Home

De Jonge speelde belangrijke rol bij ‘redelijk tot goed’ verlopen inkoop coronavaccins

De inkoop van vaccins verliep tijdens de coronacrisis ‘redelijk tot goed’. De betrokkenheid van toenmalige minister van VWS Hugo de Jonge speelde daarbij een belangrijke rol, blijkt uit een onderzoek van de Rekenkamer.

Het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport wedde tijdens de inkoop van vaccins met succes op meerdere paarden, vertolkte in Europa een aanjagersrol in het sluiten van contracten, wist uiteindelijk cruciale kennis over het productieproces aan te trekken en hield ook toen de crisis op haar hevigst was oog voor de positie van armere landen.

Dat zijn de belangrijkste conclusies van een onderzoek van de Rekenkamer naar de inkoop van vaccins tijdens de pandemie. Niet eerder viel een rapport van de onafhankelijke toezichthouders over het beleid tijdens de coronacrisis zo positief uit. Dat geldt eveneens voor het oordeel over het functioneren van de toenmalige minister van VWS, Hugo de Jonge, bij het ‘redelijk tot goed’ verlopen proces. ‘De minister heeft ook in persoon een belangrijke rol gespeeld’, concludeert de Rekenkamer.

Over de auteur
Frank Hendrickx is politiek verslaggever en onderzoeksjournalist van de Volkskrant.  

Volg alles over de kabinetsformatie hier.

Vanzelfsprekend was die uitkomt allerminst, blijkt uit het rapport. Het ministerie van VWS had geen noodscenario’s klaarliggen en ontbeerde kennis over het productie- en leveringsproces bij vaccins – een lacune die nooit helemaal werd gedicht tijdens de pandemie.

Uit het rapport van de Rekenkamer valt op te maken dat De Jonge zich vanaf het moment dat hij de taken van de door oververmoeidheid uitgevallen minister voor Medische Zorg Bruno Bruins moest overnemen intensief bemoeide met het verwerven van vaccins. Hij liet zich in appgroepen voortdurend bijpraten door ambtenaren, hakte knopen door, overlegde effectief met Europese collega’s en bleef oog houden voor het hoofddoel: het zo snel mogelijk beschikbaar krijgen van effectieve en veilige vaccins als uitweg uit de pandemie. Financiële overwegingen en bezwaren van juristen speelden daarbij een ondergeschikte rol.

De coronagezant en ex-DSM-topman Feike Sijbesma ontpopte zich bij de inkoop als een belangrijke ondersteunende kracht. ‘Sijbesma bracht iets waarover het VWS-vaccinteam niet of weinig beschikte: hooggeplaatste contacten in de markt van relevante vaccinontwikkelaars en -producenten, én kennis van het proces van productie en levering.’

‘Pijnlijk incident’

De Rekenkamer meent wel dat VWS eerder oog had moeten hebben voor ‘de schijn van belangenverstrengeling’ bij Sijbesma. Een broer van de ex-DSM-topman bekleedde een hoge functie bij AstraZeneca, een van de producenten waarmee werd onderhandeld. Een Duitse topambtenaar vroeg uiteindelijk naar de familiebanden tussen de speciale gezant van VWS en de broer bij AstraZeneca. Volgens de Rekenkamer was dat ‘een pijnlijk incident’.

Tegelijkertijd merkt de financiële toezichthouder op dat er geen aanwijzing is van daadwerkelijke belangenverstrengeling. Integendeel: Sijbesma was volgens de onderzoekers kritisch over de Duitse focus op AstraZeneca. Het vaccin van AstraZeneca was ook ‘relatief goedkoop’ en werd ‘tegen kostprijs’ aangeboden aan EU-landen.

Kopgroep

De Rekenkamer is ook opvallend positief over de zogenoemde kopgroep die Nederland korte tijd samen met Italië, Duitsland en Frankrijk vormde. De Jonge, die intensief contact had met de Duitse minister van Volksgezondheid, hoopte via de zogenoemde Inclusieve Vaccin Alliantie (IVA) de stroperige aanpak van de EU te doorbreken door zelf contracten met producenten af te sluiten. Uiteindelijk stuitte het initiatief op verzet van andere EU-landen en nam de Europese Commissie de onderhandelingen met de fabrikanten over van de vier koplopers.

Eerder werd het initiatief daarom in de Volkskrant beoordeeld als een ‘diplomatieke sof’ die weinig resultaat opleverde, maar de Rekenkamer meent dat de IVA wel degelijk heeft geleid tot meer urgentie in Brussel. ‘Het is zeer aannemelijk dat het optreden van de IVA – hoe verschillend hier ook over geoordeeld kan worden – heeft gefunctioneerd als een breekijzer om sneller een gezamenlijk Europees aankoopprogramma voor vaccins op te zetten. Nederland heeft dus met effectieve internationale interventies bijgedragen aan een versnelling van de aanschaf van vaccins.’

Vaccins voor Suriname

De wens om de eigen bevolking te beschermen voerde bij VWS vaak de boventoon, maar het ministerie bleef ook oog houden voor de belangen van kwetsbare landen. Minister De Jonge zette er zich bijvoorbeeld persoonlijk voor in om Suriname van vaccins te voorzien. Het land dreigde tussen wal en schip te vallen, omdat het niet arm genoeg was om gratis vaccins te krijgen en niet rijk genoeg om ze zelf in te kopen. Na een eerste mislukte poging doneerde Nederland in 2021 uiteindelijk 228.000 vaccins. Hoewel de fabrikant formeel eerst toestemming moest geven, wachtte De Jonge dat in één geval niet af. De toestemming kwam pas toen de vaccins al in Suriname waren.

Hoewel het oordeel van de Rekenkamer overwegend positief is, beklaagt de onafhankelijke toezichthouder zich over het gebrek aan transparantie bij VWS. Het ministerie, dat eerder ook al om dezelfde reden door het Adviescollege Openbaarheid en Informatiehuishouding (ACOI) op de vingers is getikt, leverde mails en chatverkeer zwartgelakt aan. Pas na protest en met vertraging kreeg de Rekenkamer alsnog toegang tot de onleesbaar gemaakte passages. ‘Die bleken wel degelijk relevante informatie te bevatten’, aldus de Rekenkamer.

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next