De rubriek Beeldvormers onderzoekt hoe een foto onze kijk op de werkelijkheid beïnvloedt. Deze week: het dorp Vesele in de regio Charkiv. Uit War is Personal van Julia Kochetova.
De winnende foto van de World Press Photo van vorig jaar werd gemaakt door fotograaf Evgeniy Maloletka bij een kraamkliniek in de door de Russen kapotgeschoten Oekraïense stad Marioepol. Een stervende hoogzwangere vrouw wordt afgevoerd op een brancard. Haar naam was Iryna Kalinina. De jury van de World Press Photo schreef dat de foto het zoveelste bewijs was van de ‘absurditeit en horror’ van de oorlog. Bovendien legde de fotograaf hier ‘de oorlogsmisdaden tegen Oekraïense burgers door Russische strijdkrachten’ vast.
Een jaar verder zijn we ook, cynisch geformuleerd, een oorlog verder. Afgelopen week won een foto van de Palestijnse fotograaf Mohammed Salem uit Gaza de hoogste eer in de nieuwsfotografie, met zijn foto van een vrouw die haar dode nichtje in haar armen houdt. De 5-jarige Saly is bij een Israëlisch bombardement omgekomen. De jury spreekt van een ‘zowel metaforisch als letterlijk beeld van onmogelijk te bevatten leed’. In dit geval wordt niet van oorlogsmisdaden gesproken, maar er wordt wel verwezen naar ‘de strijd van het Palestijnse volk en de 31.000 doden die in Palestina zijn gevallen’.
Over de auteur
Mark Moorman schrijft voor de Volkskrant over series, films, fotografie en populaire cultuur.
Maar ook dit jaar is Oekraïne een thema. Bij de ‘regionale winnaars Europa’ treffen we het bijzondere project War is Personal aan van de 29-jarige Julia Kochetova, in de categorie ‘Open Format’. Op haar website Kotcheteva.Rocks wordt snel duidelijk wat dit open formaat wat haar betreft inhoudt. Ze maakt foto’s, ze filmt, werkt samen met een tekenaar en een muzikant, en spreekt teksten in, die weer gebaseerd zijn op haar conversaties in WhatsAppgroepen. ‘Je vraagt me hoe het gaat? Er staat een tank in de voortuin.’
‘War is personal’, schrijft ze op haar site. ‘And it’s mine.’ Haar foto’s zijn op de rand van verslaggeving en poëzie, van dode lichamen in een plantsoen tot een platgereden zonnebloem in een tankspoor. Of zoals de foto op deze pagina, van een jongen die in een voortdurend betwist gebied de Oekraïense vlag probeert te planten. ‘Ik had gewild dat deze foto’s niet bestonden’, schrijft Kocheteva, en ze noemt zichzelf onderdeel van een generatie van revolutie en oorlog.
Op haar Instagramaccount (@seameer) gaf ze vlak na het bekend worden van de uitslag van de World Press Photo op donderdag 18 april aan dat ze dankbaar ‘in pijnlijke tijden’ was. ‘Voor iedereen die ik heb verloren. Voor iedereen die ik heb gevonden dankzij de oorlog. Voor alle Oekraïense strijders die mij en de hele wereld hebben beschermd sinds de Russische invasie van 2014.’
Julia Kochetova heeft ook een boodschap voor de oorlogsfotografen die de oorlog bij haar om de hoek en andere oorlogen verslaan. ‘Ik wil dat de Oekraïense oorlogsfotografie persoonlijk is. Geen foto’s uit een overvliegende drone. Geen panoramafoto’s van graven en kapotgebombardeerde straten. Probeer zo eerlijk mogelijk een persoonlijk verhaal te vertellen.’ En, als in een dialoog met de jury van de World Press Photo van deze en andere jaren: ‘Probeer niet de hele oorlog in één beeld te vangen.’
Terug naar de foto van de jongen en zijn worsteling met die geïmproviseerde vlag, die hij aan een tak heeft bevestigd en met moeite in de grond probeert te steken. Zijn gezicht blijft verborgen achter het dundoek. Een gebaar van de fotograaf die de identiteit van de jongen niet wil onthullen, vermoedelijk niet onverstandig in een gebied waar de frontlinies snel kunnen verschuiven. Op de achtergrond een huis dat oplicht in de lage zon. Misschien is dat het huis waar hij woont. ‘Emotionele beelden die het perspectief van de insider laten zien’, zegt de jury over het werk van Kocheteva.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant