Home

Betalen voor gebruik van het stroomnet is probaat middel tegen opstoppingen

Beheerders van het stroomnet kondigen steeds rigoureuzere maatregelen aan om te voorkomen dat het overvolle net instort. Maar één effectieve maatregel wordt niet ingezet: flexibele nettarieven. Roman Hennig promoveert woensdag op dit onderwerp.

Omdat de problemen op het volle elektriciteitsnet steeds groter worden, kondigde de provincie Utrecht vorige week aan voorlopig niet van het gas te kunnen gaan. Ook deed netbeheerder Stedin het voorstel om publieke laadpalen aan het eind van de middag en in de avond uit te schakelen.

Een andere maatregel, om het stroomnet te ontlasten, wordt tot nu toe niet genomen. Daarbij draait het om flexibele nettarieven. Door de prijs van het transport van elektriciteit te laten meebewegen met de drukte op het net, kunnen opstoppingen effectief worden voorkomen, stelt promovendus Energie en Industrie Roman Hennig.

Over de auteur
Bard van de Weijer is economieredacteur van de Volkskrant. Hij schrijft over de energietransitie en de impact daarvan op het dagelijks leven. .

‘Uiteindelijk biedt verzwaring van het stroomnet het meeste soelaas’, stelt hij. ‘Maar dat kost veel tijd en in de tussentijd groeien de problemen.’ Zaken die veel energie vergen, zoals warmtepompen en e-auto’s, hoeven ook niet altijd tijdens de stroomspits (die ongeveer samenvalt met de ‘reguliere’ ochtend- en avondspits) op vol vermogen te werken. Vaak kan het opladen van de accu best even wachten en hoeft de warmtepomp ook niet altijd aan tijdens het spitsuur.

Prikkels ontbreken

Maar dan moeten burgers wel verleid worden deze apparaten op andere momenten in te schakelen, stelt Hennig. Zulke prikkels ontbreken nu. Hennig heeft onderzocht welke effectief zijn.

Momenteel kost een aansluiting op het stroomnet een vast bedrag van ongeveer 400 euro per jaar. ‘Daarbij maakt het niet uit wanneer je hoeveel stroom verbruikt, zolang je het maximale vermogen maar niet overschrijdt’, aldus Hennig.

Dit maximumvermogen ligt behoorlijk hoog, zo rond de 17 kilowatt, of net zoveel als ongeveer zes ovens die op volle kracht aanstaan. De meeste huishoudens kwamen tot enkele jaren geleden zelden of nooit aan dit maximum. Maar nu burgers massaal stroomgrootverbruikers als warmtepompen en e-auto’s aanschaffen, kennen steeds meer huishoudens steeds hogere piekvermogens.

Als iedereen dat tegelijk doet, bijvoorbeeld als werknemers ’s avonds thuiskomen en de auto aan de paal hangen, de warmtepomp inschakelen en op inductie gaan koken, dreigt het lokale stroomnet te bezwijken. In de provincie Utrecht wordt dit probleem vanaf 2026 acuut, vreest Stedin.

Een van de redenen dat het stroomnet in woonwijken overbelast raakt: het maakt voor burgers niet uit hoeveel vermogen ze afnemen en op welk moment dat gebeurt. Flexibele nettarieven (het transport van elektriciteit wordt duurder tijdens piekmomenten) kunnen helpen de piek af te vlakken. ‘Een soort rekeningrijden voor het stroomnet’, aldus Hennig.

Betalen voor spitsgebruik leidt tot een eerlijker en beter beheersbaar elektriciteitssysteem, aldus Hennig. In de praktijk betekent dit dat huishoudens met een e-auto en warmtepomp meer moeten betalen, omdat ze intensiever gebruikmaken van het netwerk dan huishoudens die deze apparaten niet bezitten.

Kwestie van gewenning

In Hennigs thuisland Duitsland gebeurt dit deels al, onder meer als burgers thuis een laadpaal plaatsen. Zij zijn nu verplicht dat te melden en nieuwe laadpunten kunnen op afstand door de netbeheerder worden geregeld. Daar was in het begin wat gemor over, maar mensen zijn er nu aan gewend en het helpt enorm de druk op het stroomnet te verlagen, aldus de promovendus. Een thuislader vraagt geregeld 11 kilowatt op vol vermogen. Als dat verlaagd kan worden, of uitgesteld naar later in de avond of nacht als er veel minder elektriciteit wordt verbruikt, zijn veel netproblemen te voorkomen, aldus de Delftse onderzoeker.

Hetzelfde kan met de warmtepomp. Als netwerkbeheerders het vermogen van deze apparaten kunnen regelen op bepaalde momenten, kunnen eigenaren voordeel krijgen in de vorm van een lager tarief, suggereert Hennig.

Een ander uitgangspunt is het volgens hem om de omvang van een huishouden te nemen als maat voor het verbruik. Twee mensen vragen immers minder vermogen dan een gezin van vijf.

Tarieven die zijn gebaseerd op de hoeveelheid vermogen die een huishouden afneemt, zijn bijzonder geschikt om pieken in het stroomnet af te vlakken, constateert Hennig in zijn proefschrift. Ze zijn bovendien relatief eenvoudig in te voeren en kunnen volgens hem op relatief korte termijn de druk van het netwerk halen.

Toch wordt deze maatregel niet genoemd door netbeheerders. Waarom niet?

Een van de redenen dat netwerkbedrijven niet kunnen meekijken, laat staan ingrijpen bij het verbruik van huishoudens, is dat in Nederland veel zorgen bestaan over privacy, zegt Hennig.

Toezichthouder ACM en het ministerie van Economische Zaken en Klimaat doen momenteel onderzoek naar het gebruik van flexibele nettarieven. Maar, zegt een woordvoerder van netbeheerder Stedin, ‘de invoering van een dergelijk systeem is erg complex en gaat naar verwachting nog jaren duren’.

De maatregelen die Stedin vorige week aankondigde, zijn er volgens haar op gericht om overbelasting en uitval van het Utrechtse stroomnet in 2026 te voorkomen. ‘We verwachten niet dat flexibele nettarieven voor die tijd zijn ingevoerd en daarmee kunnen helpen tegen genoemde regionale overbelasting.’

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next