Onlangs gingen we naar Auschwitz. We waren in Krakau en je moet wel erg hardleers of zorgeloos zijn om je niet verplicht te voelen tijdens dat stedentripje het nabijgelegen Staatsmuseum Auschwitz-Birkenau te bezoeken.
De plaats, ooit de hel op aarde, is nu een toeristenfuik. Geldbeluste reisbureaus verkopen kaartjes, hoewel de toegang gratis is. Een dof ratelende gids spuwt voornamelijk getallen. Veel bezoekers misdragen zich, fotograferen elkaar jolig onder de poort met ARBEIT MACHT FREI en maken selfies in het van dood doordrenkte gebouw met de douches. Leuk voor op Insta.
Desondanks was het bezoek verpletterend.
Eén ding viel mij op, of liever gezegd mee. Er liepen veel schoolklassen rond, middelbare scholieren uit Duitsland, Frankrijk, Engeland, Spanje, Polen. Kinderen met alle mogelijke huidskleuren, met hoofddoeken, keppeltjes, hoodies. De pubers, die er niet allemaal uitzagen als lieverdjes, waren stil. Ze stompten en duwden niet, zoals gebruikelijk. Zwijgend luisterden ze naar de gids. Ontzet keken ze naar de bergen kinderschoentjes en afgeschoren haar. Naar de rijen foto’s, ook van kinderen zoals zij. Vermoord, omdat ze volgens machthebbers tot een verkeerde bevolkingsgroep hoorden. Sommigen huilden. Dit was echt gebeurd.
Hoogleraar holocausteducatie Marc van Berkel bepleit in het Nederlands Dagblad van 11 april dat iedere leerling minstens eenmaal een holocaustinstelling bezoekt. Goed idee. Een reis naar Auschwitz is niet altijd haalbaar, maar naar Westerbork wél. En een bezoek aan het Anne Frankhuis en Het Nationaal Holocaustmuseum ook. Daarmee wordt niet alle desinformatie die ze meekrijgen van huis of van sociale media in één klap bijgesteld. Maar dat de Holocaust geen verzinsel is, zal doordringen.
Het Centrum Informatie en Documentatie Israël (Cidi) registreerde vorig jaar een sterke toename van antisemitische incidenten. Op scholen werden vijf keer zoveel incidenten gemeld als in 2022. De meldingen namen toe na de terroristische aanval van Hamas op 7 oktober en de oorlog in Gaza. Het Cidi beschrijft dat Joodse kinderen de Hitlergroet krijgen, of ‘ga naar Auschwitz’ wordt toegeschreeuwd. Hartverscheurend. Demissionair minister Yesilgöz van Justitie en Veiligheid zei in haar reactie dat jongeren op school meer moeten leren over de Jodenvervolging. Zij hoort dat ‘dat docenten het heel lastig vinden’.
Dat is het ook. Houd je Holocaust-verhaal maar eens, in een klas waarvan je weet dat er haat smeult. Je moet je gesteund weten door de schoolleiding, die ook hard optreedt tegen discriminerende uitingen. Leraren weten dat kinderen vaak niet weten wat ze zeggen. Velen hebben ervaren dat schelden met ‘Hitler’, ‘vergassen’ of ‘kankerjood’ geheid reacties oproept. Of ‘terrorist’. Iemand moet ze uitleggen dat Joodse Nederlanders niet verantwoordelijk zijn voor de oorlog die Israël voert, en Nederlandse moslims niet voor de aanval door Hamas. En dat niet iedereen die verdrietig en kwaad is over het leed in Gaza een antisemiet is.
Wat op den duur helpt is meer geschiedenisonderwijs. Dat vak staat al jaren onder druk. In 2016 wilde de commissie-Schnabel het doodleuk afschaffen. Dat gebeurde niet, maar de meeste leerlingen kiezen het vak niet in hun profiel. Op het vmbo neemt het een marginale plaats in.
Geschiedenis is een onmisbaar vak. Het leert hoe we geworden zijn wie we zijn, wat de achtergrond is van alle machtsstrijd, bloedige gevechten en diepgewortelde haat. Vertel leerlingen over de complexe geschiedenis van het Midden-Oosten. Het is geen wondermiddel, maar het moet. Feiten zijn het enige tegengif tegen onwetendheid en vooroordeel.
Over de auteur
Aleid Truijens is schrijver en recensent en columnist voor de Volkskrant. Ze schreef romans en biografieën over F.B. Hotz en Hella Haase. Columnisten hebben de vrijheid hun mening te geven en hoeven zich niet te houden aan de journalistieke regels voor objectiviteit.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant