Terwijl de formatie nog voortsleept en de deadline van 15 mei mogelijk eerder wordt bereikt dan onderlinge harmonie, kregen de fractievoorzitters afgelopen week zomaar een advies in hun schoot geworpen. Dat advies komt van het Sustainable Finance Lab (SFL), een denktank van economen die zich bezighoudt met verduurzaming. Nou valt het thema duurzaamheid net buiten de top-3 van de prioriteitenlijst van de nieuwe ploeg, maar daar heeft SFL iets op gevonden. De bestaanszekerheid is volgens het SFL een probleem geworden mede door de manier waarop we als land met ons geld en vermogen omgaan en hoe we financiële instituties hebben georganiseerd. Om de bestaanszekerheid te verbeteren is het daarom van belang de financiële sector gezond en duurzaam in te richten.
De aanbevelingen van het SFL variëren van het verlagen van de belasting op arbeid tot het afschaffen van fossiele subsidies en het betaalbaar houden van de energietransitie voor iedereen. Ook adviseert het SFL de oprichting van een publieke investeringsbank, iets wat in Duitsland een succes zou zijn gebleken. Zo’n bank kan samen met private partijen investeringen doen in maatschappelijke projecten die anders moeilijk te financieren zijn.
Over de auteur
Ibtihal Jadib is rechter-plaatsvervanger, schrijver en columnist voor de Volkskrant. Columnisten hebben de vrijheid hun mening te geven en hoeven zich niet te houden aan de journalistieke regels voor objectiviteit. Lees hier onze richtlijnen.
Dat advies is niet nieuw. Vorig jaar schreef de Wetenschappelijke Raad voor Regeringsbeleid (WRR) precies hetzelfde in zijn rapport Goede Zaken. Volgens de WRR heeft het bedrijfsleven veel potentie en ook de wil om maatschappelijke vraagstukken op te lossen, maar wordt die potentie niet verzilverd omdat het overheidsbeleid verkeerde prikkels afgeeft. Het is te makkelijk voor ondernemingen om kosten af te wentelen op de samenleving en noodzakelijke vernieuwingen tegen te houden, aldus de WRR. ‘Een strategie gericht op selectieve bescherming van het bedrijfsleven mag soms voordelig lijken, uiteindelijk zorgt dergelijk beleid ervoor dat het probleemoplossend vermogen van ondernemingen te weinig wordt benut.’
Het SFL en de WRR zien de gecombineerde inzet van publiek en privaat kapitaal als dé manier om investeringen in verduurzaming een flinke impuls te geven. In plaats van naar elkaar te wijzen en op de ander te blijven wachten, kan er tempo worden gemaakt door samen op te trekken.
Het is natuurlijk de vraag hoe de formerende partijen zullen reageren op het advies van het SFL. Het Nationaal Groeifonds, dat onderdeel zou moeten worden van de op te richten investeringsbank, is vorige maand op pauze gezet. Een veeg teken. Op het advies van de WRR is wel een reactie gekomen: deze maand schreef het demissionaire kabinet de WRR ‘zeer erkentelijk’ te zijn voor het uitgebreide rapport, maar dat het verder aan de volgende ploeg is om keuzes te maken.
Verder benadrukte het demissionaire kabinet nog even hoe belangrijk het is om ‘een gelijk speelveld’ te creëren voor internationale bedrijven; die bedrijven moet je niet wegjagen met hoge eisen. Liever moet verduurzaming op EU-niveau geregeld worden. Een opvallende strategie, gezien de vaak geuite klacht dat Brussel al zoveel voor ons bepaalt. Ook blinkt het EU-wetgevingsproces niet uit in voortvarendheid, maar kennelijk hebben die ‘grote maatschappelijke opgaven’ geen gillende spoed.
Het demissionaire kabinet rondde zijn reactie af met de volgende opmerking: ‘Een niet te onderschatten factor om bedrijven in de goede richting te bewegen is consistent en voorspelbaar beleid, zodat ondernemers en werknemers weten waar ze aan toe zijn.’
Zonde dat die duizenden nareizigers roet in het eten hebben gegooid, anders had het vorige kabinet wel van wanten geweten.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant