In Oostenrijk ontrolt zich het grootste spionageschandaal in de recente geschiedenis van het land. De Russische geheime dienst FSB blijkt diep te zijn geïnfiltreerd in de politie en veiligheidsdiensten, en gebruikt Wenen als uitvalsbasis voor operaties elders in Europa.
Wenen, de stad die tijdens de Koude Oorlog de reputatie van spionnennest genoot, wordt dezer dagen ingehaald door dit grimmige verleden. Al jaren verkopen Weense overheidsdienaren gevoelige informatie over Poetins vijanden aan Rusland. Waarschuwingen van de CIA werden jarenlang in de wind geslagen.
Nergens in Europa bakken ze hun intriges absurder en barokker dan in het Alpenland, dat van oudsher een scharnierpunt is tussen Oost en West. Maar de verontwaardiging daarover blijft meestal beperkt tot het Duitse taalgebied. Deze keer is dat anders, omdat er vanuit Wenen lijntjes lopen naar verschillende Europese landen.
Over de auteur
Sterre Lindhout is buitenlandredacteur voor de Volkskrant over Noord-Amerika, het Caribisch gebied en Suriname. Hiervoor was ze correspondent Duitsland.
En vanwege de mysterieuze rol van Jan Marsalek, de voortvluchtige topmanager van de frauduleuze Duitse financiële dienstverlener Wirecard. Eerder dit jaar onthulden onderzoeksjournalisten dat Marsalek, zelf een Oostenrijker, er een schaduwcarrière als Russische spion op nahield. Nu ziet het ernaar uit dat hij niet zomaar een agent was, maar eerder de verbindingsman tussen een heel Europees spionnennetwerk en zijn broodheren bij de FSB.
De man op wie de schijnwerpers in Oostenrijk nu gericht zijn, was waarschijnlijk een van Marsaleks trouwste handlangers. Egisto Ott, een 61-jarige voormalige medewerker van de binnenlandse veiligheidsdienst, werd op Goede Vrijdag, 29 maart gearresteerd in zijn villa in Villach, een schilderachtig Alpenstadje niet ver van de Sloveense grens. Het Oostenrijkse OM beschuldigt hem in een 86 pagina’s tellend arrestatiebevel van het bedreigen van de nationale veiligheid.
De informatie over Ott en zijn connectie met Marsalek is afkomstig uit ruim 80 duizend chatberichten waarop de Britse geheime dienst MI5 vorig jaar beslag legde bij het oprollen van een Bulgaars netwerk dat in Londen voor het Kremlin spioneerde. De chats zijn ingezien door onderzoeksjournalisten van onder andere de Duitse Spiegel en Süddeutsche Zeitung, de Oostenrijkse Standard en het kleine Weense tijdschrift Falter, dat al jaren excelleert in het aan het licht brengen van talrijke politieke schandalen in eigen land.
Ott wordt in Duitstalige media beschreven als een ‘typische Oostenrijker’: boerenslim, met een grote mond en een groot netwerk. De politieagent maakte in de jaren negentig snel carrière binnen het veiligheidsapparaat en schopte het tot verbindingsofficier in buitenlandse dienst, in Turkije en Italië. Aan vrienden mag hij nog steeds graag vertellen dat hij Paus Johannes Paulus II de hand heeft geschud.
Volgens het arrestatiebevel is Ott een man die zijn ego graag laat strelen, en op een gegeven moment gefrustreerd raakte toen hij geen promotie meer maakte. Ergens tussen 2012 en 2014 begon hij informatie te verkopen aan Rusland. Uit wrok wellicht, of vanwege het geld. Want hij zou in sommige jaren wel 90 duizend euro hebben verdiend aan zijn klussen.
Daarbij werkte Ott nauw samen met ten minste één collega, Martin Weiss, een man met een vergelijkbare biografie en leeftijd. Weiss woont sinds een paar jaar in Saoedi-Arabië, een land waarmee Oostenrijk geen uitleveringsverdrag heeft. In de chats zegt Marsalek dat hij Weiss daarheen heeft ‘geëvacueerd’.
Via via, waarschijnlijk vooral via Marsalek, kreeg Ott opdrachten uit Rusland om informatie in te winnen over vijanden van het Kremlin. Mensen als Christo Grozev, de Bulgaarse journalist die lang voor onderzoekscollectief Bellingcat heeft gewerkt en daar onder andere rechercheerde naar het neerschieten van de MH17. Grozev heeft ook hechte banden met het team van Aleksej Navalny. Nadat Ott in 2021 had uitgezocht waar Grozev met zijn gezin woonde, werd de journalist bedreigd en braken onbekenden twee keer bij hem in. Hij is inmiddels verhuisd.
Ott verkreeg de door Rusland gevraagde gegevens doorgaans onder het valse voorwendsel van terrorismeonderzoek. Ook won hij informatie in bij buitenlandse collega’s, gebruikmakend van potsierlijke deknamen als Giovanni Parmigiano.
Tot de meest lugubere vonst in de chats van de MI5 behoort de lijst met ‘verbetertips’, die Ott en Marsalek in 2019 samen opstelden na de door het Kremlin georkestreerde moord op de Tsjetsjeense man die in Berlijn op klaarlichte dag van zijn fiets werd geschoten. Ook stuitten de rechercheurs bij doorzoeking van Otts privételefoon op een foto met daarop het recept voor novitsjok, het dodelijke gif waarmee het Kremlin regelmatig mensen vergiftigt.
Toen de radicaal-rechtse en bijzonder pro-Russische FPÖ na de verkiezingen van 2017 in de Oostenrijkse regering kwam, zochten Ott en Weiss verdere toenadering tot de macht. Vooral de toenmalige minister van Buitenlandse Zaken Karin Kneissl zag het wel zitten met de mannen. Volgens Falter plande Kneissl een eigen veiligheidsdienst waarvan Ott het hoofd zou worden. Die plannen gingen in rook op toen de regering in 2019 voortijdig viel. Kneissl woont inmiddels in St.-Petersburg, waar ze leiding geeft aan een denktank van Poetin.
Het spionageschandaal is een blamage voor de Oostenrijkse regering en veiligheidsdiensten, die jarenlang internationale aanwijzingen in de wind sloegen, zodat de Russische infiltranten, als in een Duits gezegde, ‘ronddansten op de neus van de machthebbers’. De CIA kwam in 2017 al met bewijzen tegen Ott die daarop kort gevangen werd gezet. Na zijn vrijlating bij gebrek aan bewijs pakte hij zijn spionageactiviteiten direct weer op.
Een parlementaire onderzoekscommissie moet nu uitzoeken waar het is misgegaan. Maar een aantal oorzaken is al op voorhand aan te wijzen. Zo verkeerde het veiligheidsapparaat van Oostenrijk lange tijd in een crisis, veroorzaakt door een machtsstrijd tussen de FPÖ en de christen-democratische ÖVP. En volgens de Süddeutsche Zeitung waren er ook politici die Ott een hand boven het hoofd hielden, omdat ook zij gebruik hadden gemaakt van de ‘diensten’ van de spion. Van oudsher is de Oostenrijkse politieke cultuur er één van handjeklap en corruptie.
Een andere historische constante is de sterke connectie met Rusland. Na de capitulatie van het Derde Rijk in 1945, viel Oostenrijk binnen de Russische bezettingszone en werd de basis gelegd voor de nog altijd sterke economische relatie tussen de twee landen. Oostenrijk werd om die reden ook nooit lid van de Navo. Alles bij elkaar de ideale voorwaarden voor een spionageparadijs, toen en nu.
Toch lijken de Oostenrijkers door dit schandaal enigszins wakker geschud. Want voor het eerst lijkt er een politieke meerderheid te ontstaan voor het aanpassen van de omstreden spionagewet die illegale handel in informatie alleen strafbaar stelt als die schadelijk is voor Oostenrijk. Spioneren ten nadele van andere landen of organisaties is vooralsnog gewoon toegestaan.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant