Dat meldt EIS Kenniscentrum Insecten.
Zweefvliegen en bijen zorgen voor ongeveer drie kwart van de bestuiving van gewassen en wilde planten. Sinds bekend is dat het met de bijen niet goed gaat, is de Nationale Bijenstrategie in het leven geroepen. Daarin staat dat de achteruitgang van wilde bestuivers in Nederland in 2030 tot stilstand moet zijn gebracht.
Nu blijkt dat het aantal zweefvliegen nog harder achteruitgaat, moeten er veel meer maatregelen worden genomen, waarschuwt EIS. Als dat niet gebeurt, worden de doelen van de Bijenstrategie zeker niet gehaald.
De onderzoekers stellen vast dat de versnelde achteruitgang van zweefvliegen is begonnen rond 1992 en 1993. Dat was ook precies het moment van de grootschalige introductie van zogeheten neonicotinoïden als gewasbeschermingsmiddel. Die insecticiden hopen zich op in planten en bladluizen, die door de larven van een aantal soorten zweefvliegen worden gegeten.
Sinds deze middelen worden gebruikt, is het tempo waarin soorten zweefvliegen uitsterven bijna vijfmaal hoger dan in de jaren daarvoor, zegt EIS. Neonicotinoïden zijn inmiddels deels verboden, onder meer vanwege de bijensterfte.
Daarnaast dragen ook klimaatverandering, verdwijnen van leefgebied, droogte en stikstof bij aan de snelle achteruitgang van de zweefvlieg.
EIS heeft het nieuwe onderzoek in opdracht van de overheid uitgevoerd samen met statistiekbureau CBS. Het kenniscentrum heeft het rapport is ingediend bij het ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit. Dat moet met een Rode Lijst voor zweefvliegen in Nederland komen, maar het is volgens EIS nog niet bekend wanneer dat gaat gebeuren.
Source: Nu.nl algemeen