Home

Uit de kast komen als je in een ‘heterorelatie’ zit: deze vijf weten daar alles van

Soms komt het besef dat iemand queer is een beetje later in het leven. Als ze al een ‘heterorelatie’ en kinderen hebben bijvoorbeeld. Deze vijf hebben daar ervaring mee. ‘Dat papa op mannen viel vonden ze niet zo dramatisch, maar dat wij uit elkaar gingen, daar hebben ze tranen om gelaten.’

Krista Blijleven (50) woont in Heerhugowaard en werkt in de ict. Ze heeft drie dochters en twee bonusdochters, van haar vriendin Monique met wie ze zeventien jaar samen is.

‘Ik was 18 toen ik de vader van mijn kinderen leerde kennen. We werden verliefd, trouwden, kochten een huis en kregen kinderen – ik was gelukkig. De kinderen waren 1, 4 en 6 toen mijn oudste dochter op school een beste vriendinnetje kreeg. Geregeld bracht ik mijn dochter daarheen om te spelen en dan maakte ik bij de deur een praatje met haar moeder, Monique. We raakten goed bevriend en onze mannen ook. Toen Monique met haar gezin op vakantie ging, was ik helemaal van de leg. Er kwam niets uit mijn handen en ik miste haar enorm. Ik vroeg me af of het meer dan vriendschap zou zijn. Nee joh, dacht ik, dat kan helemaal niet, ik val niet op vrouwen. Dat heb ik mezelf nog vijf maanden wijsgemaakt. Monique en ik waren een dagje naar de sauna toen we ons allebei uitspraken dat we verliefd waren.

Diezelfde week heb ik tegen mijn man gezegd dat ik verliefd was. Hij zei meteen: ‘Dan weet ik wel op wie.’ Blijkbaar had hij een vermoeden. In het begin dachten we nog dat het naast ons huwelijk kon bestaan, maar tegelijkertijd voelde de verliefdheid ook als een eyeopener. Ik besefte: wacht even, met een vrouw samenzijn, dat kan dus ook. Ik had er nog nooit over nagedacht dat dat een optie was. Toen ik opgroeide zag ik André van Duin op televisie en op school werd gezegd dat hij ‘van de verkeerde kant’ was. Maar ik kende niemand met vrouwenrelaties, in mijn hoofd bestond dat niet. Er vielen wel dingen op hun plek. Het seksuele aspect met een man zag ik als iets wat erbij hoorde, maar ik dacht altijd: maakt iedereen zich hier nou zo druk over? Ik deed het wel, maar ik vond er niet zoveel aan.

Mijn ex en ik zijn uit elkaar gegaan. Natuurlijk waren we heel verdrietig, maar we konden goed met elkaar praten. Iedereen had er een oordeel over. Überhaupt over het feit dat je gaat scheiden met drie jonge kinderen. Ook denk ik dat als je als vrouw het initiatief neemt, je het dubbel en dwars over je heen krijgt. Tegen mijn kinderen zei ik: ‘Mama houdt nog steeds van papa, maar niet meer genoeg om in een huis te wonen en mama is verliefd op Monique.’ Mijn oudste vond het een tijdje lastig dat we uit elkaar gingen. Dat papa een man is en Monique een vrouw, is voor mijn kinderen nooit een issue geweest. Inmiddels zijn we zeventien jaar samen en het gaat hartstikke goed. We wachten vol ongeduld tot alle kinderen het huis uit zijn, zodat wij kunnen gaan samenwonen.’

Rolf de Leeuw (52) woont in Molkwerum en is sinds tweeënhalf jaar samen met Klaas. Hij is monteur in de watersport en heeft twee kinderen.

‘In mijn jeugd had ik weleens gedatet en gezoend met jongens, maar begin jaren negentig ging ik het leger in. Toen ben ik geswitcht van mannen naar vrouwen. Het leger is een machocultuur – naar mijn gevoel kon je daarbinnen niet op mannen vallen.

Toen ik een leuke vrouw tegenkwam, ben ik met haar een relatie begonnen. Dat was niet met tegenzin, het klikte tussen ons. Ze was lief, we kregen twee kinderen en hadden een mooi gezin. Eigenlijk ging het best goed. Op een klein dingetje na: dat ik een vrouw had en niet een man. Ik heb ons twintigjarige huwelijk niet als een worsteling ervaren, maar toen de kinderen groter werden en het leven iets rustiger werd, kwam ik tot de conclusie dat het zo niet langer ging.

Tegelijkertijd dacht ik: Rolf, wat haal je jezelf op de hals? Ik wist dat ik drie mensen, van wie ik heel veel hield, pijn ging doen.

Ik ontmoette Klaas tijdens een zeilwedstrijd, en deze man wekte veel gevoelens bij mij op – dit voelde anders en mooier. Maar ik hield het op afstand.

Mijn vrouw merkte dat ik niet goed in mijn vel zat en zei: ‘Er is iets met jou.’ Ze dacht dat ik een andere vrouw had. Ik heb verteld dat ik op het andere geslacht viel. Natuurlijk schrok ze, ze was heel verdrietig. ‘Had je maar een andere vrouw gehad, dan had ik kwaad kunnen worden’, zei ze. Maar ze wist ook dat dit geen bewuste keuze van mij was.

Tweeënhalf jaar geleden zijn we uit elkaar gegaan. We hebben nog drie maanden samengewoond om alles goed af te sluiten en toen ben ik verdergegaan met Klaas. Ik ben mijn vrouw verloren, maar ik heb er een goede vriendin voor teruggekregen. We gaan goed met elkaar om, ze kan het prima vinden met Klaas.

Het aan de kinderen vertellen vond ik een van de moeilijkste dingen die ik ooit heb gedaan. Ze waren 12 en 15 toen ik het vertelde. Dat papa op mannen viel vonden ze niet zo dramatisch, maar dat wij uit elkaar gingen, daar hebben ze veel tranen om gelaten.

Ik woon in een klein dorp, geruchten gaan hier snel. Op Facebook en in de dorpskrant heb ik mijn verhaal gedeeld, zodat niemand verhalen hoefde te verzinnen. Ik heb alleen maar positieve reacties gehad. De eerste avond nadat ik op Facebook had gedeeld dat ik gay was en bij de brandweer kwam waar ik als vrijwilliger werkte, hadden ze een grote regenboogvlag opgehangen.

Mijn leven is zo gelopen en ik had het niet anders gewild – zonder mijn huwelijk had ik mijn twee mooie kinderen niet gehad. Maar ik heb geen spijt van mijn beslissing. Het is fantastisch met Klaas, we wonen ook samen. Dit voelt logisch, dit voelt zoals het hoort.’

Jesse Hanse (36) woont in Den Haag met zijn vriend en de helft van de tijd ook met zijn drie kinderen. Hij is directeur bij een huidverzorgingsmerk.

‘Ik wist op mijn 9de al dat ik op jongens viel, toch kwam ik op mijn 32ste pas uit de kast. In mijn omgeving werd gay zijn niet geaccepteerd. Ik groeide op in een christelijk gezin in een dorpje in de Betuwe. Ik trouwde met mijn beste vriendin, met wie ik drie prachtige kinderen kreeg. Acht jaar geleden overviel me het gevoel: dit is het dan, huisje, boompje, beestje. Ik was echt gelukkig met mijn vrouw, maar ik kon mijn geaardheid niet langer onderdrukken.

Na een avond uit ben ik met een man die ik al kende in bed beland. Dat was voor mij de openbaring: dit voelt natuurlijker dan het ooit met een vrouw heeft gevoeld. Ik heb aan mijn vrouw verteld wat er was gebeurd en dat ik altijd heb geweten dat ik op mannen val. Voor die avond had ik al een slaapplek geregeld, want ik dacht: misschien zet ze me wel op straat. Maar ze reageerde liefdevol, was vooral met mij begaan, omdat ik een emotioneel wrak was. Overigens heeft ze het nooit geweten of zelfs maar vermoed. Pas veel later kwamen bij haar de shock en het rouwproces.

De eerste periode hebben we het stap voor stap gedaan. We hebben veel gepraat, veel gehuild. Het heeft nog twee jaar geduurd voordat we officieel zijn gaan scheiden. We wisten niet hoe we het moesten gaan doen: onze kinderen waren 1, 4 en 6. In het begin twijfelde ik nog of ik bi was. Ik hield van deze vrouw, we waren seksueel actief, wat was ik dan? Maar toen we bij de relatietherapeut zaten, besefte ik: als ik diep naar binnen kijk, zie ik mezelf wakker worden naast een man. Dat gaf voor mij de doorslag dat we echt uit elkaar moesten.

Tuurlijk was het ingewikkeld voor de familie. Ieder kind heeft een beeld van een gezinnetje: ouders, broertjes, zusjes – onze scheiding maakte dat kapot. Het veroorzaakte ook een scheiding in de familie en dat had tijd nodig, maar uiteindelijk heeft iedereen goed gereageerd. De ouders van mijn ex zijn nog steeds belangrijke mensen in mijn leven. Al snel kregen we allebei een nieuwe relatie en dat gaat allemaal goed samen. Er is nooit een officieel moment geweest dat ik tegen mijn kinderen zei: ‘Ik val op mannen’. Ik stelde gewoon mijn nieuwe partner aan hen voor en dat was een man. Je kunt nooit helemaal in het hoofd van je kind kijken, maar volgens mij vinden ze het de normaalste zaak van de wereld dat ik een vriend heb. Ik grap weleens naar mijn ex-vrouw dat we nu eindelijk de relatie hebben zoals die zou moeten zijn: als beste vrienden.

Die avond dat ik het mijn vrouw vertelde, was het moeilijkste gesprek uit mijn leven, maar ook een kantelpunt. Als iemand me toen had verteld hoe onze levens nu zijn, hoe rijk en mooi, dan had ik het niet geloofd.’

Roos (31) woont in De Steeg met haar vriend en ze werkt als verpleegkundige in een ziekenhuis.

‘Mijn vriend had eerder door dat ik ook op vrouwen val dan ik. Hij merkte het aan de manier waarop ik naar vrouwen keek. Soms hoor je mensen als ze uit de kast komen zeggen: ‘Eigenlijk wist ik het al mijn hele leven.’ Dat had ik helemaal niet. We hadden het wel vaak over mooie vrouwen, als we op straat iemand zagen lopen bijvoorbeeld. Gaandeweg, ongeveer vijf jaar geleden, zei hij: ‘Joh, misschien moet je daar een keer iets mee doen, wil je dat niet ontdekken?’ Toen hij die opmerking maakte, had ik daar nooit over nagedacht. Ik had geen referentiekader van andere vrouwen die in een heterorelatie zitten en daarnaast ook dames leuk vinden. Dat was nieuw voor me, dus ik ben me gaan onderdompelen in de lhbti-wereld. Ik keek de serie Anne+, ging naar de theatervoorstelling van Kirsten van Teijn over polyamorie. Er ging een wereld voor me open, waarin ik zag dat je een relatie ook op een andere manier kunt vormgeven dan heteroseksueel en monogaam. Stapje voor stapje raakte ik meer geïnteresseerd in vrouwen.

Via datingapps als Feeld en op feestjes kwam ik in contact met vrouwen, met als doel een leuke connectie op te bouwen. In het begin was alles nieuw. Als ik nu met een dame afspreek, dat gebeurt eens in de zoveel maanden, zeg ik tegen mijn vriend: ‘Ik was gister met een leuke dame en zie haar volgende week weer.’

Mijn vriend en ik zijn al vijftien jaar samen. Ik was 16 toen ik hem ontmoette, hij is mijn jeugdliefde. Ik ben nog steeds erg gelukkig met hem en ik vind het fijn dat er in onze relatie ruimte voor is. Hij heeft er geen moeite mee, is er relaxed over, ook omdat ik altijd eerlijk ben en duidelijk communiceer. Ik heb hem echt meegenomen in mijn zoektocht. Familie en vrienden reageerden vaak geïnteresseerd: hoe doe je dat dan? Hoe geef je dat vorm? Is hij dan niet jaloers? Ik ben biseksueel. Het hoort bij mij, bij mijn seksualiteit – en dat kan ik niet negeren.’

Bart Laforce (52) woont in Amsterdam en Antwerpen en is architect. Hij heeft twee dochters en heeft een relatie met Morris.

‘Sinds tweeënhalf jaar heb ik een relatie met Morris, het gaat heel goed tussen ons. Maar af en toe heb ik spijt, een soort melancholisch gevoel: was ik maar eerder uit de kast gekomen.

Ik groeide op in een beschermde omgeving, in een chique buitenwijk van Antwerpen. Gays bestonden niet in mijn omgeving, ik had geen voorbeelden toen ik opgroeide en thuis aan tafel werden er denigrerende opmerkingen gemaakt over iedereen die niet heteroseksueel was. Ik deed wat er van me werd verwacht: studeren, een goede baan, een vriendin, trouwen en kinderen. Natuurlijk wist ik wel dat ik niet hetero was, dat wist ik al mijn hele leven, maar ik dacht dat ik daar nooit iets mee zou kunnen of willen doen.

Mijn vrouw ontmoette ik in 1993, we trouwden in 1999, we kregen prachtige kinderen en hadden samen een architectenbureau. Het was een fijne relatie, ik was ook verliefd op haar. Ik had een perfect leven, maar met de jaren groeiden mijn vrouw en ik uit elkaar. Ik werkte te hard, verwaarloosde mezelf en werd ongelukkig. Ik voelde dat ik een stuk van mezelf volledig opzijschoof, tegelijkertijd was ik loyaal aan mijn vrouw en kinderen.

In 2017 is de bom gebarsten. Naast een bore-out en burn-out ben ik begonnen met sporten en ben ik beter voor mezelf gaan zorgen. In dat jaar kreeg ik een fietsongeluk en kwam ik tot het besef dat ik het roer om moest gooien. Ik realiseerde me dat mijn werk en relatie op waren. Via vrienden ontmoette ik een Amerikaanse man op wie ik een crush kreeg.

Ik zei tegen mijn vrouw dat ik een werkafspraak had in Brussel, maar ben naar hem toe gegaan. Toen ik ’s nachts thuiskwam, had ze aangevoeld dat ik niet echt een werkafspraak had en vroeg ze: ‘Ben je gay?’ Ik antwoordde niet direct, waarop ze zei: ‘Je bent gay hè?’ Toen heb ik mijn verhaal verteld. Ze werd niet boos, maar was heel rustig en nieuwsgierig. We hebben de hele nacht gepraat. Ze heeft nooit de link gelegd dat ik op mannen val, maar ze voelde dat ik een verliefdheid aan het ontwikkelen was op die Amerikaanse man. Eerst zei ze nog dat ze ermee kon leven als ik af en toe seks zou hebben met een man, zodat we samen konden blijven. Maar voor mij ging het niet alleen over seks, voor mij ging het ook over dat de relatie met haar op was. Uiteindelijk is het met die Amerikaan niets geworden.

De kinderen vonden het heel erg dat hun ouders uit elkaar gingen, maar tegelijkertijd voelden ze ook dat het niet meer goed zat tussen ons. Mijn oudste dochter zei dat ze trots op me was dat ik voor mezelf koos. Ik denk dat de jongste zich er in het begin nog wel voor heeft geschaamd dat ik op mannen val. Inmiddels allang niet meer.

Tegen mijn ouders zei ik: ‘Ik heb besloten om te scheiden, en daarnaast wil ik laten weten dat als ik een nieuwe relatie begin, het hoogstwaarschijnlijk met een man zal zijn.’ Mijn vader reageerde niet. Ik zei tegen mijn moeder dat zij het altijd geweten moet hebben. Ze antwoordde: ‘Als ik heel eerlijk ben, durfde ik de vraag niet te stellen uit angst voor bevestiging.’ Mijn moeder heeft zich door de jaren heen bij de situatie neergelegd. Wat mijn vader denkt weet ik niet, want praten hebben we nooit echt gedaan.’

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next