Zo fel als in de VS gaat het pro-Palestijnse protest er in Nederland niet aan toe, maar ook hier worstelen universiteitsbesturen. Joodse studenten maken melding van onveiligheid, pro-Palestijnse studenten vinden dat hun academische vrijheid onder druk staat.
‘You endorse police violence’ en ‘Racist institute’. De twee leuzen verschenen afgelopen maand op de gevel van het pand van het Amsterdam University College, frequent het toneel pro-Palestinademonstraties.
De leuzen, en twee grote barsten in het glaswerk, waren voor de Amsterdamse instelling reden aangifte te doen. De vernielingen vormen in de Nederlandse academische wereld een uitzondering, het achterliggende sentiment is dat allerminst.
Over de auteur
Maartje Geels is algemeen verslaggever van de Volkskrant.
Sinds 7 oktober zitten veel Nederlandse universiteiten in een lastige spagaat. Zo hadden universiteiten de voorbije maanden te maken met zogenoemde sit-inprotesten op universiteitsterreinen, spandoeken met leuzen en lezingen over Gaza en de oorlog. Geregeld roepen studenten hun universiteit daarbij op de banden met Israëlische onderwijsinstellingen en instituties te verbreken.
De situatie is allerminst vergelijkbaar met die in de Verenigde Staten, waar donderdag honderden studenten en stafleden werden gearresteerd bij een protest aan de Columbia University in New York. Desondanks bestaan er wel degelijk zorgen. Onder universiteitsbesturen, maar ook onder Joodse studenten- en stafleden. Op de universiteiten was altijd al aandacht voor de Palestijnen, zeggen zij, maar sinds oktober is de animositeit richting de staat Israël dagelijks voelbaar.
Dat voelt bijvoorbeeld een 34 -jarige promovendus van de Rijksuniversiteit Groningen die niet met haar naam in de krant wil. ‘Israëlische en Joodse studenten worden sinds oktober aangesproken op hun identiteit en voelen zich gedwongen zich uit te spreken tegen Israël.’
Voor de oorlog was dat anders, meent ze. ‘De sfeer voelt vijandig. Bij de protesten wordt Israël, het enige Joodse land ter wereld, weggezet als agressor. Daar word ik als Jood mee geassocieerd en dat is pijnlijk. Ongeacht wat ik denk over de Israëlische politiek, voel ik me religieus en cultureel met het land verbonden’.
De academicus praat veel met andere Joodse promovendi en studenten. ‘Als je niet zegt dat je Joods bent, is er niets aan de hand, zeggen zij dan. Maar dat betekent dat ik m’n identiteit moet verstoppen. Antisemitisme mag geen norm worden.’
Hoogleraar Joodse studies Jessica Roitman (Vrije Universiteit) herkent dat beeld. ‘Joodse studenten kloppen bij mij aan omdat ze de situatie moeilijk vinden. Sommige docenten laten bijvoorbeeld in colleges duidelijk blijken dat ze anti-Israël zijn. Studenten vinden het moeilijk met klasgenoten te bespreken dat ze Joods zijn of zelf uit Israël komen. Als het ter sprake komt, wordt de sfeer grimmig, zeggen ze.’
Waar Roitman vroeger zonder nadenken haar ketting met davidsster droeg op de campus, is ze zich er nu constant bewust van. ‘Het is geen vanzelfsprekendheid meer. En als ik ’m draag, is het een soort statement.’
Pro-Palestijnse actiegroepen op de universiteit ontkennen iets tegen Joden te hebben, benadrukken ze. Zij willen geen religieus gepolariseerd debat en enkel leuzen scanderen, maar op de campus een academisch gesprek kunnen voeren over de oorlog. Ook Joden die het niet eens zijn met de Israëlische regering sluiten zich bij hen aan, zeggen ze.
Eind april ging er last minute een streep door een evenement van BK Scholars for Palestine, een groep onderzoekers van de faculteit Bouwkunde van de TU Delft. Het evenement moest gaan over de gevolgen van de oorlog op de architectuur in Gaza en expliciet een podium bieden aan Palestijnse academici. ‘We hadden zo’n tweehonderd posters opgehangen op de Bouwkundefaculteit ter promotie. Talloze posters vonden we een dag na het ophangen terug in de prullenbak en verscheurd op de grond’, zegt een van de organisatoren, die anoniem wil blijven.
Verantwoordelijk decaan Dick van Gameren hing zelf een mededeling op: ‘Het vernielen van deze posters is niet acceptabel. Wie het niet met het evenement eens is, moet mij opzoeken. ’ Een week voor de bijeenkomst werd het evenement toch geannuleerd. De TU Delft had meerdere signalen ontvangen waaruit zou blijken dat het evenement niet veilig zou verlopen, maar weidt daar verder niet over uit.
BK Scholars for Palestine week uit naar een locatie buiten de campus. ‘Het was bedoeld als educatief evenement, de sprekers zouden zich beroepen op feiten en onderzoek. Er was geen enkele reden voor iemand om zich bedreigd te voelen. We zijn door de universiteit gecensureerd’, stelt een van de organisatoren.
Die academische vrijheid is waar het schuurt, blijkt uit gesprekken die de Volkskrant met meerdere universiteiten had. De campus is bij uitstek de plek om discussies te faciliteren, menen zij. Bovendien geldt het demonstratierecht met inachtneming van de huisregels ook op de campus. Tegelijkertijd zien universiteiten de grens met politiek activisme vervagen en voelen zij de plicht op te komen voor Joodse studenten en medewerkers.
Zowel Roitman als de 34-jarige promovendus voelen zich buitengesloten van het academische debat over de oorlog. ‘Vroeger kwamen bij een panel over Israël en de Palestijnse gebieden verschillende meningen aan bod. Maar als er nu een debat is over bijvoorbeeld Israëlische sancties, zijn alle sprekers voor een boycot. Het gaat er niet meer om dat beide kanten kunnen spreken’, aldus de hoogleraar.
Het is onrustiger rondom de universiteiten dan in het verleden, ziet koepelorganisatie Universiteiten van Nederland. ‘De actiebereidheid onder studenten neemt toe, dat zien we ook terug bij discussies over de fossiele industrie’, zegt interim-voorzitter Jouke de Vries.
Met name op de maatschappijgerichte faculteiten borrelt het. ‘Er zijn momenteel verschillende thema’s waarbij studenten die de wereld willen veranderen in beweging komen. Waar is de grens? Met die vraag worstelen alle bestuurders.’
De Vries, zelf voorzitter bij de Rijksuniversiteit Groningen, pleit voor het academisch gerichte debat. ‘Aan schreeuwen hebben we niets bij een hogeronderwijsinstelling. Je moet verschillende perspectieven laten horen, dan is er veel mogelijk.’
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant