Home

Tweede worden is het nieuwe winnen, de nummer twee is de chef

De tweede plaats, in de sport ooit de meest verguisde van alle klasseringen en bron van denigrerende omschrijvingen als ‘de eeuwige tweede’ krijgt eindelijk weer de waardering die hij verdient. Zondag werd Romain Bardet tweede in Luik-Bastenaken-Luik en ik heb recentelijk geen wielrenner gezien die zo blij was dat hij maar door één man was geklopt. Even dacht ik dat hij juichend over de streep zou komen, maar daar zag Bardet vanaf: hij weet dat de scepsis over plaats twee nog niet overal is verdwenen en dat sommigen hem als een sneue loser hadden gezien.

Eerder was Luca Mozzato de koning te rijk met zijn tweede plaats in de Ronde van Vlaanderen en Jasper Philipsen kon zijn geluk niet op toen hij in Parijs-Roubaix andermaal de runner-up was geworden. Tweede worden is het nieuwe winnen, aan de nummer één worden steeds minder woorden vuil gemaakt – hooguit een paar obligate loftuitingen – de nummer twee is de chef. De renner die een palmarès met veel tweede plaatsen kan overleggen zit goed, veelwinnaars prijzen zich uit de markt.

‘Daar gaat-ie’, zei Stef Clement toen een klein pelotonnetje zondagmiddag de Redoute bestormde en er iemand wegreed. ‘We gaan een heel interessante strijd om de tweede plaats krijgen,’ voorspelde Joris van den Berg.

Vroeger gold nog ‘wie tweede wordt, is de eerste van de verliezers’. Op het podium zag je destijds vaak dat de nummers twee en drie nog stonden na te snikken om de vergooide kans op de zege. In de wielersport kon er alleen een glimlachje vanaf bij de nummer twee als die even daarvoor de eerste plaats voor een riant bedrag had verpatst.

Sympathie van het grote publiek

De nummer twee kon wel op de sympathie van het grote publiek rekenen. Hij wekte veel medelijden en de fans konden zich nu eenmaal gemakkelijker identificeren met de verliezer dan met de winnaar. Maar dat er zoals tegenwoordig hard werd gevochten om de tweede plaats: dat nou ook weer niet. Destijds werden ze toch liever eerste.

De Fransman Poulidor, de grootvader van Mathieu, werd niettemin rijker doordat hij steeds van Anquetil verloor dan van de schaarse keren dat hij zegevierde. Joop Zoetemelk dankte zijn grote naam meer aan zijn zes tweede plaatsen in de Tour dan aan zijn ene zege. Hij zette daarmee zelfs veel van de goodwill die hij in de loop der jaren had verzameld op het spel. Opeens begonnen zijn supporters zich af te vragen of hij niet wat vaker had kunnen winnen. Zijn populariteit herstelde zich pas nadat hij twee jaar na zijn zege weer vertrouwd tweede was geworden.

Zeker in Nederland was de nummer twee altijd al tamelijk populair. Wij houden niet van sporters die alsmaar winnen. Joris van den Berg kreeg het zondag bijna te kwaad bij de aanblik van Romain Bardet. ‘Ik vind dit zo mooi, ik vind het zo ontroerend hoe hij knokt voor de tweede plaats.’ Had Bardet de winnaar op miraculeuze wijze alsnog achterhaald, dan was het een verbeten gevecht om plek twee geworden.

De Ronde van Italië wordt straks interessanter dan ooit: het wemelt van de kandidaten voor de tweede plaats.

Over de auteur
Bert Wagendorp is voormalig sportverslaggever van de Volkskrant, oprichter van wielertijdschrift De Muur en auteur van wielerroman Ventoux. Hij schrijft wekelijks een sportcolumn. Columnisten hebben de vrijheid hun mening te geven en hoeven zich niet te houden aan de journalistieke regels voor objectiviteit. Lees hier onze richtlijnen.

.

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next