De wet om de middenhuur aan banden te leggen, staat op het punt om woensdag over een cruciale hobbel te worden getild in de Tweede Kamer. De wet zou een revolutie in de huursector betekenen. Precies om die reden twijfelt een aantal partijen erover. De argumenten van voor- en tegenstanders op een rij.
Iedereen die een huurhuis zoekt, weet dat het op zijn minst een beproeving is een woning te vinden, laat staan een betaalbare. Het aanbod is klein, de prijzen torenhoog. Er zijn weinig signalen dat die negatieve spiraal voor huurders binnenkort doorbroken wordt.
Reden voor het kabinet om in te grijpen. Volkshuisvesting is weer een kerntaak van de overheid, roept minister Hugo de Jonge (CDA) al sinds zijn aantreden in 2021. Ook al is hij inmiddels demissionair, zijn voornemen is dat de ‘Wet Betaalbare Huur’ vanaf 1 juli 2024 ingaat.
In die nieuwe huurwet staat dat voortaan niet alleen een maximale huurprijs zal gelden voor sociale huurwoningen (dat is nu al het geval), maar dat ook de huurprijs in het middensegment aan banden wordt gelegd. Aan de hand van een nieuw puntenstelsel wordt de maximale huur berekend. Hoe groter, duurzamer en waardevoller het huis, hoe hoger de huur mag zijn. Tot 147 punten geldt een maximale huurprijs van 880 euro (sociale huurwoning). Een woning die tussen de 148 en 186 punten scoort, mag voortaan maximaal 1.123 euro kosten (gereguleerde middenhuur).
Door de strengere regels zal volgens De Jonge bij circa 300 duizend woningen de huurprijs gemiddeld met 190 euro per maand dalen. Gemeenten krijgen de bevoegdheid om in te grijpen als verhuurders te veel huur vragen. Hoewel er veel voorstanders van de wet zijn, roept deze ook veel weerstand op.
Over de auteur
Natalie Righton is politiek verslaggever van de Volkskrant.
Volg alles over de kabinetsformatie hier.
Vooral in het CDA en de linkse partijen is het enthousiasme groot om de middenhuren aan banden te leggen. Wat deze partijen betreft zijn de huren de afgelopen jaren veel te hard gestegen, waardoor veel mensen zich geen huurwoning meer kunnen veroorloven. CDA-minister De Jonge spreek van ‘excessen op de huurmarkt’, waardoor het zeker in de grote stadscentra niet ongewoon is om ‘1.500 euro huur voor een woning van 40 vierkante meter’ te betalen.
De maatschappelijke gevolgen zijn groot, blijkt uit allerlei onderzoeken: Jongeren blijven vaker bij hun ouders wonen omdat ze geen zelfstandige woning kunnen vinden. Jonge stelletjes schuiven het stichten van een gezin vaker voor zich uit, en gescheiden mensen kunnen niet apart van elkaar gaan wonen. Er zijn ook huurders die in grote geldproblemen komen omdat hun maandelijkse huur meer dan tweederde van hun inkomen opeet.
‘Veel huurders hebben stress en financiële zorgen omdat ze de huur niet kunnen betalen’, benadrukte GroenLinks-PvdA-Kamerlid Habtamu de Hoop afgelopen maandag nog maar eens in de Kamer. ‘Dit kan zo niet langer’. Hij sprak eerder over ‘woekerhuren’ die in stand worden gehouden als de overheid niet ingrijpt.
GroenLinks-PvdA is dus voorstander van de nieuwe huurwet, maar wil liefst nog een stapje verder gaan. Wat De Hoop betreft komt er een ‘extra tochtkorting’ voor slecht geïsoleerde huurwoningen. Bewoners met energielabels E, F en G zouden daardoor nog eens 221 en 368 extra van hun huurprijs kunnen afstrepen. Donderdag zal de Tweede Kamer stemmen over dit aanvullende voorstel.
Hier staat tegenover dat VVD en BBB faliekant tegen de nieuwe huurwet zijn. Zij voeren het verzet in de Kamer aan omdat ze denken dat de wet zal leiden tot minder investeringen in de huurmarkt, met minder beschikbare woningen tot gevolg.
Vooral particuliere verhuurders hebben hun vastgoed deels al verkocht, omdat ze vrezen dat hun huurhuizen straks veel minder geld opleveren, blijkt uit de meest recente cijfers van huurmonitor Pararius. Ook kwamen er minder nieuwbouwwoningen bij. In totaal kromp het aanbod huurwoningen in het eerste kwartaal van dit jaar met bijna 28 procent. ‘Een reëel risico’, waarschuwde onder meer de Raad van State eind vorig jaar ook al, ‘is dat het wetsvoorstel leidt tot verkoop van huurwoningen en minder nieuwbouwhuurwoningen’.
‘Alleen al de aankondiging van deze wet heeft ervoor gezorgd dat huurwoningen verkocht worden en er minder worden bijgebouwd en dat zal door blijven gaan’, stelde het VVD-Kamerlid Peter de Groot maandag in de Kamer vast. ‘De wet doet dus precies niet wat de wet beoogt. Dit zorgt op termijn namelijk voor minder aanbod.’ Hij noemt het ‘weerzinwekkend dat partijen dit naast zich neerleggen’.
‘We zijn de huurmarkt kapot aan het maken’, vindt ook BBB-Kamerlid Mona Keijzer. ‘Ja, volkshuisvesting staat in de grondwet. Maar wil je het volk huisvesten, dan zul je wel huurhuizen moeten hébben. Alle regelgeving die nu wordt aangenomen, maakt dat steeds moeilijker.’
Het argument dat maatschappelijke gevolgen van de verkoopgolf wel meevallen omdat daardoor straks toch mooi meer woningen beschikbaar komen voor kopers die tot nu nergens terecht konden, wijzen critici van de hand. Want de oude huurhuizen worden straks ‘opgekocht door woningzoekenden met gemiddeld een hoger inkomen’, legde Matthijs Korevaar, woningmarktonderzoeker aan de Erasmus Universiteit onlangs uit aan dagblad Trouw en BNR Nieuwsradio.
Huurders met minder geld krijgen minder snel een hypotheek voor de aankoop van een huis en blijven dus relatief vaker met lege handen achter, denkt Korevaar. ‘Vooral mensen met een laag inkomen zullen dus de nadelige bij-effecten ondervinden van de wet die te hoge huren moet beperken.’
Zowel de PVV als NSC twijfelen. Zij vrezen net als de tegenstanders dat verhuurders door de lagere huuropbrengsten geen brood meer zien in verhuur, en hun panden massaal zullen verkopen. Dit zal tot gevolg hebben dat de huurmarkt nog krapper wordt.
De Jonge is de critici de afgelopen maanden echter tegemoet gekomen. Onder meer door de ’nieuwbouwopslag’ te verhogen. Dit betekent dat nieuwbouwhuizen die nog vóór 1 januari 2026 worden afgebouwd, nog tien jaar lang voor een hoger bedrag verhuurd mogen worden. De verhuurders mogen 10 procent bovenop de maximale huur van 1.123 euro vragen. De minister hoopt dat de nieuwbouw hierdoor niet stilvalt.
Het is een van de redenen dat de PVV maandag toch opeens steun uitsprak voor de wet. ‘Ik denk dat wij de wet gaan steunen’, zei het Kamerlid Barry Madlener. De PVV heeft echter nog wel een paar voorwaarden. Zo ‘hoopt en verwacht’ Madlener dat hij ook zijn fractie meekrijgt, maar dat staat nog niet vast. Zeker niet als partijen als GroenLinks-PvdA de nieuwe huurwet nog ‘verder willen aanscherpen’ via allerlei amendementen. ‘Ik vrees echt voor de investeringsbereidheid als er nog meer aanpassingen komen’, zei Madlener.
De zorg van NSC is dat ‘het verlies aan huurwoningen eerder lijkt te komen dan dat de bouwproductie op stoom is gekomen’, aldus het Kamerlid Merlien Welzijn. ‘Het kan toch niet zo zijn dat we tijdens een wooncrisis organiseren dat we eerst minder woningen hebben voordat we er meer bij krijgen?’ NSC wil daarom dat minister De Jonge ‘perspectief’ biedt aan beleggers die straks minder rendement krijgen op hun panden, onder meer door het aanpassen van het belastingstelsel. ‘Als je geen perspectief hebt, gaat iedereen verkopen. Maar met perspectief kun je zeggen: even door zure appel heen bijten. Ik wil een soort kalender: in welk jaar gaat er wat gerepareerd worden?’
Ondanks de kritiek tekent zich in de Tweede Kamer inmiddels een meerderheid af voor de Wet Betaalbare Huur. Dan moet minister De Jonge woensdagavond wel PVV en NSC binnenboord zien te houden. Donderdag wordt er gestemd. Daarna moet de Eerste Kamer zich binnenkort nog over de wet buigen. Daar hebben VVD en BBB, de geharnaste tegenstanders, grote fracties. De winst ligt dus nog lang niet vast voor De Jonge.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant