Cabaretier Jan Jaap van der Wal verruilde Nederland ‘voorlopig definitief’ voor België. Daar speelt hij nu voor uitverkochte zalen zijn vierde Vlaamse voorstelling, over de aankomende verkiezingen daar. In de positie van buitenstaander voelde hij zich altijd al thuis: ‘Ik was vanaf mijn geboorte al anders dan anderen.’
Op een donderdag eind februari gaat Jan Jaap van der Wal (44) aan tafel in De Mol, het cultuurcentrum aan de rand van Lier, ten zuidoosten van Antwerpen. Het theater bevindt zich hier tegenover een plek waarin iedereen comedy in kan zien: een sportschool en een McDonald’s in één gebouw. Allicht zal de cabaretier daar later vanavond een grap over maken.
Nu eerst soep, dan drie stukken vlees met friet en salade. Zo gaat dat in het land waar hij zich in 2021 permanent vestigde: in België verzorgen de theaters de maaltijd voor degenen die komen optreden. ‘De eerste jaren dat ik hier speelde, kreeg ik bijna overal Vlaamse stoverij met trappistenbier, omdat iedereen dacht: dat is leuk, dat zal-ie wel nooit gehad hebben.’
Gidi Heesakkers is verslaggever van de Volkskrant. Ze schrijft over stand-upcomedy en cabaret en over populaire cultuur en gewoonten in het dagelijks leven.
In Lier speelt hij een try-out van Geen stem, de verkiezingsconference waarmee hij door Vlaanderen toert in de aanloop naar de federale verkiezingen die hier op zaterdag 9 juni worden gehouden. Ze vallen samen met de regionale verkiezingen en de verkiezingen voor het Europese parlement.
Van der Wal heeft in België intussen een rijksregisternummer en de verblijfsstatus van ‘erkende vreemdeling’. Stemmen mag hij er nog niet, ‘ongevraagd stemadvies geven wel’, aldus de promotekst van zijn voorstelling. Daarin maakt hij met grappen een serieus punt over de ideologische leegte van de middenpartijen en de morele leegte van de extremen, vooral op het vlak van migratie.
‘Het politieke midden vaagt weg, net als in Nederland’, zegt hij. ‘Waarschijnlijk wordt het populistisch-rechtse Vlaams Belang per 9 juni de grootste partij, en dan heb ik daar ook niks aan kunnen doen.’
Geen stem is zijn vierde Vlaamse show, na een drieluik over zijn romantische gevoelens voor Vlaanderen – hij praat er graag over in de metafoor van een verliefdheid. De interesse is wederzijds; hij treedt overal op voor uitverkochte zalen. ‘Van der Wal die met gekruiste armen en getuite lippen een weifelende Belg imiteert: puur goud’, aldus de criticus van De Morgen.
In het najaar gaat hij voor het eerst in twaalf jaar weer op tournee in Nederland met een nieuwe voorstelling, Mijn vlakke land. De afgelopen tijd was hij er alleen af en toe te zien in een comedyclub, en op tv, als een van de twee teamcaptains van Dit was het nieuws – de ander is vriend en cabaretcollega Peter Pannekoek. Naar dat programma kijken ook dit seizoen weer wekelijks meer dan een miljoen kijkers.
‘Na de opnames van Dit was het nieuws vragen mensen uit het publiek geregeld of ik eigenlijk ook weleens in het theater speel’, vertelt Van der Wal. ‘Er zijn dus mensen die geen idee hebben dat ik dat twaalf jaar lang heb gedaan, die dat niet meer weten, of het niet hebben meegemaakt.’ Dat besef wakkerde bij hem de zin aan om weer in Nederland te komen optreden.
Wat die mensen mogelijk hebben gemist, of zijn vergeten: dat hij in 1997 op zijn 17de het jongste lid werd van stand-upgezelschap Comedytrain, met hun eigen comedycafé Toomler in Amsterdam als thuisbasis. Destijds waren onder meer Theo Maassen, Hans Teeuwen en Najib Amhali al lid.
Twee jaar later debuteerde hij met zijn eerste cabaretvoorstelling. Van der Wal was 26 toen hij Comedytrain-oprichter Raoul Heertje opvolgde als artistiek leider en 28 toen hij voor de toenmalige omroep Vara de oudejaarsconference voor zijn rekening nam – tot dan toe een klus die was voorbehouden aan Wim Kan, Seth Gaaikema, Freek de Jonge, Youp van ’t Hek en Lebbis & Jansen.
Het afgelopen decennium richtte hij zich dus vooral op België, waar hij een bekende Vlaming werd door zijn bijdragen aan de talkshow Café Corsari en De slimste mens ter wereld. Dat laatste programma dient misschien nog wel meer dan de Nederlandse versie (kortweg De slimste mens) als een supereffectief lanceerplatform voor kandidaten. Later werd hij presentator van het satirische De ideale wereld.
In Geen stem koppelt hij nu het belangrijkste verkiezingsthema losjes aan zijn eigen emigratie: hij woonde al een deel van de week in Antwerpen toen zijn vrouw Eva Duijvestein, eerst actrice, tegenwoordig als systeemcoach begeleider van familieopstellingen, zich met hun zoon van 6 via een ‘gezinsherenigingstraject’ bij hem voegde. Een huis in Nederland hebben ze niet meer.
‘Wat ik in de voorstelling zeg, meen ik’, zegt en meent hij nog steeds, anderhalve maand na Lier in een restaurant vlak bij hun appartement, om de hoek van het Museum voor Schone Kunsten in Antwerpen: ‘Ik mag niet stemmen, maar er is mij wel alles aan gelegen om dit een zo leuk mogelijk land te laten zijn. Dus wil ik in het theater en op tv best wat dingen zeggen die niet door de onderbuik gesmaakt zullen worden.’
In 2009 was je nog optimistisch. Ik kwam een interview tegen waarin je zei: ‘Ik denk dat over een jaar of vijf de bodem van de grofheid wel is bereikt. Op een gegeven moment is men de Gordons en andere grote bekken zat, dan stort ook de PVV in. Uiteindelijk neigen de mensen toch naar de redelijkheid.’
Lacht. ‘In my defence, qua bodem van de grofheid: vijf jaar na 2009 was het 2014, het jaar waarin Wilders zijn minder-minder-uitspraken deed.’ Serieuzer: ‘Ik denk dat corona een hoop voor de onredelijkheid heeft betekend: meer grofheid, hardheid en gekheid.
‘En Mark Rutte stond voor niks, zou je kunnen zeggen, maar hij stond tegelijkertijd voor heel veel; hij hield het politieke midden bij elkaar, op de een of andere manier.’
Het is warm, Van der Wal trekt zijn zwarte Comedytrain-hoodie uit. Er komt een T-shirt met ‘Antwerp’ erop tevoorschijn. ‘Genant dat ik dit nu aanheb. Maar goed, I love Antwerpen, dat je het maar even weet.’
Waarom denk je dat jouw humor hier zo aanslaat?
‘Ik ben best talig, dat vinden ze hier belangrijk. Ik denk ook dat ik redelijk direct en soms hard ben, maar nooit grof en sarcastisch. Cynisme, sarcasme, onder de gordel, dat werkt hier niet. De humor van Dit was het nieuws vinden Belgen over het algemeen te hard. ‘Als jezelf’, dus niet in de rol van een typetje, iets zeggen en menen over een politicus, dat doen Vlaamse komieken niet.’
Het gaat vaak over de verschillen tussen Nederland en België. Word je daar af en toe niet gek van?
‘Ik zit in de jury van de Vlaamse Slimste mens. ‘Maar hoe gaat het dan bij jullie?’, vroeg presentator Erik Van Looy in het begin. Dan antwoordde ik: ‘Maar Erik, ik woon in Antwerpen!’ Dus na drie keer is-ie daar wel mee opgehouden.
‘Toen ik De ideale wereld ging presenteren heb ik meteen gezegd dat ik daar als Vlaming ging zitten, niet als die Nederlander met ‘jullie doen dit’ en ‘jullie doen dat’. Ik wilde het hebben over ‘wij’ en ‘ons’. Dat zou misschien raar zijn in het begin, maar het was wel de deal.
‘Een programmadirecteur bij de omroep zei een keer: dat jij hier ook naar de bakker gaat voelen mensen wel, en dat vinden ze belangrijk.’
Een heleboel cabaretiers zijn al lang blij als ze op het punt komen dat ze optreden in grote zalen die altijd uitverkopen. Jij verhuist naar België en begint min of meer opnieuw.
‘Ik was niet op de vlucht, maar op het moment dat ik naar Antwerpen vertrok had ik ook niet echt een reden om in Nederland te blijven. Je wordt niet zomaar verliefd op iemand anders. Dat gebeurt ook omdat je ervoor openstaat.’
Wat hadden redenen kunnen zijn om te blijven?
‘Gewoon, optreden, weer dat rondje langs de theaters doen. Maar ik wist al op mijn 20ste dat ik dat niet eindeloos wilde doen.
‘Vorige week in Roeselare stond ik achter het podium te wachten tot het ging beginnen. Ik heb er eigenlijk al geen zin meer in, dacht ik toen, ik ben die voorstelling nu wel zat. Terwijl, wat was het, de vijftiende show? Ik speel ’m nog maar tot eind mei. Laat staan dat je nu nog tweehonderd avonden te gaan hebt.
‘Freek de Jonge speelde twintig jaar geleden drie maanden lang elke week een andere voorstelling in het Compagnietheater in Amsterdam. De VPRO zond daarvan elf keer een uur uit. Niet al die uren waren even goed. Je kunt betogen dat hij daar beter één goed programma van had kunnen maken. Een voorstelling wordt beter als je ’m tachtig keer speelt. Maar ik snap volledig waarom Freek een andere keuze maakte.’
Was je bang om in Nederland in de vergetelheid te raken?
‘In het begin wel. Dat is niet helemaal gebeurd, gelukkig, dankzij Dit was het nieuws. Maar goed, ik neem aan dat jij ook nog nooit een hele aflevering van De ideale wereld hebt gezien. Je raakt toch uit zicht, en dan vroeg ik me weleens af: glip ik nu weg?’
Uit je voorstelling blijkt dat je hier helemaal thuis bent, maar tegelijkertijd blijf je een buitenstaander, die ‘naar België verhuisde cabaretier’. Vind je dat een prettige positie?
‘Ja. Ook omdat je als comedian sowieso al een buitenstaander bent, of moet zijn. Het is je taak om afstand te nemen tot de materie en daar grappen over te maken. Dat is de meest prettige positie.
‘En ik was vanaf mijn geboorte al anders dan anderen. We zijn geen primaten meer, maar in de oertijd was ik uitgestoten uit de kudde, zal ik maar zeggen. En nog steeds zijn er landen waar je in een mandje aan de rivier wordt gelegd als je zoals ik geboren wordt met schisis.
‘Ik ben geoefend in het buitenstaander zijn. Mijn natuurlijke reflex bij problemen is: ik los het zelf wel op.’
Als kind werd Van der Wal tig keer geopereerd, min of meer om de anderhalf jaar. ‘Ik bladerde laatst door plakboeken van vroeger. Die zitten vol kaartjes die ik kreeg van klasgenoten als ik weer een paar weken moest herstellen van een operatie: ‘Je bent er niet, maar je mist niks hoor.’ Die periode was best ingrijpend. Als je één dag ziek thuis bent, heb je als kind al het gevoel dat je van alles mist.
‘Maar ik zag die kaartjes en aandacht toch vooral als iets positiefs. Misschien heeft de drive die ik al best jong bij mezelf ontdekte hier ook wel iets mee te maken: mensen moeten wel weten wie ik ben.’
Hij begint over het nummer De Reünie van rapper Snelle, die ook geboren werd met een hazelip en in dat nummer zingt over zijn pestverleden.
‘Ik ben niet gepest, daar heb ik enorm geluk mee gehad. In mijn puberteit heb ik wel even gedacht dat ik zou eindigen als een kluizenaar, dat niemand mij ooit aantrekkelijk zou vinden. Maar toen ik eenmaal ging optreden speelde het geen rol. Ik heb me op het podium altijd prettig gevoeld, nooit kotsend in de coulissen gestaan.
‘Ik maakte grappen over het feit dat ik een hazelip heb, maar daar ben ik op een gegeven moment weer mee gestopt.’ Lacht: ‘En toen ik in België begon op te treden, kon ik die hele la weer opentrekken.’
Het klinkt inderdaad alsof je jezelf het buitenstaanderschap eigen hebt gemaakt.
‘Ik ervoer het uiteindelijk als een voordeel, niet als een trauma. Terwijl het dat wel is, objectief gezien.
‘Ik was laatst bij de dokter met mijn zoon. Hij had last van zijn oor. Nou, hij werd he-le-maal gek toen ze met zo’n apparaatje in zijn oor gingen kijken. Paniek! Het gevoel dat ik op dat moment had als vader, dat hebben mijn ouders waarschijnlijk maal honderd gehad toen ik met een dichtgenaaide mond in het ziekenhuis lag.’
Heb je daar weleens naar gevraagd?
‘Nee, nee! Wij zijn Friese mensen, dat doen wij niet.’
In dat opzicht ben je een geboren Belg.
Schiet in de weifelende Belgen-imitatie uit zijn voorstelling: ‘Ja, ja, ça va hè. Je hebt gelijk, in die zin ben ik geknipt voor de rol als Vlaming.’
In Nederland ben je eigenlijk ook een beetje een buitenstaander geworden, ‘die naar België verhuisde cabaretier’ die het van een afstand aanziet.
‘Ik heb zin om dat straks in die nieuwe voorstelling uit te gaan spelen. De nadelen van Vlaanderen omdraaien als voordelen ten opzichte van Nederland, dat kan een leuke oefening worden.’
Je goede vriendin Hazel Pleysier, programmadirecteur bij productiehuis Woestijnvis, zegt dat jouw favoriete woord ‘helder’ is. En dat je het vaak gebruikt om haar op ironische wijze te laten weten dat het wel iets minder omfloerst mag.
‘Zij kan extreem onhelder zijn. Ik denk dat ik veel tv-redacteuren wel aan het schrikken heb gemaakt met mijn directheid.
‘Er is hier een soort allergie tegen de mening, die volgens mij samenhangt met de angst om pretentieus gevonden te worden. Ik begon De ideale wereld als presentator altijd met een monoloog over de actualiteit. Dat vond iedereen bij de start van het programma spannend: wat gaat-ie nu weer zeggen?
‘Toen ik ter gelegenheid van de vijfhonderdste aflevering naar een talkshow ging, nam de eindredacteur mij apart: ‘Je moet het geen satire noemen, want dat is het niet. We doen gewoon onnozel, en dat is het.’
Wat dacht jij toen?
‘Toen dacht ik: nou, dat ga ik zelf wel even bepalen. Wie alleen maar onnozel doet, haalt eigenlijk zijn schouders op: wij weten het ook niet. Ik vind het belangrijk om ergens voor te staan, en engagement komt met een bepaalde verantwoordelijkheid. Daar heb ik bij De ideale wereld veel discussies over gevoerd.’
Peter Pannekoek vertelde me dat hij denkt dat jij ervan geniet om jezelf in moeilijke situaties te manoeuvreren.
‘Inderdaad, het is soms frustrerend en moeilijk geweest. Ik ben iemand van twaalf ambachten, dertien ongelukken. Terugkijkend kun je wel stellen dat ik met sommige dingen iets te vroeg was. De oudejaars in 2007 was geen slechte show, maar ik was daar op dat moment nog helemaal niet geëquipeerd voor.’
Had je twijfels toen je daarvoor werd gevraagd?
‘Nee, ik twijfel bijna nooit. Dat is ook een valkuil. Iedere zomer heb ik een lief gesprekje met de mensen van The Masked Singer waarin ik herhaal dat ik echt niet kan zingen en dat ook niet wil proberen. Dus ik ken mijn beperkingen. Maar verder ben ik iemand die graag dingen doet of wil leren die hij nog niet kan, met alle gevolgen van dien.
‘Weer terug naar de primaten: ik was natuurlijk gedoemd om achteraan bungelend meegetrokken te worden, maar nee, ik ben gewoon mee gaan lopen met de groep en op een zeker moment voor de groep uit gaan lopen. Dat heeft me ook kritiek en shit opgeleverd.’
In 2011 probeerde Van der Wal op Comedy Central een Nederlandse editie te maken van The Daily Show, de beroemde satirische talkshow van Jon Stewart. Een jaar later volgde Panache, een dagelijks satirisch Vara-programma. Beide shows werden nooit zo succesvol als Zondag met Lubach, dat in 2014 bij de VPRO begon.
Peter zei het zo: ‘Jan Jaap is soms misschien te ver voor de troepen uit gelopen. Daardoor weet niet iedereen meer dat hij het was die vooropliep.’
‘In 2016 heb ik bij Human een televisieprogramma gemaakt over AI, Control alt delete. Dat was ook overduidelijk iets te vroeg.’
Baal je daar nu van?
‘Je kunt zeggen: had iets langer nagedacht over de precieze invulling van die programma’s, had het op een ander moment uitgezonden. Maar ja, ik heb altijd intuïtief gedacht: we gaan het gewoon doen.
‘Het is niet erg als je gewoon doorgaat, en je er plezier in hebt om jezelf te blijven ontwikkelen. Dat is wat mensen ook nog weleens vergeten als ze beginnen met comedy. Dit is een ervaringsvak, dus je wordt alleen maar beter van eindeloos proberen en veel spelen.’
Kwam de vraag om artistiek leider van Comedytrain te worden op het juiste moment?
Denkt even na. ‘Ook voor die rol was ik misschien te jong. Ik speelde in die periode zelf veel, wat een ingewikkelde combinatie was. Maar goed, de vraag van Raoul aan mij om hem op te volgen en de ziel van Comedytrain te bewaken was oprecht, mijn nadenken erover was oprecht en het doen was ook oprecht.’
Wat is die ziel?
‘Comedytrain is in 1990 begonnen met een advertentie van Raoul met de tekst: ‘miskend talent gezocht’. Miskenning is een wezenlijk onderdeel van wat Comedytrain nog steeds is. Het is altijd een rebellerend clubje gebleven.’
Een clubje waar sinds jaar en dag vooral mannen deel van uitmaken. Op de site van Comedytrain staan portretten van alle leden: 57 mannen, 6 vrouwen. Van der Wal zegt dat hij de column die Vera van Zelm onlangs uitsprak in het radioprogramma Spijkers met koppen krachtig vond, over aangekondigd worden met ‘Pas op jongens, de volgende is een vrouw!’ en ander seksisme in de comedywereld. Van Zelm was een van de redacteuren van Dit was het nieuws en tussen 2012 en 2015 aspirant-lid bij Comedytrain, toen Van der Wal artistiek leider was.
Is Toomler voor vrouwen een fijne plek om te spelen?
‘Het lijkt soms van niet, wat spijtig en verdrietig is. Er is een wereld aan stand-upclubs waar de cultuur raar, smoezelig en onveilig is. Er hebben ook bij Comedytrain toxische pestkoppen rondgelopen. Alleen ik bestrijd echt dat in Toomler ooit een vrouw is aangekondigd met: ‘Pas op jongens, de volgende is een vrouw!’ Dat is gewoon nooit gebeurd.’
Na jouw vertrek heeft Comedytrain geen artistiek leider meer gehad. Ik begrijp dat de meningen daarover ook nu nog verdeeld zijn.
‘Ik ben altijd voorstander gebleven van het aanstellen van een artistiek leider. De praktijk van Comedytrain is dat een wisselende groep van tien personen gedurende een bepaalde periode de club draaiende houdt, de rest is dan op tournee of om andere redenen minder aanwezig. Je riskeert een giftige biotoop als dat een onervaren clubje zonder leider is: wie krijgt welke plek in de line-up, en waarom?
‘Dat Comedytrain extreem democratisch is ingericht, maakt het ook lastig. Overal in de wereld heb je gewoon een comedyclubeigenaar, met charisma en een bepaalde geloofwaardigheid, die belangrijke beslissingen neemt.
‘In The Comedy Store in Londen zit al honderd jaar dezelfde man die daar de keuzes maakt. Bij Comedytrain gaat het anders: wij bepalen met z’n allen wie er aspirant-lid mag worden na de audities, en degene die er als laatste bij is gekomen heeft in principe dezelfde stem als iemand die al lang lid is.’
‘In principe’ zeg je, maar werkt het ook zo in de praktijk?
‘In mijn tijd zeker niet. Als Theo Maassen iets zei, legde dat meer gewicht in de schaal dan wanneer een beginner zich uitsprak. De comedians die al naam hebben gemaakt, zijn de mensen naar wie je als beginner opkijkt.
‘Peter Pannekoek en Merijn Scholten wilden op een gegeven moment onderzoeken of zij een rol in de artistieke leiding konden spelen. Ik herinner me dat Theo in een vergadering zei: ‘Jullie zijn gek joh! Jullie staan aan het begin van je carrière. Dan ga je je hier toch niet mee bezighouden?’ Ik snap goed dat hij dat zei, maar dan is het ook om zeep, dat idee.’
Het is een apenrots.
‘Het is een apenrots, en ik was een aapje dat niet altijd zo nodig een aapje hoefde te zijn, of wilde zijn.
‘Ik heb bij mijn aanstelling ook meteen gezegd: ik ben niet de artistiek leider die beslissingen gaat nemen over een Hans Teeuwen, een Theo Maassen, een Marc-Marie Huijbregts. Er is een aantal mensen van wie ik liever een goeie vriend was geworden dan dat ik hun artistiek leider was geweest.’
Toen je ermee stopte ging je al snel een deel van de week in België wonen. Was dat een vorm van jezelf terugtrekken?
‘Ik vond het wel fijn om wat afstand te nemen, ja. Er kan nog steeds weinig op tegen een gevuld Toomler, hoor. Maar al het gekonkel en het gedoe waar ik als artistiek leider soms mee te maken had – ik ben blij dat ik daar niks meer mee hoef.’
Een paar weken na ons gesprek gaat Vera van Zelm in een interview in Volkskrant Magazine dieper in op haar ervaringen. Anders dan in de Spijkers met koppen-column benoemt ze nu specifiek ook Toomler als een plek waar zij de sfeer als hard en onveilig ervoer, en waar ze door de heersende cultuur het gevoel kreeg minder kans te maken dan de mannen.
Halverwege haar periode als aspirant-lid van Comedytrain belandde ze in een depressie. Na drie jaar werd Van Zelm niet definitief ingelijfd: ‘Ik snapte wel dat ik een soort lol en luchtigheid verloren was, maar ik vond het ook een teleurstelling dat niemand zag waardoor ik mezelf had vastgedraaid. Ik voelde me een paradijsvogel, leuk en exotisch om naar te kijken, maar niemand wist hoe ze ervoor moesten zorgen.’
Jan Jaap van der Wal is ervan geschrokken en vertelt aan de telefoon dat hij contact heeft gehad met Van Zelm. ‘Ik vind het verdrietig om te lezen hoe Vera zich heeft gevoeld, en ik had gewild dat ik in mijn rol van artistiek leider destijds de tools en de ervaring had gehad om haar daarin beter te begeleiden.’
Hij zegt ook dat hij zijn eerdere reactie op ‘Pas op, de volgende is een vrouw’ in een ander licht ziet. ‘Ik kan me niet voorstellen dat dat in Toomler is gebeurd, maar ik kan me wel voorstellen dat dat nu juist de blinde vlek is die ik als mannelijke comedian heb, waardoor dat soort dingen niet bij mij zijn blijven hangen.’
Het is volgens hem nu aan Comedytrain om na te denken over hoe Toomler voor vrouwen een veilige plek kan zijn. ‘Ik denk dat we de gevoelens van degenen die dat niet zo hebben ervaren serieus moeten nemen. Laten we hopen dat een nieuwe generatie comedians van Comedytrain daarin het voortouw neemt, en dat daar een goed gesprek over ontstaat.’
Herken je wat Vera zegt over de harde cultuur bij Comedytrain?
‘De cultuur is altijd geweest dat we elkaar na afloop van een optreden flink de waarheid vertelden, met de bedoeling elkaar verder te helpen.
‘Zoiets moet wel vanuit een gevoel van veiligheid gebeuren: dit was een slecht optreden, maar we geloven in jou als comedian. Als dat laatste niet overeind blijft en je houdt alleen het flink de waarheid zeggen over, dan is het systeem stuk.
‘Stand-upcomedy is een kwetsbaar vak, en een stand-upcomedypodium is per definitie de onveiligste werkplek die er is. Op zo’n podium gaan staan is een extreem individuele beslissing en beleving. Je zou mensen te allen tijde een veilige bedding moeten geven, maar tot aan het podium: daar is iedereen op zichzelf aangewezen. En nogmaals, ik vind het spijtig dat Vera zich naast het podium niet veilig heeft gevoeld.’
De avond na het interview in Antwerpen speelt Jan Jaap van der Wal zijn voorstelling in Bree, een dorp in Belgisch-Limburg, in de buurt van de grens met Nederland. Het cultuurcentrum daar bevindt zich in een oude zeepfabriek. Van der Wal en zijn tourmanager deden twee uur en een kwartier over 94 kilometer. De files, de infrastructuur; een reden om soms even net iets minder van België te houden.
Op de eerste rij van de broeierige zaal doet iemand een dutje. ‘Je moet even tegen je man zeggen dat-ie wakker moet worden’, zegt Van der Wal midden in een verhaal over de beroemde marshmallowtest, een onderzoek naar kinderen en zelfbeheersing (meteen iets lekkers eten of later een dubbele portie) – de opmaat naar een grap over een Belgische politica die is beschuldigd van subsidiefraude. ‘Ik ben van de tv, maar ik ben er nu echt, ik zie alles, het is live entertainment’.
Na drie kwartier verlaat een andere man snelwandelend de zaal. Hij heet Jos, vertelt zijn vrouw desgevraagd. Jos kan het krijgen: ‘’t is d’n Zjos, Zjoske met z’n zwakke blaas. Komt-ie nog terug denkt u? Dan wachten we even.’ Vijf minuten rekt hij het, tot grote hilariteit van de zaal, dan gaat hij toch maar door met de show.
‘Was oké toch?’, zegt hij na afloop in de kleedkamer. Dat ‘d’n Zjos’ niet meer terugkeerde verbaasde hem niet, ook al geloofde diens vrouw van wel. Belg-eigen: ‘Ze zijn daar te verlegen voor. Het gebeurt ook weleens dat ze wél terugkomen hoor, maar vaker is de gedachte: we zullen die meneer maar niet meer storen.’
De programmeur klopt op de deur, een jonge gast met een baard. Hij vertelt dat hij een contactlens heeft kwijtgeraakt omdat hij tranen in zijn ogen kreeg van het lachen: ‘Jij kunt veel te goed Vlamingen nadoen. Zéér confronterend.’
De cabaretier verwisselt zijn podiumkostuum – bruine broek, bruin jasje – weer voor zijn overdagkloffie: het Antwerpen-shirt en de Comedytrain-hoodie. Op verzoek van de programmeur gaat hij nog even naar de foyer, een gezellig café met een inboedel vol zeepreferenties waar zowat iedereen is blijven plakken.
Degene die op de eerste rij in slaap sukkelde, meldt zich direct om zich te verontschuldigen. ‘De man met de hamer kwam voorbij, het was niks persoonlijks.’ Hij heeft helemaal niks met politiek, voegt hij er nog aan toe, maar hij zag wel alle shows van Jan Jaap van der Wal. Die vindt dat zo te zien een beetje ironisch, maar lacht vriendelijk.
Op weg naar de uitgang heeft hij ook Jos nog gesproken, appt Van der Wal als hij even later in de auto terug naar Antwerpen zit. ‘Hij heeft alle schilderijen in de foyer bekeken en nog een tijdje tussen de tussendeuren gestaan. Daar kon hij niks horen, maar hij vond het wel fantastisch. En durfde niet meer terug. Dit land!’
1 november 1979 Geboren in Leeuwarden.
1997 Verhuist naar Amsterdam, sluit zich aan bij stand-upcomedygezelschap Comedytrain.
1999 Eerste solovoorstelling Gejongleerd.
2001-2010 Teamcaptain bij Dit was het nieuws.
2006-2014 Artistiek leider van Comedytrain.
2007 Oudejaarsconference Onderbewust (BNNVara).
2009 Tweede oudejaarsconference Lekker hard lachen met oliebollen.
2010 De kellner en de levenden, met het Rosa Ensemble.
2011 Presentator The Daily Show (Comedy Central).
2012 Presentator Panache (BNNVara).
2014 Deelnemer De slimste mens, vaste bijdragen over politiek aan RTL Late Night en de Vlaamse talkshow Café Corsari (VRT).
2015 Gaat voor een deel van de week in Antwerpen wonen.
2016 Voorstelling De nieuwe Belg, deelnemer De slimste mens ter wereld.
2017-heden Opnieuw teamcaptain bij Dit was het nieuws, jurylid De slimste mens ter wereld.
2018-2022 Presentator De ideale wereld (Canvas).
2021 Verhuist permanent naar Antwerpen.
2023 Jan Jaap op zondag (Play 4).
2024 Verkiezingsconference Geen stem.
Jan Jaap van der Wal woont met zijn vrouw Eva Duijvestein en hun zoon in Antwerpen.
Foto’s: Frieke Janssens
Facepainter: Barbara Broucke
Assistenten: Sofie Van Royen, Flor Hoornaert
Beeldbewerking: Stephan Lesger
Locatie : Interieurproject van Gert Voorjans
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant