Home

In de formatie is het ieder voor zich: de vier partijen praten nauwelijks nog met elkaar

Na bijna vijf maanden praten wil de liefde tussen PVV, VVD, NSC en BBB maar niet opbloeien. De vier zitten niet eens meer met elkaar aan de onderhandelingstafel. Komt dat kabinet er nog wel?

NSC-leider Pieter Omtzigt begrijpt dat het niet echt overkomt alsof hij momenteel een liefdevolle relatie aan het smeden is met Geert Wilders (PVV), Dilan Yesilgöz (VVD) en Caroline van der Plas (BBB). ‘Dat snap ik ja’, zei hij woensdagavond na afloop van weer een dag praten met de informateurs over de kabinetsformatie.

Maar wat Omtzigt betreft betekent de gebrekkige onderlinge chemie niet per se dat er een probleem is. ‘Politiek is geen liefdesrelatie. Politiek is dat je alle vier voor je eigen idealen gaat.’ Met die woorden vatte Omtzigt perfect samen waar de schoen momenteel wringt in de kabinetsformatie, volgens diverse betrokkenen: ieder gaat nog steeds voor zich, niemand voor het geheel.

Over de auteur
Natalie Righton is politiek verslaggever van de Volkskrant.

Volg alles over de kabinetsformatie hier.

Schrik

Niet alleen NSC wil graag de eigen stokpaardjes berijden, ook PVV, VVD en BBB kunnen zeker sinds deze week de drang niet meer weerstaan om hun eigen achterbannen uitbundig te laten zien waartoe zij op aarde zijn.

Zo gaat PVV-leider Wilders al dagen vol op het orgel met zijn islamkritiek. ‘Waarom importeren we nog meer islam, iedere dag opnieuw? Ik zeg stop, genoeg is genoeg!’, twitterde hij vrijdag. Een filmpje van biddende moslims in Den Haag werd donderdag voorzien van de tekst: ‘Nederland is Nederland niet meer.’

Het zijn teksten die Nederland gewend is van Wilders in verkiezingstijd, maar gedurende een kabinetsformatie is het gebruikelijker dat onderhandelingspartners de onderwerpen die gevoelig liggen bij de anderen een beetje mijden. ‘Comfort bieden’, noemde voormalig VVD-leider Mark Rutte dat.

Het tegenovergestelde lijken de huidige formerende partijen te doen. Woensdag concludeerde BBB-leider Van der Plas tot haar eigen schrik dat ze lijnrecht tegenover VVD en NSC blijkt te staan in het mestdebat. Donderdag vlogen NSC en PVV elkaar in de haren tijdens een Kamerdebat over de toekomst van de publieke omroep.

Doorbraak forceren

Ook aan de onderhandelingstafel verloopt de boel stroef. ‘Iedere dag is er wel een hobbel’, aldus Wilders woensdag voor de camera’s. De vraag of hij positief gestemd is over de formatiegesprekken, noemde hij ‘ingewikkeld’.

Om een doorbraak te forceren, hebben de informateurs Richard van Zwol en Elbert Dijkgraaf eerder deze week hun toevlucht gezocht tot een ‘biechtstoelprocedure’: de partijleiders zijn één voor één opgeroepen voor een gesprek. Daar moesten ze los van elkaar vertellen waar ze bereid waren om water bij de wijn te doen en waar ze hun poot stijf zouden houden. De informateurs hoopten zo te ontdekken welke mogelijkheden er wél zijn om nader tot elkaar te komen.

Vooralsnog is de gewenste doorbraak niet bereikt. De vier partijleiders hebben alleen woensdagavond heel kort bij elkaar gezeten, nadat een door de informateurs opgesteld compromis over het verdelen van de centen was afgeschoten. Het vertrouwen om met elkaar aan de slag te gaan blijkt ook nu nog ver te zoeken.

Rampenkabinet

De geschiedenis leert dat een kabinetsformatie in deze fase niet per se hoeft te klappen. Maar de voortekenen zijn ongunstig. ‘Als je eerst met zijn vieren bij elkaar zit om tot een hoofdlijnenakkoord te komen en daarna weer een-op-een met de partijleiders gaat praten, verloopt het kennelijk toch allemaal niet zo eenvoudig’, zegt emeritus hoogleraar parlementaire geschiedenis Carla van Baalen (Radboud Universiteit). Frans Weisglas, die als oud-Kamervoorzitter meerdere formaties van nabij meemaakte, zegt: ‘Daaruit zou je kunnen afleiden dat er op dit moment niet genoeg vertrouwen is in elkaar.’

Een biechtstoelprocedure kan soms vruchten afwerpen, blijkt uit eerdere formatiepogingen. In 2021 kwamen de winnende partijen er aanvankelijk ook niet uit. Totdat toenmalig informateur Johan Remkes besloot om de onderhandelaars apart van elkaar bij zich te roepen, waarna hij concludeerde dat D66 ‘in het landsbelang’ toch wel met de ChristenUnie in een kabinet wilde stappen. Zo werd Rutte IV geboren.

Maar een succesvolle samensmelting hoeft niet te betekenen dat er ook een succesvol kabinet komt, vertelt Van Baalen. Het onderlinge vertrouwen bij kabinet-Rutte IV werd nooit groot. En verder in het verleden kreeg Dries Van Agt in 1981 na een zeer stroef verlopen formatie weliswaar zijn gewenste tweede kabinet, maar dat viel al voordat het überhaupt de regeringsverklaring had voorgelezen in de Tweede Kamer. ‘De boel werd weer gelijmd, maar het kabinet is de geschiedenis ingegaan als het rampenkabinet.’

Veeg teken

Natuurlijk kan het allemaal nog goedkomen, ook daarvan zijn voorbeelden genoeg in het verleden, merkt Van Baalen op. Kijk naar 1994: toen verliep de formatie aanvankelijk zo stroef dat de boel uit elkaar klapte, waarna verkiezingswinnaar Wim Kok (PvdA) in zijn eentje een regeringsprogramma is gaan schrijven. Andere partijen konden daar vervolgens op intekenen. Dat deden zijn voormalige formatiepartners ook. Het werkte. Kabinet-Kok I werkte vervolgens prettig samen.

Weisglas kan en wil het niet geloven. Een veeg teken vindt hij dat verkiezingswinnaar Wilders momenteel hardnekkig de polarisatie blijft zoeken via sociale media. ‘Met beledigende uitspraken over moslims wekt hij de indruk dat hij zijn onderhandelingspartners niet wil paaien, maar juist aanstuurt op nieuwe verkiezingen die hij zelf denkt te gaan winnen.’

Volgens Weisglas is de formatie zo bezien eigenlijk al mislukt: ‘Slechts de angst voor verkiezingen bij de andere drie partijen verhindert dat men daaraan al toegeeft.’ Het is een gedachte die zelfs de onderhandelingspartners achter de schermen weleens uiten.

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next