Home

Paradijsvogel Bruno Jonker (1956-2024) bracht kleur en liefde in de wereld, al was wereld niet even lief voor hem

Met kleur en knuffelbeesten probeerde Bruno Jonker het leven voor iedereen beetje leuker te maken. Zelf leed hij al een kwart eeuw aan fysieke pijnen en depressies nadat hij was geschept door een politieauto.

‘Geachte edelachtbare, Gemeente Amsterdam, Hierbij maak ik bezwaar tegen uw besluit van 11 januari 2018, waarin u van mening bent dat ik geen fiets, gedecoreerd met eendjes, voor de winkel mag plaatsen. Vandaar dat ik niet over mijn kant kan laten gaat dat uw buitengewoon opsporingsambtenaar op 27 mei 2017 een fleurige fiets moest verbaliseren. (…) Als ondernemer houd ik al 37 jaar mijn stoepje schoon en bied hulp aan als het nodig is. Toch blijft u van mening dat de kleur uit de stad moet.’

Was getekend, Bruno Jonker, handelaar in knuffelbeesten, speelgoed en andere dingen waar mensen, groot en klein, gelukkig van worden. Het betreffende rijwiel, dat geparkeerd stond voor Jonkers winkel op een steenworp van de Nieuwmarkt, is volgens zijn dochter Laura Messina ‘de meest gefotografeerde fiets van Amsterdam’.

De Volkskrant profileert regelmatig bekende en onbekende, kleurrijke Nederlanders die onlangs zijn overleden. Wilt u iemand aanmelden? postuum@volkskrant.nl

Behalve Jonkers liefde voor kleur was ook zijn hulpvaardigheid legendarisch in de buurt. ‘Toen Bruno, die ik toen niet eens kende, mij toevallig hoorde vertellen dat ik mijn concertvleugel niet kon verplaatsen vanwege het gewicht, bracht hij de volgende dag een speciale krik’, herinnert pianist Rodolphe Serné zich. ‘Ik zei dat ik het ontzettend aardig vond dat ik die mocht lenen, waarop Bruno antwoordde: ‘Niet lenen, maar hóúden!’

Die krik kon Jonker best missen: de werkplaats onder zijn winkel, gevestigd in een atoomschuilkelder die ooit deel uitmaakte van een metrostation, stond bomvol gereedschap, onder meer uit de tijd dat klompenmaker zijn hoofdberoep was. Voor Laura en haar tweelingbroer Vincent was Knuffels, zoals de zaak heette, een fantastisch ‘speelparadijs’. Want behalve pluchen beesten – van aapjes tot zebra’s – had Jonkers ook echte: katten en muizen, een tarantula, gifkikkertjes en twee axolotls. ‘Toen wij klein waren, had Bruno een zwembadje met karpers erin. Daar gingen we met z’n drieën omheen zitten, met onze voeten in het water, en dan knabbelden ze aan onze tenen.’ En als de kinderen bij hun vader waren – na het stuklopen van de relatie van hun ouders, verhuisden ze met hun moeder naar Den Haag – gingen ze vaak naar Artis. Nog meer dieren kijken.

Zelf was Jonker ook het bekijken waard, zijn uitdossing kon hem niet bont genoeg zijn, van zijn hoed tot aan zijn klompen. ‘Hij was een echte paradijsvogel’, zegt journalist Corrie Verkerk, die hem kende uit de kroegen rond de Zeedijk, waar ‘Bruno ’s avonds zijn vaste rondje maakte’. Zijn verschijning trok de aandacht, ook bij de dames – om vriendinnen hoefde hij nooit verlegen te zitten.

Maar in 1999 zette een ongeluk in één klap zijn leven zijn kop. Op weg van een feestje naar huis zag hij een politiewagen in volle vaart een andere auto achtervolgen. Hij stopte en trok zijn fiets naar de kant van de weg, maar werd toch door de politiewagen geschept. Hij hield er een waslijst aan klachten aan over, waaronder een whiplash, oorsuizen en depressies, die hij probeerde te verbergen door zich nóg uitbundiger te kleden. Hij begon een juridische procedure om als slachtoffer erkend te worden, maar heeft niet meer mogen meemaken dat die naar tevredenheid werd afgerond: hij overleed op 10 februari aan kanker, 67 jaar oud.

Wat ook niet meer doorging, was de voorgenomen feestelijke presentatie van De val van de klompenman, een boekje dat hij samen schreef met Corrie Verkerk over de periode na het ongeluk. ‘Hij wilde van al die flarden in zijn hoofd iets compacts maken’, zegt Verkerk.

Laura Messina vertelt hoe trots ze was als ze naast haar flamboyante vader door Amsterdam liep, samen shoppen, samen de stad in. ‘Dan viel alle Haagse saaiheid van me af. Hij kon hardlopen op zijn klompen, won zelfs ooit de hogehakkenwedstrijd bij de Hartjesdagen op de Zeedijk. Door zulke dingen te doen, door zich te kleden zoals hij deed, door er gewoon te zíjn, maakte hij de mensen om hem heen net iets leuker.’

Source: Volkskrant

Previous

Next