GroenLinks-PvdA-leider Frans Timmermans hoopt dat het linkse blok alsnog een rol van betekenis krijgt in het nieuwe landsbestuur. Maar in zijn eigen achterban broeit het al maanden over Israëls optreden in Gaza. Zaterdag ontmoeten de flanken elkaar op het gezamenlijke partijcongres.
Het wordt koorddansen zaterdag voor Frans Timmermans. Zijn kansen zijn weliswaar een klein beetje gegroeid om alsnog het voortouw te nemen in de kabinetsformatie, nu de rechtse partijen er niet uit lijken te komen. Toch zullen momenteel maar weinigen in zijn schoenen willen staan.
Al maanden broeit het in de achterban van de linkse beweging. ‘Israël’ en ‘Gaza’ zijn woorden die sinds 7 oktober een zware lading hebben gekregen. Op het gezamenlijk congres, deze zaterdag in Apeldoorn, zal Timmermans al zijn stuurmanskunst nodig hebben om het binnenbrandje niet te laten uitgroeien tot een veenbrand.
In potentie vormt het conflict tussen Israël en Hamas inmiddels een splijtzwam voor de twee linkse partijen. Over het algemeen zijn de leden het over veel dingen met elkaar eens, maar op een zo gevoelig thema als het conflict in het Midden-Oosten liggen de denkbeelden soms mijlenver uiteen.
Over de auteur
Natalie Righton is politiek verslaggever van de Volkskrant.
Volg alles over de kabinetsformatie hier.
Het verschil in perspectief op het conflict blijkt uit de moties die leden deze week hebben ingediend voor het congres. Zo wil GroenLinks-lid Baukje Harmsma dat haar eigen partijbestuur zich ‘uitspreekt tegen het zionisme’, in haar ogen een ‘ideologie die als doel heeft om een staat exclusief voor Joodse mensen in Historisch Palestina’ te stichten.
Bij de PvdA is juist een motie ingediend die de focus op de andere kant van de medaille legt. Het lid Reshma Roopram roept haar PvdA-partijbestuur op ‘direct op te treden tegen eigen leden die antisemitische uitspraken doen’.
Ook bij moties van leden die nadrukkelijk de middenweg zoeken, zou de vlam zomaar in de pan kunnen slaan. Zo wil het lid Paul Smits dat de gezamenlijke GroenLinks-PvdA-fractie ‘opstaat tegen antisemitisme, moslimhaat en racisme’. Daar kan niemand tegen zijn, zou je denken.
Toch ligt ook hier frictie op de loer. Want het partijbestuur benadrukt in haar reactie: ‘We moeten ook erkennen dat in bepaalde gevallen kritiek op de staat Israël wel degelijk een antisemitisch element kan hebben. Bovendien mag je uiteraard kritiek hebben op de regering van Israël, maar het bestaansrecht van de staat Israël staat wat ons betreft nooit ter discussie.’
De onenigheid legt bloot dat er nog steeds sprake is van twee bloedgroepen binnen de linkse beweging. De PvdA is van oudsher een partij met sympathie voor Israël. PvdA-premier Willem Drees zat ooit gevangen in concentratiekamp Buchenwald en was daar getuige van het dramatische lot van de Joden. Mede hierdoor heeft hij Israël altijd een warm hart toegedragen. Al vaak is gememoreerd dat partijleider Joop den Uyl een foto van de Israëlische premier Golda Meir op zijn bureau had staan.
GroenLinks ziet zichzelf meer als een partij die is opgericht om te strijden tegen onderdrukking en racisme. De doorgaans wat jongere leden kijken daarom vaker door die bril naar het lot van de Palestijnen sinds de oprichting van de staat Israël.
Het cultuurverschil is niet in beton gegoten, maar op de flanken is het evident dat leden anders naar het conflict kijken. Het heeft ertoe geleid dat enkele partijprominenten hun lidmaatschap hebben opgezegd. GroenLinks-Kamerlid Kauthar Bouchallikht trok zich terug van de gezamenlijke Tweede Kamerlijst omdat ze vond dat haar partij te weinig oog had voor de context waarbinnen de aanslagen van Hamas plaatsvonden.
Oud-directeur Ronny Naftaniel van het Centrum Informatie en Documentatie Israël (Cidi) zei na vijftig jaar zijn PvdA-lidmaatschap omdat hij het ‘een klap in gezicht van de Joodse gemeenschap’ vond toen de nieuwe GroenLinks-PvdA-fractie opriep om de Israëlische president Herzog te weigeren bij de opening van het Holocaustmuseum.
Om nieuwe ongelukken te voorkomen, zal de partijtop de onderlinge verschillen zaterdag niet willen vergroten, maar juist proberen te verkleinen. En dus is er een motie van beide partijbesturen bedacht waarin gepoogd wordt om álle perspectieven te bundelen. Daarin worden ‘alle partijen opgeroepen om te de-escaleren’. Verder worden er tijdens het congres geen aparte discussiebijeenkomsten georganiseerd over het thema. Alleen tijdens de plenaire bijeenkomst krijgen leden kort de mogelijkheid om hun eigen motie toe te lichten of daarop te reageren.
Het gevolg kan zijn dat de discussie alsnog als een nachtkaars uitgaat. In dat geval kunnen de gesprekken de komende tijd weer worden toegespitst op Timmermans’ favoriete onderwerp: ‘de toekomst van de linkse samenwerking’. Al weken wordt door de partijtop op de trom geslagen over de keuze die hierover zaterdag wordt voorgelegd aan de leden: willen zij dat de alliantie tussen GroenLinks en PvdA doorgaat zoals nu, willen ze een fusie, of een gloednieuwe partij?
Zeker bij Timmermans is de hoop intussen springlevend dat het linkse blok alsnog een rol van betekenis krijgt in het nieuwe landsbestuur. Donderdag nodigde hij de VVD uit. Als de huidige formerende partijen er niet uitkomen en de VVD hem opbelt omdat ze het over een andere boeg willen gooien, ‘dan zal ik de deur niet dichtgooien’, aldus Timmermans.
Ook daarom zal hem er veel aan gelegen zijn om het debat in eigen kring niet te laten ontsporen. Ook zijn potentiële coalitiepartners volgen het zaterdag met belangstelling.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant