Nederland, lazen we in de krant van vrijdag, kan miljarden mislopen uit Brussel. Het gaat om geld uit het cornonaherstelfonds dat Europa alleen uitkeert als Nederland op tijd de beloofde maatregelen neemt. Maar de vier formerende partijen, PVV, VVD, NSC en BBB zijn later deze maand al een half jaar met elkaar aan het ouwenelen, zonder zicht op een snelle afronding. Dit langdurige politieke spel kan Nederland maximaal 5,4 miljard Europese corona-euro’s kosten, lazen we.
Is het erg dat de formatie van een nieuw kabinet lang duurt? Als je zo’n voorbeeld tegenkomt ben je geneigd te denken van wel. Maar klopt het ook? Laten we naar drie onderwerpen kijken. Hoe gaat het intussen met de economie, met het beleid, en met de uitvoering?
De economie trekt zich niets aan van het Haagse geneuzel en getreuzel. Het nationaal inkomen groeide het eerste kwartaal licht; de werkloosheid blijft (zeer) laag. Dankzij de Europese Centrale Bank (ECB) komt de inflatie onder controle, terwijl tegelijkertijd de stijging van de lonen records breekt. In veel huishoudens wordt de koopkracht dezer dagen daarom krachtig hersteld. Het demissionaire kabinet houdt het overheidstekort en de overheidsschuld dit jaar binnen redelijke marges. Wat de (macro-)economie betreft, kunnen de formerende partijen er voorlopig dus nog hun gemak van nemen.
En het beleid? Het leidt geen twijfel dat een land het beste af is als de regering ervan op alle terreinen goed beleid voert. Goed wil zeggen: welvaartsverhogend. Maar als een regering voornemens is op alle terreinen welvaartsvernietigend en dus slecht beleid te voeren, dan is het land juist beter af als die regering zo laat mogelijk aan de macht komt. En van uitstel, kun je dan ook nog hopen, kan nog altijd afstel komen.
Mogen we van de huidige formerende partijen goed beleid verwachten?
Doeltreffende én doelmatige maatregelen die de belangrijkste maatschappelijke problemen van Nederland oplossen? Denkt dit viertal helder na, bijvoorbeeld, over het bestrijden van de onderwijsramp die zich voltrekt? Over het hervormen van de arbeidsmarkt opdat de doorgeschoten flexibilisering een halt wordt toegeroepen? Over klimaat- en natuurvraagstukken? Over het hervormen van de landbouw? Over het opnieuw inrichten van het belastingstelsel? De wonderen zijn de wereld nog niet uit, dus laten we een definitief oordeel vooral uitstellen, maar in de beleidskracht van dit collectief van vier partijen heb ik weinig fiducie. De formatie doet tot nu toe vooral kinderachtig aan, eerlijk gezegd.
En de uitvoering? Uitvoerende onderdelen van de overheid, zoals de Belastingdienst en het UWV, maar ook de Sociale Verzekeringsbank en, pakweg, de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland, zijn altijd bijzonder in hun nopjes als formerende partijen hun tijd nemen. Tijdens zo’n ‘beleidsvakantie’, een periode dus waarin de diensten gevrijwaard blijven van nieuw beleid, kunnen ze achterstanden wegwerken, diep ademhalen, en zich schrap zetten voor de overvloed aan nieuwe regels (en uitzonderingen) die hun kant op komt als een nieuw kabinet eenmaal geïnstalleerd is.
Opschieten? Voor de economie, de kwaliteit van het beleid en de noeste uitvoerders van het overheidsbeleid hoeft dit dus niet zo nodig. De demissionaire ploeg zal doen wat nodig is. Geld vrijmaken voor Oekraïne bijvoorbeeld. En om dat coronageld uit Brussel veilig te stellen.
Reageren? Email: frank@argumentenfabriek.nl
Frank Kalshoven is oprichter van De Argumentenfabriek en columnist van de Volkskrant. Columnisten hebben de vrijheid hun mening te geven en hoeven zich niet te houden aan de journalistieke regels voor objectiviteit. Lees hier de richtlijnen van de Volkskrant.
Source: Volkskrant