Home

Op festival Roadburn worden vocale woede en frustratie van het podium geknald; een ontlading voor artiest én publiek

De heavy muziek op het Tilburgse festival Roadburn is lang niet altijd hard en deelt vooral een levensgevoel. Een ding staat vast: de muziek moet altijd uit de ziel komen.

Hoe divers Roadburn ook is geworden en hoezeer het zich de laatste jaren heeft ontwikkeld, het blijft een festival van de uitgeschreeuwde pijn. In Tilburg horen we hoe vier dagen lang vocale woede en frustratie van het podium wordt geknald. En merken we ook hoe muzikaal geweld verlichting kan geven, voor artiesten én publiek. Alsof het ventiel in het hoofd wordt opengedraaid, de druk er even af mag en iedereen daarna misschien net iets meer kan berusten in het eigen lot en dat van de wereld. Gedeelde smart is halve smart.

De Amerikaanse noiseband Body Void schildert de zaken niet mooier af dan ze zijn. Op donderdag trapt de jonge band uit San Francisco festival Roadburn af met een bunkerharde show, op de nog vroege middag. De gitaren en krakerige elektronische geluidsgolven scheuren door de fabriekshal aan het Tilburgse spoor, en dat doet de stem van de vocalist Willow Ryan ook.

Body Void maakt muziek als een soundtrack bij de ondergang van de wereld, zeggen ze zelf. En in het nummer Divine Violence krijst Ryan een uitgebleekte maar desondanks best poëtische boodschap door de hal: ‘You will realize, as you’re vaporized by infinity, how powerless you were.’

Over de auteur
Robert van Gijssel is muziekredacteur van de Volkskrant en schrijft over pop en de muziekindustrie. Hij schrijft ook over gamecultuur.

Het Australische underground-fenomeen Xandra Metcalfe, alias Uboa, geeft twee dagen later een rondleiding door haar eigen verdriet, bij een integrale vertolking van het imponerende album The Origin of my Depression. Zij wisselt bedachtzame momenten en zacht ruisende geluiden uit haar laptop af met onwaarschijnlijke uitbarstingen van lawaai en een verpulverend geschreeuw, als dat uit de meest giftige hardcore.

Je moet bij deze erupties van extreme herrie de neiging onderdrukken de zaal uit te vluchten: het is zo intens en naargeestig en Uboa drukt alle lucht uit je longen. Maar je blijft, natuurlijk. Want ook zij staat hier niet zomaar een beetje muziek te maken. Uboa heeft iets te vertellen. Dus gaan wij luisteren.

Roadburn is een festival voor heavy muziek. Een genrefestival dus. Maar voor wat voor genre precies? Het Tilburgse festival werd de afgelopen decennia mondiaal geliefd vanwege de uitdagende programmering: het publiek stroomt ieder jaar uit tientallen landen naar Tilburg. Roadburn zette van oudsher grote namen uit de stoner- en doommetal, zoals Sleep en Yob, naast bands en artiesten die helemaal niets met metal te maken hadden. Maar die je toch kon categoriseren als ‘heavy’.

De muziek op Roadburn deelt de laatste jaren steeds meer een gevoel, een zekere somberte en een hang naar de duistere kanten van het bestaan. Het is muziek met een hoog soortelijk gewicht, zou je kunnen zeggen. Ook al uit zich dat soms niet in herrie maar juist in stilte.

De laatste jaren werd die afwijkende, niet zo makkelijk te identificeren stroming aan heavy muziek belangrijker op Roadburn. Ook omdat de grote bands uit het rijke gitaarverleden minder makkelijk te vinden zijn. Of te duur zijn, of simpelweg niet meer bestaan. Het publiek werd die laatste jaren ook minder eenvormig, jonger ook. Het zoekt deze editie samen met de organisatoren naar vernieuwende expressie, en harde muziek tot ver buiten de geijkte gitaarpatronen. Op Roadburn 2024 horen we experimentele hiphop van de band Clipping, schitterende gothic-folk van Chelsea Wolfe en spirituele jazz van de groep Ottla, en niemand die er vreemd van opkijkt.

De gitaren zijn zondag zelfs in de minderheid. De grote zaal van het poppodium 013 loopt vol voor het orkestwerk Lux Tenera – a Rite to Joy, een compositie-opdracht die werd uitgeschreven door Roadburn. De Berlijnse producer Sebastian Lee Philipp, die met zijn elektronische project Die Wilde Jagd al jaren waakt over de nalatenschap van de goede oude Duitse Krautrock, schreef een stuk als een psychedelische zeereis. De 013 vaart mee op donkere bewustzijnsgolven, bij de prevelende gedichten van Lee Philipp zelf en het rijke orkestgeluid van het Metropole Orkest onder leiding van Simon Dobson.

De strijkers, de zacht tingelende xylofoons en de spreekzingende stem van Lee Philipp krijgen de zaal stil. En als een knerpende trombone en twee enorme Japanse trommels de kalmte daarna aan stukken slaan, voel je de opwinding door de zaal trekken. Wat werken deze orkestrale psychedelica goed en wat smeekt dit stuk om een uitgave op album.

De zaterdagavond is ook al zo magisch. De Ierse band Lankum laat horen dat heavy muziek van alle tijden is, met bewerkingen van antieke liederen en gedichten uit de Keltische geschiedenis en eigen werk. De begeleiding op pomporgel en kleine harmonica’s krast soms als een nagel over de ziel, en dat doet de weergaloze stem van zangeres Radie Peat ook. Weer is de zaal muisstil, en iedereen begrijpt waarom een eeuwenoud lied over dood en rouw het hier zo goed doet en eigenlijk ‘typisch Roadburn’ is.

Niet alle experiment werkt zo goed. De afsluitende zondagshow van de Schotse shoegazeband The Jesus and Mary Chain valt in het water, vooral omdat de band zelf niet gelooft dat die op Roadburn iets te zoeken heeft. De liedjes van de laatste plaat Glasgow Eyes zijn futloos, en dat is de uitstraling van zanger Jim Reid ook. Het zaalgeluid is vol en zwaar, maar de band weet de op zich uitstekende randvoorwaarden niet te benutten.

De mislukking wordt nog schrijnender omdat in de kleine zaal van de 013, even verderop, een andere poplegende uit het Verenigd Koninkrijk de sterren van de hemel speelt. De zonderlinge gitaargoeroe Nick Saloman maakt met zijn band The Bevis Frond al veertig jaar prachtige psychedelische pop, die al net zo lang geldt als het best bewaarde geheim van de indie. Zijn jengelende gitaarspel en onmiskenbare en zuivere zangstem klinken fantastisch, net als de liedjes van zijn laatste album Focus on Nature. Saloman redt vanavond de eer van de Britse gitaarmannen, met een heerlijke feelgood-show.

Hoe groot is het contrast met het andere onbetwiste hoogtepunt van Roadburn: een guur en loodzwaar optreden van de Amerikaanse band Khanate. Deze heavy supergoep, met onder andere zanger Alan Dubin van de band Old en gitarist Stephen O’Malley van de droneband Sunn O))), kwam vorig jaar weer bijeen voor het album To Be Cruel, een indrukwekkende plaat met gepijnigde schreeuwzang en zware feedbackgitaren.

Live in de 013 wordt het nieuwe werk bizar hard maar fenomenaal vertolkt door vier heren die elkaar beloeren, opgesteld in een kleine kring en belicht door een paar simpele maar doeltreffende podiumlampen. Ze musiceren snoeihard maar feilloos. De trage klappen en breaks van drummer Tim Wyskida worden steeds gevolgd door twee gitaren, en vooral de gonzende nagalm na iedere aanslag. De zang van Dubin is wreed maar urgent in iedere lettergreep.

De band was naar verluidt bijna een week in Nederland om te repeteren voor deze show. Die toewijding zegt veel over deze band, over het festival waar ze graag willen spelen én over de betekenis van de heavy muziek, die altijd uit de ziel moet komen.

Festival Roadburn, van 18 t/m 21/4, verschillende locaties in Tilburg. Met optredens van o.a. Chelsea Wolfe, Uboa, Khanate, Grails, Lankum, Blood Incantation. 

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next