De Brits-Italiaanse liefde gaat ook door de maag. Maar de Brexit en de strengere inkomenseisen voor een werkvergunning, hebben het aantrekken van Italiaans personeel bemoeilijkt. Restauranthouder Gianfilippo Mattioli zag het gebeuren: ‘Londen is niet meer de bruisende stad die ik hier ooit aantrof.’
Alles aan Bottega Prelibato is Italiaans. De chef-kok Massimo, de ravioli met pompoen op het menu, de elegante inrichting en de manden met citroenen bij de entree. Maar wie komt eten in het Italiaanse restaurant aan de rand van het Londense zakenhart zal waarschijnlijk worden bediend door een Engelse, Indiase of Bengaalse ober. ‘Het is sinds de Brexit moeilijk Italiaanse werknemers te vinden’, zegt de 52-jarige eigenaar Gianfilippo Mattioli, ‘en met de jongste inkomenseisen is het ondoenlijk. Italiaanse jongeren komen niet meer naar Londen – een verarming voor hen en voor deze wereldstad.’
Sinds deze maand geldt er voor arbeidsmigranten in het Verenigd Koninkrijk een inkomenseis voor een werkvergunning van omgerekend 45 duizend euro, dat is 15 duizend meer dan voorheen. Voor sommige sectoren met een groot personeelsgebrek, zoals de gezondheidszorg, wordt een uitzondering gemaakt, alsook voor seizoensarbeiders in de akkerbouw. Maar de horeca staat niet hoog op de prioriteitenlijst van de Conservatieve regering, hoewel ook daar een nijpend tekort aan personeel is. ‘Voor de Brexit in 2020 kwamen hier dagelijks jonge Italianen aan de deur, op zoek naar een baantje. Daar is nu geen sprake meer van.’
Over de auteur
Patrick van IJzendoorn is correspondent Groot-Brittannië en Ierland voor de Volkskrant.
In de Italiaanse pers verschenen weemoedige artikelen. ‘Arrivederci Londra,’ treurde dagblad la Repubblica. Columnist Antonio Polito schreef in Corriere della Sera dat Londen voor een inventieve Italiaan een rite de passage is. Dat was het ook voor Mattioli, die rond de eeuwwisseling Rome verruilde voor Londen. ‘Ik kon daar een onbetaalde leerplek krijgen bij veilinghuis Bonhams. Geld verdiende ik in de bediening, in Soho. Op mijn eerste avond ontstond spraakverwarring met een ongeduldige eetgast, omdat ik het woord salt niet goed verstond. Mijn baas was niet blij, want die gast bleek een kleinzoon van Sigmund Freud te zijn.’
Met Italië heeft Londen van oudsher een sterke band, al is het maar omdat de Romeinen twee millennia geleden aan de oever van de Theems de nederzetting Londinium stichtten. In de Middeleeuwen stonden handelaren uit Lombardije aan de basis van The City, het zakenhart, iets waar de naam Lombard Street nog van getuigt. Het naburige Clerkenwell kwam bekend te staan als Little Italy.
De Italiaanse diaspora heeft grote namen voortgebracht in het Verenigd Koninkrijk, onder wie de uitvinder van de draadloze telegrafie Guglielmo Marconi, schilder Dante Rossetti, actrice Greta Scacchi, politicus John Profumo en zanger Lewis Capaldi. Er was zelfs een Brits-Italiaanse voetbalcompetitie.
Officieel wonen naar schatting 131 duizend Italianen in de hoofdstad, maar het ware aantal ligt waarschijnlijk een stuk hoger. Italianen vormen de grootste ‘gemeenschap’ van Europeanen uit één land in Londen. Na het besluit voor de Brexit steeg de Italiaanse immigratie, maar nu sluiten de grensbomen zich.
De liefde tussen de twee landen ging ook door de maag. Brits-Italiaanse ondernemers als Charles Forte en Antonio Carluccio hebben het culinaire aanbod verrijkt, terwijl Sergio Costa de Britten begin jaren zeventig koffie leerde drinken in de naar hem vernoemde koffieketen.
Na zijn jaren in de kunsthandel besloot Mattiolo een restaurant te openen in Shoreditch ten tijde van de kredietcrisis in 2008. ‘Het liep meteen goed; we zaten midden in een opkomende buurt vol kunstenaars. Dit was het favoriete terrein van straatkunstenaar Banksy. Londen leefde.’ Bottega Prelibato is een van de 1.836 Italiaanse restaurants in Londen.
Eind vorig jaar kwam zijn restaurant in het nieuws toen Mattioli de spaghetti carbonara van het menu haalde, omdat sommige klanten niet waren gediend van de traditionele wijze waarop hij deze Romeinse pasta bereidde: zonder room. ‘Het gerecht is nog niet terug op de kaart’, zegt de eigenaar, zittend op zijn terras. Hij heeft andere kopzorgen. ‘De prijzen van geïmporteerde producten zijn enorm gestegen. Olijfolie is drie keer zo duur geworden. Vanwege handelsbarrières is het moeilijker geworden ingrediënten te importeren. Zelfs ricotta is lastig te krijgen. En er komen in mei extra importcontroles aan, weer die Brexit.’
Naast problemen met de bediening en de ingrediënten is er een gebrek aan klandizie. ‘Kijk hoe stil het is’, zegt Mattioli, wijzend op de autovrije straat die uitloopt op de zogeheten Silicon Roundabout, het itc-hart van de hoofdstad. ‘Na de pandemie is thuiswerken nooit verdwenen. De maandagen en vrijdagen zijn doods. Alle horeca heeft last van deze problemen, zelfs een keten als Slug & Lettuce, dat in de schulden zit. En ik vrees dat het alleen maar slechter gaat worden. De hoge plaatselijke belastingen in deze stad vormen een andere bedreiging voor de horeca, vooral voor kleinere ondernemers.
‘Hier in de buurt kon je na elven overal drinken en dansen. Nu niet meer. Er is geen geld en de kosten zijn te hoog,’ zegt Mattioli. Deze crisis treft zelfs Soho, de uitgaanswijk waar Bar Italia een van de bekendste etablissementen is. Onlangs prees Londens rijkelijk beloonde ‘nachtburgemeester’ Amy Lame de 24-uurseconomie van de stad, maar wie zich na elven in Soho begeeft, zal moeite hebben een bar of nachtclub te vinden. Mattioli mist la dolce vita. De Italiaanse restauranteigenaar treurt erom: ‘Londen is niet meer de bruisende stad die ik een kwart eeuw terug aantrof’.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant