Home

Met de app en de e-nurse houdt u binnenkort zelf uw gezondheid in de gaten

In de zorg vindt elk ziekenhuis elke keer weer het digitale-zorgwiel uit. Het is een notoir probleem. Zeven ziekenhuizen bouwen nu met een subsidie van 85 miljoen euro aan een landelijk platform om patiënten thuis in de gaten te kunnen houden. Betekent dit de definitieve doorbraak van de e-nurse?

Soms begrijpt de app van mevrouw Hoogeveen (‘liever geen voornaam’) nog niet zo goed hoe hevig haar astma toeslaat, vertelt ze lachend door de telefoon. ‘Dan komt-ie met goedbedoelde opvoedadviezen dat ik moet gaan hardlopen, terwijl ik al blij ben dat ik het toilet haal.’

Het zijn uitzonderingen, haast de 46-jarige Hoogeveen zich te zeggen, want voor de rest is ze juist enorm tevreden over de manier waarop de artsen en verpleegkundigen haar tegenwoordig in de gaten houden. Eén keer per week – of, als ze niet net ziek is geweest zoals nu of midden in het hooikoortsseizoen zit, één keer maand – vult ze op haar app een vragenlijst in. Hoe ervaart ze haar benauwdheidsklachten bij het opstaan? Hoe vaak heeft ze een piepende ademhaling? Heeft ze haar medicijnen moeten ophogen?

Hoogeveen: ‘Als ik invul dat ik mijn puffers vaak moet gebruiken, dan kan ik er de klok op gelijk zetten dat verpleegkundigen van het monitoringscentrum mij binnen no time bellen om te vragen of ze nog iets voor me kunnen doen. Ik hoef niet over een drempel heen, of me af te vragen of mijn klachten erg genoeg zijn om te bellen.’

Thuismonitoring

Mevrouw Hoogeveen is zeker niet de eerste patiënt die een thuismonitorings-app tot haar beschikking heeft. Wat wel nieuw is: ze is nu onder controle bij ‘Zorg bij jou’, een samenwerkingsverband van zeven grote ziekenhuizen (samen bekend als Santeon). Het is een digitaal platform dat binnen enkele jaren voor de gehele Nederlandse zorg toegankelijk moet zijn; van ziekenhuizen tot huisartsen tot verpleeghuizen. Bij het platform kunnen nu patiënten met acht verschillende aandoeningen (zoals COPD, hartfalen, zwangerschapsdiabetes) terecht, dit jaar komen er nog tien andere aandoeningen bij. Achtduizend patiënten krijgen op dit moment al deze vorm van digitale zorg.

Over de auteur
Michiel van der Geest is de zorgverslaggever van de Volkskrant

Ook nieuw: voor dat streven is een enorme pot geld beschikbaar. 85 miljoen euro krijgen de Santeon Ziekenhuizen om hun digitaliseringsplannen uit te voeren. Het is de eerste subsidie die is toegekend uit een budget van 2,5 miljard euro dat bedoeld is om de zorg toekomstbestendiger en digitaler te maken.

De appjes en vragenlijstantwoorden van mevrouw Hoogeveen komen binnen in het ‘monitoringscentrum’, een wat pompeuze naam voor een non-descript kantoortje met luxaflex voor de ramen aan de ‘zorgboulevard’ in het Maasstad Ziekenhuis in Rotterdam-Zuid. Daar zit monitoringsverpleegkundige (officiële naam: e-nurse) Tessa van der Zanden, die de gave heeft op twee schermen vijf verschillende monitoringssystemen tegelijkertijd in de gaten te kunnen houden.

Voor zes aandoeningen monitoren zes verpleegkundigen hier zo duizend patiënten, met chronische ziekten als COPD en hartfalen, maar ook met tijdelijke aandoeningen als zwangerschapsdiabetes. Ook patiënten die een orthopedische ingreep hebben ondergaan, worden op deze manier in de gaten gehouden. Het stramien is steeds hetzelfde: de patiënt vult om de zoveel tijd een vragenlijst in en kan laagdrempelig vragen stellen. Is er sprake van een afwijkende en onwenselijke gezondheidssituatie, dan krijgen de verpleegkundigen een melding en nemen ze contact op.

‘De luxe is dat wij de tijd hebben om te bellen en met de patiënt te bespreken hoe het gaat’, zegt Van der Zanden. ‘Wij geven patiënten, die wellicht stress en angst voelden door hun aandoening, een veilig gevoel. Dat doet mijn verpleegkundig hart sneller kloppen.’

Van der Zanden volgt niet alleen patiënten van haar eigen Maasstad Ziekenhuis, maar ook van het naburige Ikazia Ziekenhuis en zelfs van het Catharina Ziekenhuis in Eindhoven. ‘Ik ga ervan uit dat we uiteindelijk patiënten uit het hele land kunnen monitoren. Heel leuk, want elke regio heeft z’n eigen type patiënten. In Rotterdam-Zuid moeten we sommige vrouwen met zwangerschapsdiabetes echt op het hart drukken de app in te vullen, die voelen soms de urgentie niet. Dat hoef je de patiënten van het Catharina niet te vragen, die vullen braaf in en blijven het liefst een half uur met je kletsen.’

Wij-zijn-unieksyndroom

Die landelijke schaal, daar gaat het uiteindelijk om, zegt Sander Dekker. Tien jaar ‘liep hij op het Binnenhof rond’ (als staatssecretaris van Onderwijs en als minister voor Rechtsbescherming) , nu is hij bestuurder van het Maasstad Ziekenhuis. Monitoringsapps mogen dan niet revolutionair zijn (ze bestaan al veel langer), maar nooit eerder bouwden zo veel ziekenhuizen samen aan een voor iedereen toegankelijk systeem, waar zo veel patiënten bij zullen worden aangesloten, zegt Dekker. ‘Wij willen echt een nuts-functie neerzetten.’

Een notoir probleem in de zorg is het not-invented-here-syndroom, de neiging van ziekenhuizen altijd weer zelf het wiel te willen uitvinden vanuit de rotsvaste overtuiging dat het eigen ziekenhuis zo uniek is met zulk een bijzondere patiëntenpopulatie dat eerdere uitvindingen – helaas, helaas – net niet bruikbaar zijn. Dekker: ‘Wat er anders is aan deze samenwerking is dat wij in de zeven ziekenhuizen daadwerkelijk onze protocollen gelijktrekken, zodat alle ziekenhuizen op dezelfde manier zorg leveren.’

Klinkt misschien logisch, daarvoor moeten heel wat heilige huisjes omver, zegt Monique Valentijn, namens Santeon verantwoordelijk voor Zorg bij jou. ‘Over ieder onderdeeltje wordt gesoebat. In het ene ziekenhuis moeten diabetespatiënten hun suikerwaarde een uur na de maaltijd meten, in het andere na twee uur. Het is geen wereld van verschil, maar je moet het wel eens worden met z’n allen.’

Omdat de medisch specialisten uit de Santeon ziekenhuizen al op andere vlakken samenwerken en zij elkaar daarom vertrouwen, ‘kunnen wij nu meters maken’, zegt Dekker. ‘Schaal gaat hier echt het verschil maken. Bij grote patiëntenaantallen die van dezelfde thuismonitoringsmogelijkheden gebruikmaken, kunnen we straks echt met minder mensen meer zorg leveren. Die arbeidsproductiviteit moet omhoog in de zorg, gezien de vergrijzingsgolf die op ons afkomt. En als we genoeg patiënten hebben, kunnen we ook 24 uur per dag gaan monitoren.’

Meer vragen, meer zorgdruk

Het merkwaardige is, zegt mevrouw Hoogeveen, dat de zorg juist persoonlijker voelt (‘Tessa en Marja van het monitoringscentrum, die ken ik’), en laagdrempeliger. ‘Ik woon in Brabant. Als ik naar het ziekenhuis in Rotterdam moet, ben ik gauw drie uur kwijt aan een doktersbezoek. Dat maakt ook dat je wat langer blijft doorlopen met klachten en vragen. Je wacht tot het echt niet meer gaat. Door die app kan ik denken: ‘Hé, er verandert iets, ik stuur even een berichtje.’ En dan maken zij de inschatting maar of ik moet komen.’

Dat is precies een van de gevaren van digitale zorg, zegt Guus Schoonman, neuroloog in het Elisabeth Tweesteden Ziekenhuis in Tilburg (niet van Santeon) en bijzonder hoogleraar digitale communicatie in de klinische praktijk. Als patiënten alleen maar meer vragen gaan stellen, wordt de zorg daar dan wel efficiënter van? Schoonman: ‘Bij veel ziekenhuizen kunnen patiënten nu vragen stellen via het elektronisch patiëntendossier. Patiënten vinden de kwaliteit van zorg daardoor hoger, maar het gevolg is ook dat artsen en verpleegkundigen elk jaar meer vragen moeten beantwoorden. Moeten ze na hun gewone dagelijkse werkzaamheden ook nog een bak data doorvlooien.’

Het succes van digitale zorg, zegt Schoonman, hangt daarom ook sterk af van wat de zorgverleners ermee te winnen hebben.

Bestuursvoorzitter Dekker heeft daar geen twijfels over. Digitale toepassingen halen juist de overbodige consulten weg bij de artsen en verpleegkundigen, zodat zij hun aandacht kunnen richten op de patiënten die zorg in het ziekenhuis echt nodig hebben. ‘Het grotere doel is dat we eerder kunnen interveniëren door patiënten continu te monitoren. Zo voorkomen we dat patiënten via de spoedeisende hulp binnenkomen, we kunnen eerder lichtere zorg bieden. En we zien ze alleen als dat strikt noodzakelijk is en niet standaard iedere drie of zes maanden.’

Emotie van de patiënt

En nee, zegt Zorg bij jou-coördinator Valentijn, dat vinden ook de meeste ouderen niet erg. ‘Het is een fabeltje dat mensen het zo fijn en veilig vinden in een ziekenhuis. Het is het prettigst als je ziekte in de gaten wordt gehouden in je eigen omgeving, op je eigen bank en met je eigen koffie. Dat geldt al helemaal voor de werkende generatie. Als je zwangerschapsdiabetes hebt of je krijgt immunotherapie, dan wil je niet dat je hele dag ontregeld is, met parkeergedoe en artsen die altijd te laat zijn, omdat je naar het ziekenhuis moet.’

Toch hoeft dat het werk voor artsen niet per se aantrekkelijker te maken, denkt hoogleraar Schoonman. ‘Het klopt dat je de laagcomplexe zorg grotendeels kunt automatiseren. Maar dat heeft ook een nadeel: als je alleen nog maar ingewikkelde patiënten in het ziekenhuis hebt, haalt dat lucht uit het systeem. Als ik zes dagdelen in de week spreekuur heb op de polikliniek, vind ik het wel lekker dat er ook relatief eenvoudige patiënten tussen zitten, die niet allemaal aanvullende onderzoeken nodig hebben of over wie ik moet overleggen met collega’s.’

Uiteindelijk gaat het erom of digitale zorg de essentie van zorg kan vangen, zegt Schoonman. ‘Kun je van betekenis zijn voor de patiënt? Kun je troost bieden, helpen bij gevolgen van de ziekte? Als digitale zorg dat kan bieden, is het van meerwaarde. Daarom moeten artsen en verpleegkundigen continu meebeslissen als nieuwe digitale stappen worden gezet. Zodat we kunnen ingrijpen als de techniek dreigt weg te drijven van de essentie van de zorg.’

Dagelijks leven

Het is exact de reden waarom verpleegkundige Van der Zanden zich vol overgave op de digitale zorg heeft gestort. Als piepjonge longverpleegkundige kwam ze in de perfecte storm van de covidcrisis terecht, een periode die haar sporen naliet. Bij Van der Zanden, maar ook in de zorg, zo is haar overtuiging. ‘Na covid kan geen enkel ziekenhuis meer zeggen: ‘Wij gaan op dezelfde manier verder.’ We hebben aan den lijve ondervonden dat we op een andere manier moeten gaan werken. Die vernieuwing past bij mij en is een manier om mijn verpleegkundig hart weer terug te vinden.’

Voor mevrouw Hoogeveen maakt haar ziekte nu op een veel natuurlijker manier deel uit van het dagelijks leven. ‘Ik app de hele dag met Jan en alleman. En dat doe ik nu ook met de longarts.’

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next