Het voorstel van GroenLinks-PvdA om Nederlandse zorgverleners de abortuspil te laten voorschrijven aan vrouwen in het buitenland, lijkt te gaan sneuvelen in de Tweede Kamer. Een meerderheid had maandag vooral kritiek op het plan.
Met het initiatief hoopt GL-PvdA vrouwen binnen de EU te voorzien van een veilig alternatief in situaties waarin abortus niet toegankelijk is. Een op de tien abortussen in Nederland wordt al uitgevoerd bij een vrouw uit het buitenland. Maar de afstand en de kosten kunnen een hindernis zijn. Soms voelen vrouwen zich daarom genoodzaakt in eigen land voor illegale en onveilige abortussen te kiezen. Vrouwen zouden sneller en veilig geholpen kunnen worden als ze een telefonisch consult kunnen krijgen en de abortuspil per post naar hen toekomt.
In enkele Europese landen is abortuszorg praktisch niet beschikbaar binnen de gezondheidszorg. In Polen bijvoorbeeld blijft abortus zelfs illegaal als ernstige afwijkingen bij het ongeboren kind worden vastgesteld. GroenLinks-PvdA-Kamerlid Elke Slagt-Tichelman denkt dat Nederlandse zorgverleners ‘op afstand’ uitkomst kunnen bieden. Met haar initiatiefwet zou die weg legaal worden.
Veel steun kreeg zij maandag, bij de eerste behandeling van het voorstel, echter niet. Alleen D66 sprak zich duidelijk uit voor het plan. De christelijke partijen keerden zich tegen het voorstel, maar ook PVV, VVD en Pieter Omtzigts NSC uitten vooral hun zorgen, bijvoorbeeld over de mogelijke diplomatieke gevolgen. Hoewel Slagt-Tichelman denkt dat ze met haar initiatief binnen de kaders van de Europese en Nederlandse wetgeving opereert, erkende zij dat diplomatieke gevolgen niet kunnen worden uitgesloten. SGP-Kamerlid Diederik van Dijk waarschuwde tegen politieke inmenging en benadrukte dat ‘abortus een nationale aangelegenheid is’.
Slagt-Tichelman wierp tegen dat sinds april 2023 de ‘beleidsregel voorschrijven via internet’ van kracht is, waardoor geneesmiddelen al kunnen worden voorgeschreven zonder dat de zorgverlener de patiënt fysiek heeft ontmoet. Dit voorstel ligt in het verlengde hiervan, vindt zij. Het is in Nederland ook al mogelijk om vroege abortuszorg te ontvangen, waarbij abortuspillen na een digitaal consult aan patiënten kunnen worden verstrekt. D66-Kamerlid Wieke Paulusma, die tijdens haar werk in de zorg gedurende de coronapandemie heeft gezien dat deze werkwijze succesvol werd gehanteerd, denkt dat Nederland juist ‘beschikt over de expertise en ervaring om dit efficiënt aan te pakken’.
Bijval kwam ook van Pia Dijkstra, demissionair minister van Volksgezondheid namens D66. Zij stelde dat ‘vrouwen door beperkte toegang tot de abortuszorg moeten uitwijken naar illegale of gevaarlijke methoden’. Zij refereerde aan de veertigduizend jaarlijkse sterfgevallen onder vrouwen wereldwijd die een onveilige abortus hebben ondergaan. Ook vroeg zij aandacht voor de ‘ondraaglijke psychische last’ die vrouwen met zich meedragen als zij worden gedwongen onbedoelde en ongewenste zwangerschappen uit te dragen.
Veel partijen bleken echter niet overtuigd. VVD-Kamerlid Sophie Hermans was het niet eens met het idee dat de Nederlandse regering zich mengt in het debat van andere landen, maar benadrukte wel dat de focus moet liggen op het waarborgen van abortuszorg in Nederland voor vrouwen uit het buitenland. ‘Abortuszorg is al toegankelijk voor vrouwen uit het buitenland.’
Namens de VVD – intern vaak verdeeld over medisch-ethische kwesties – concludeerde zij dat er nog te veel onduidelijkheden zijn om in te kunnen stemmen met de initiatiefnota. Daarmee is een meerderheid vooralsnog ver uit zicht.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant