRA

Niet echt een fijn Spaans woord: ‘zorra’, oftewel slet. Zangeres Nebulossa probeert er een feministische geuzennaam van te maken maar dat werd in het thuisland aanvankelijk niet echt begrepen. Na de presentatie van het nummer ontstak het behoudende deel van de natie in woede. In wat vlottere kring wordt het beheerst binnen de lijntjes pompende dance-anthem inmiddels wel gewaardeerd. Bij de Spaanse buitenfeesten schalt het ‘zorra, zorra, zorra’ al door de straten. Nebulossa kan de vocale steun ook goed gebruiken want stemvast is zij niet bepaald.

5,1

Verenigd Koninkrijk

Olly Alexander – Dizzy

Fijn om te merken dat de Britten na de Brexit weer tijd, liefde en energie hebben gestoken in hun bijdrage aan het overzeese festival en een multi-inzetbare ster hebben afgevaardigd, Olly Alexander. Waar hij is, zijn de Pet Shop Boys, de haakjes zijn legio. Dizzy doet sterk denken – alleen dat intro al – aan hun nummer It’s a Sin, ook de titel van het gelijknamige aidsdrama van Russel T. Davies op Channel 4 waarin Olly excelleerde. Met synthpopband Years & Years nam hij in 2021 een ingetogen versie van It’s a Sin op, maar waar het nu even vooral om gaat: Dizzy is meer dan Ali Express-Pet Shop Boys en, goddank, een vrolijk lichtpunt op een festival waar dit jaar menig artiest ten prooi valt aan somberheid.

8,2

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next