Ik heb het mijn hele jeugd jammer gevonden dat het geen oorlog was. Oorlog is de enige kans om te laten zien wat je werkelijk waard bent, het Laatste Oordeel in eigen hand te nemen. Zonder oorlog ging het niet, mijn generatie werd de kans ontnomen. Waarom was het geen oorlog? In wat voor wrede tijd was ik geworpen?
Oorlog en Vrede gaat over de veldtocht van Napoleon tegen Rusland in 1812. Maar voordat Tolstoj in de tweede helft van de roman eindelijk aan oorlog toekomt, laat hij in ruim zevenhonderd pagina’s zien hoe de Russen voor de aankomende slachting leefden, hoezeer mensen met invloed door zichzelf in beslag werden genomen. Ze hadden geen benul, probeerden geen benul te krijgen, keken zelfs een beetje neer op benul.
Schrijver Rutger Bregman vertelde eens dat hij zijn ideeën was tegengekomen in het werk van Flaubert, de 19de-eeuwse wereldschrijver. Een klein misverstand. Iedereen slaat voortdurend andermans ideeën als eigen op. In de evolutie is copyright een nieuw verschijnsel, onze hersenen zijn er niet aan gewend. Voor de vroege mens was het niet belangrijk wie riep: ‘Pas op, een beer!’ Voor hem telde slechts de inhoud.
Over de auteur
Peter Middendorp is schrijver en columnist van de Volkskrant. Van zijn hand verschenen onder meer de romans Vertrouwd voordelig en Jij bent van mij. Columnisten hebben de vrijheid hun mening te geven en hoeven zich niet te houden aan de journalistieke regels voor objectiviteit. Lees hier onze richtlijnen.
Oorlog en Vrede bezorgde me een bregmaniaanse sensatie. Tolstoj stelt daarin althans een vraag, die ik mezelf ook vaak stel: hoe komt het toch dat oorzaken bijna nooit gevolgen kunnen verklaren? Daar zijn ze toch voor? Maar nee, niks heb je aan ze. Je kunt zoveel oorzaken aandragen als je wilt, toch zal nooit iemand zeggen: nu begrijp ik waarom er zes miljoen joden moesten worden vermoord. Hadden wij ook gedaan in dat geval.
In oorlogsboeken valt altijd op hoeveel zin mensen iedere keer weer hebben in een frisse, vrolijke veldtocht, hoe diep het verlangen is zich te onderscheiden op het veld van eer. Legeronderdelen staan uren binnen het bereik van vijandelijke kanonnen te popelen, de helft is al dood of ligt te creperen, voordat ze het slagveld op mogen, juichend – hoera!
Oorlog wordt volgens Tolstoj bepaald door de handelingen van miljoenen, opgeteld. Niet door die van een paar hoofdrolspelers. Toch blijven we oorlog tot zijn ergernis begrijpen als de gevolgen van hun keuzen, van wat tsaar Alexander en zijn generaals zeiden, hoe Napoleon zich voelde in Borodino – niet lekker, blaasontsteking.
Er is niet naar hem geluisterd: de historicus Adam Zamoyski verklaart de oorlog ook nu nog als een schaakspel tussen hoofdrolspelers. Terwijl zijn boek 1812 op bijna iedere bladzijde bewijst hoe weinig invloed ze hadden. Niemand wist wat er gebeurde, geen plan kwam uit, geen order kwam aan. Beide legers zijn op beslissende momenten door sabotage en misverstand gered. De befaamde tactiek van de verschroeide aarde was helemaal geen tactiek, maar paniek.
Het tolstojaanse recept voor oorlog bestaat uit een oud conflict tussen Oost en West, genoeg mensen die er zin in hebben, een politieke bovenlaag die zich weinig aan werkelijkheid gelegen laat liggen en een rotsvast vertrouwen in eigen invloed – dat er altijd keuzen zullen zijn, die tot gewenste resultaten zullen leiden.
Mijn opa zei weleens: ‘Oorlog is het mooiste dat er is. Lekker de hele dag Duitsers schieten.’ En dan lachten we half, want hij meende het niet, en ook een beetje wel.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant columns