Home

Het is niet voor iedereen even makkelijk om toe te geven dat je een bakfiets hebt, maar nu kan ik er echt niet meer onderuit

Het is niet voor iedereen even makkelijk om toe te geven dat je een bakfiets hebt. Zeker niet als je zelf in het verleden smalend en neerbuigend over mensen met een bakfiets hebt geschreven. Maar nu kan ik er echt niet meer onderuit. Het is namelijk die bakfiets waar mijn vrouw op doelde, toen ik haar vanuit de woonkamer hoorde roepen: ‘Iemand neemt onze fiets mee!’. Het was het einde van de ochtend en ik stond in de keuken. Ik liet alles uit mijn handen vallen en sprintte naar de voordeur. Onze bakfiets stond inderdaad niet meer op de stoep voor ons huis. Ik keek om me heen en zag nog net hoe hij aan de overkant van de straat om het hoekje verdween, aan de achterkant opgetild door iemand met een capuchon op.

In een paar stappen stak ik de straat over en sloeg de hoek om. ‘Hé!’, riep ik en meteen liet de man de fiets vallen. Toen ik een een paar stappen in zijn richting zette, stak hij zijn hand in zijn jas, alsof hij iets uit zijn binnenzak ging halen. ‘Ik steek je neer’, zei hij. Dit was zeg maar niet wat ik had verwacht toen we verhuisden uit Amsterdam-West en neerstreken in een slaperige woonwijk in Haarlem. ‘Je gaat me niet neersteken’, zei ik tegen de man, die niet een man, maar een slungelige jongen van begin twintig bleek. Ik geloofde niet dat hij daadwerkelijk een mes bij zich had. Bovendien ben ik Deëscalatieman.

Over de auteur
Julien Althuisius is schrijver en voor de Volkskrant columnist over het dagelijks leven.

‘Is dit jouw bakfiets?’, vroeg de jongen. Ja. Ik ben er ook niet trots op, maar onze kinderen werden te zwaar voor de gewone fiets en het drukke verkeer liet niet toe dat ze op hun eigen fietsjes naar school konden. Dus kochten we deze – tweedehands – en we hadden het echt jaren eerder moeten doen. Bovendien hoeven we nu ook minder vaak de auto te pakken. En hij is echt heel handig (echt). ‘Ja man’, zei ik, ‘dit is mijn bakfiets.’

De jongen deinsde terug. ‘Sorry’, zei hij, ‘ik zal hem laten staan.’ Hij stak zijn vuist naar me uit, om me een boks te geven. Er waren inmiddels mensen naar buiten gekomen, een buurvrouw had een telefoon in haar hand. Ik had geen zin in al dit gezeik, om deze jongen vast te houden totdat de politie er zou zijn, om daarna aangifte te doen. Ik pakte hem bij zijn elleboog. ‘Wegwezen nu’, fluisterde ik. Hij draaide zich om en liep rustig weg. ‘Niets aan de hand’, zei hij, toen hij langs de buren liep die stonden toe te kijken. Daarna tilde ik de bakfiets (mijn bakfiets) op en droeg hem – zoals Kevin Costner Whitney Houston droeg in The Bodyguard – weer naar huis.
Lang verhaal kort: ik heb dus een bakfiets. Heel eventjes niet meer, maar nu weer wel.

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next